burning issue
links
PV-systeem
basics
grafieken
graphs
huurwoningen
nieuws
index
 

SOLARENERGYERGY

Brand en zonnepanelen - algemene sectie

Een historisch overzicht

Verzameld, updated, en van commentaar voorzien door Peter J. Segaar / www.polderpv.nl

 

Inhoud:

Introductie

Nieuwe berichtgeving, analyses en commentaren "brand en zonnepanelen"

Resultaten vooronderzoek Instituut Fysieke Veiligheid

Incidenten overzicht Nederland & buitenland (selectie) >> zie aparte pagina

Informatie vakpers

Oudere publicaties

Oplossingsrichtingen

Eerste uitgebreidere bericht over "brand en zonnepanelen" op de website van Polder PV

Berichtgeving en bronnen, n.a.v. eerste artikel van 17 augustus 2010

Laatst toegevoegd alhier


Introductie

Op 17 augustus 2010 postte ik in mijn time-line op de toen al 6 jaar bestaande Polder PV website een wat langer bericht over de eerste meldingen rond het thema "brand en zonnepanelen", zie ook het van deels aangepaste links voorziene bericht elders op deze pagina. Het was destijds een klein micro stormpje in een glas water, vol onbegrip en onkunde. Maar dat heeft, vanwege de extreme uitbouw van nieuwe PV capaciteit in Nederland sedert met name 2018 beslist een "maatschappelijk actueel" vervolg gekregen. Al blijft de (technische) onkunde op het gebied van zonnestroom nog steeds endemisch, wat regelmatig tot soms belachelijke en incorrecte stellingnames leidt, in de nationale pers uitingen. Polder PV volgt ook dit dossier al vele jaren, zeker in de begintijd als enige, gedetailleerd op de voet, mede vanwege een serie uitgebreide artikelen in het eerste decennium van de 21e eeuw over het thema in het Duitstalige vaktijdschrift Photon. Sedertdien heeft Polder PV een forse verzameling "incidenten en brand bij / rond zonnepanelen" geïnventariseerd, wat ten tijde van publicatie al wat groter was dan dat getoond in een (betaald) TNO onderzoek in april 2019. Ook werden al jaren de toenemende berichten over branden op objecten met zonnepanelen bijgehouden in een link overzicht met, waar nodig, commentaar. Alsmede de politieke reacties daar op.

We moeten hierbij blijven benadrukken, dat het aantal branden in/op objecten met zonnepanelen nog steeds compleet in het niet valt bij de totale hoeveelheid branden in Nederland ("waar hebben we het over ?"). Maar, om ex-voorzitter Baarsma van de branche organisatie Holland Solar te citeren, het natuurlijk ook zo is, dat elke brand er een teveel is. Zélfs als we weten, dat de feitelijke oorzaak van "een" brand vaak niet eens bij de PV generator of de daar aan gekoppelde bedrading ligt. Vanwege het extreem toegenomen aantal panden met zonnepanelen, is de kans natuurlijk aan het toenemen dat er ooit iets mis zal gaan, maar de brand kan altijd een interne oorzaak hebben (gehad) die niet bij het PV systeem ligt. Hier wordt zelden tot in detail (of helemaal niet) over gerapporteerd, dus het aantal "incidenten" zal sowieso overschat zijn, waar het een oorzakelijk verband betreft tussen "brand" en "aanwezigheid zonnepanelen". Die dingen liggen gewoon op het dak, en als er brand in het pand uitbreekt vanwege een andere oorzaak, en de PV generator loopt ook (dramatische) schade op als gevolg van die brand, is er geen enkele relatie tussen die twee zaken. Het is goed om te beseffen dat een "oorzakelijk verband" zelden met hard bewijs wordt overlegd. Wat beslist niet uitsluit, dat er wel degelijk incidenten zijn geweest (en nog zullen komen), waar de PV generator de oorzaak zal blijken te zijn.

In ieder geval kwam het thema brand en zonnepanelen de afgelopen jaren wel in een versnelling. Met name vanwege een opvallend aantal branden bij zogenaamde "in-dak systemen" (onder de generieke noemer BIPV, "building integrated photovoltaics", vallend). Waar Polder PV al in een vroeg stadium voor heeft gewaarschuwd, dat daar zeer goed gekeken naar moest worden. Want het zijn de meest risico gevoelige installaties, omdat de connectoren daar zo'n beetje tussen het dakbeschot en/of vlak bij het isolatie materiaal liggen. De trend in Nederland is steeds meer "esthetische" toepassingen, zoals hele huizenblokken met uniforme PV vlakken. Vaak in de huursector, die immers over grote volumes van dergelijke "straten vol gelijkvormige eengezinswoningen met zadeldak" beschikt. Dat zijn vaak installaties waar niet eens meer dakpannen onder de panelen liggen, en daarvan moeten we uitgaan, dat ze voor de volle honderd procent failproof gebouwd zullen moeten worden. Zeker waar het de "zwakke schakels" betreft: de connectoren moeten absoluut goed zijn, mogen niet van verschillende merken zijn, en mogen uitsluitend professioneel, met hulp van het correcte gereedschap, worden aangesloten. Hier gaat het veel te vaak fout, met zogenaamde "DC-arcs", vonken, en resulterende, persistente vlambogen tot gevolg, met alle ellende van dien. Daar moet dus tegen worden opgetreden. Als hier te makkelijk over wordt gedacht, en het installatiewerk niet streng verplicht, en gecertificeerd gekeurd wordt, kunnen we meer problemen op dat gebied gaan verwachten. Dat wil neem ik aan niemand voor zijn / haar verantwoording nemen. Gelukkig beweegt de sector inmiddels ook richting strengere opleidingen en verplichte keuringen, iig bij grotere objecten. En hopelijk vooral ook bij de zogenaamde BIPV installaties in de residentiële sector, inclusief de "NOM" (nul op de meter) trajecten. Laten we hopen dat dat de standaard gaat worden. Nederland verdient het. Zonnestroom is te mooi, en te kostbaar, om dat aan beunhazen over te laten.

Veel plezier bij het bekijken van dit historisch overzicht. Mocht u info en/of "zonnepanelen en brand" incidenten missen, schroom niet om deze, met de correcte url / link, naar Polder PV te sturen.

Peter Segaar / www.polderpv.nl

Leiden


Nieuwe berichtgeving, analyses en commentaren "brand en zonnepanelen"

Met name n.a.v. diverse branden in panden met zonnepanelen in NL in 2018 en later: algemeen en gerelateerd nieuws. Recentste algemene bericht bovenaan; zie ook de naar een aparte pagina verplaatste, uitgebreide incidenten lijst.


Juni 2022. InVeZo legt basis voor intrinsieke brandveiligheid zonnepanelen van nu en morgen. Solar Magazine 13(3) / juni 2022: p. 45. Artikel over TKI project InVeZo, waarin onderzoek wordt besproken om zonnepanelen "intrinsiek veiliger" te maken, met name de nieuwe generaties PV modules. Zonnepanelen zijn door de bank genomen beslist "veilig", bij goed geïnstalleerde PV-systemen is brandgevaar vrijwel uitgesloten (behalve bij externe oorzaken niet veroorzaakt door de installaties zelf). Wel zijn er aandachtspunten, voor nieuwe generaties PV modules. Die gaat dit onderzoek bij de horens vatten.


3 juni 2022. Steeds meer branden met zonnepanelen betekenen gevaar voor volksgezondheid. Hartvannederland.nl. Nogal fors aangezette titel, die zwaar overtrokken is als we het aantal branden met "problematische gevolgen", waar onder de al door NIPV gevonden "7 branden met depositie" (zie bespreking verderop), in al die jaren, afzetten tegen de eind 2021 al 1,7 miljoen geaccumuleerde PV installaties volgens de laatste cijfers van het CBS. Er wordt met name ingegaan op de reeds eerder uitgebreid gedocumenteerde gevolgen van de brand "met depositie" bij een pompoenkwekerij in het Gelderse Erichem. Ook na de eerste grote opruimings-acties van uit de rookkolom op de omgeving neergedaalde scherven en andere verbrande materialen van dak en mogelijk inhoud van de loodsen, met een combi maaier / "stofzuiger", blijven dergelijke deeltjes teruggevonden worden, anderhalve maand na de grote brand. Vooral de scherven van de zonnecellen zouden problematisch zijn, maar ik heb nog niet van "gezondheidsschade" voor dier of mens gehoord, in de omgeving van de paar gevallen waar "deposities" zijn gesignaleerd.

Als potentiële oorzaak van de brand worden "cowboys" op de markt genoemd, maar die zijn er altijd al geweest (zonder grote brand incidenten). Bovendien zal óók een grote brand die in het geheel niet door een "perfect geïnstalleerd PV systeem door een gecertificeerd, ervaren installateur" is veroorzaakt, onherroepelijk vergelijkbare gevolgen hebben, als de condities "gunstig" zijn voor flinke deposities (denk aan harde wind, en een grote brand, met flinke convectie tot gevolg). Daar helpt geen predikaat "erkend installateur" tegen. Ook keurmerken worden niet als oplossing gezien, omdat insiders het vaststellen en verstrekken daarvan al "commerciële business" noemen. Of toepassing van de gesuggereerde glas-glas panelen in alle gevallen soelaas zal gaan bieden is nog beslist geen bewezen suggestie.

Ondertussen lijkt alle rommel bij de getroffen pompoenteler te zijn geruimd, met een herbouwd bedrijf kan binnen enkele weken weer met de bedrijfsvoering worden gestart, ook met medewerking van de verzekering. En, het zal u wellicht niet verbazen, de eigenaar beaamt, dat er zeker weer een (flinke ?) PV generator terug gaat komen op de nieuwe loodsen ...


29 maart 2022. Brandveiligheid PV-panelen op platte daken. Bouwtotaal.nl. Een wat diepgravender stuk met citaten uit onderzoek naar brandveiligheid van platte daken in relatie tot zonnepanelen. Een van de opvallende conclusies op basis van brand testen aan zowel bitumineuze dakbedekkingen (KIWA-BDA), als daken met polyurethaan hardschuim of EPS isolaties (Efectis Nederland), in samenwerking met betreffende branche organisaties, is dat "dat het niet uitmaakt welke dakbedekking wordt toegepast". In andere bewoordingen, "de opbouw van de dakbedekkingsconstructie is niet de oplossing voor (beperking van) het brandrisico van daken met PV-panelen".

Bovendien zou bij de testen op bitumineuze daken bij toepassing van klassieke glas / backfoil panelen of glas-glas PV modules relatief weinig verschil worden gevonden in het tempo waarbij een brandhaard zich zodanig via de dakbedekking uitbreidt, dat de brand moet worden geblust. Dat zou in het eerste geval binnen 4 tot 5 minuten zijn, in het geval van glas-glas panelen tussen de 5 en 8 minuten.

Efectis ziet vanuit brandveiligheid meer soelaas in het beperken van de maximale omvang van een cluster panelen, de oriëntatie van de PV-modules, compartimentering van het dak, en een afscherming tussen de panelen en de dakbedekking. Ze komen tot een lijst aan aanbevelingen om de brandveiligheid te verhogen in relatie tot de aanwezigheid van (of plannen voor) een PV generator:

  • Schakelkast op onbrandbare ondergrond. Bij brand in een schakelkast kan een brand zich van daaruit ontwikkelen over het oppervlak van het dak. Plaats de kast daarom op een onbrandbare ondergrond, zoals betontegels. Rondom de kast kan bijvoorbeeld met twee stroken betontegels van 30 x 30 cm het dakoppervlak afgeschermd worden, zodat de eerste brandontwikkeling wordt beperkt.

  • Brandwerende voorziening kabelgoot. Vanuit de schakelkast zal de brand zich als gevolg van een kortsluiting in de kabels vrijwel altijd in de richting van de zonnepanelen ontwikkelen. Zorg daarom dat de kabels vrijgehouden worden van het dakoppervlak en er bij voorkeur een brandwerende voorziening aangebracht wordt tussen de kabelgoot en het dakoppervlak. Dit kan door de kabelgoot bijvoorbeeld op een strook betontegels te plaatsen. Van de talloze grote plat dak projecten waarvan Polder PV fotomateriaal heeft gezien, is het al standaard, dat van draadgoten gebruik wordt gemaakt, die "verhoogd", dus op enige afstand van het dakoppervlak, zijn gemonteerd op staanders.

  • Metalen ondersteuningsconstructies. Om de brandontwikkeling met name onder de panelen zoveel mogelijk te beperken, zou het gebruik van kunststoffen in de ondersteuningsconstructie van de zonnepanelen beperkt kunnen worden. Gebruik van metalen ondersteuningsconstructies beperkt de ontwikkeling van de brand. Voetnoot Polder PV: gebruik van kunststoffen is slechts bij een zeer beperkt aantal leveranciers (consoles) een issue. Het overgrote merendeel van de plat dak installaties in Nederland wordt op metalen frames aangebracht.

  • Voldoen aan testmethoden en normen. De NEN-werkgroep ‘Brandveiligheid van PV-panelen in en op de gebouwschil’ werkt aan een systeem dat meer duidelijkheid geeft over de relatie tussen het effect van een potentiële brand en de kans op deze brand. Aansluitend op de huidige testmethodes adviseert Efectis om de dakconstructie ten minste te laten voldoen aan de in België voor dakafdichtingen verplichte EU-klasse Broof (t1), in overeenstemming met EN 13501-5 (Brandclassificatie van bouwproducten en bouwdelen) of aan de classificatie niet brandgevaarlijk conform NEN 6063 (Brandgevaarlijkheid dak bij vliegvuur). Daarnaast is er NEN 7250; de norm voor de integratie van zonnepanelen en zonnecollectoren (zonneboilers) in gebouwen. Deze norm is niet aangewezen in het Bouwbesluit, maar toepassing wordt aanbevolen.

  • Ballast onder zonnepanelen. Voor een dak voorzien van ballast adviseert Efectis om het grind, of als alternatief betontegels, ook onder de zonnepanelen aan te brengen om zo de aanstraling van de dakbedekking te voorkomen en verdere brandontwikkeling te beperken. Een andere mogelijkheid is om tussen de zonnepanelen en het dak een plaat aan te brengen waardoor directe warmtestraling naar en vlamcontact met de dakbedekking voorkomen wordt. Voetnoot Polder PV: de meeste grote platte daken die in Nederland voor PV worden toegepast hebben geen grind noch tegels (behalve voor looppaden indien van toepassing), vaak is dat om redenen van draagkracht bij de soms enorme overspanningen van dergelijke daken.

  • Afstand tussen zonnepanelen en doorvoeren en daklichten. Ongeacht het toegepaste type isolatie kan er uitbreiding naar binnen toe plaatsvinden via doorvoeringen, openingen in de dakplaat en via daklichten en lichtstraten. Rondom daklichten en doorvoeringen adviseert Efectis daarom de zonnepanelen op een voldoende veilige afstand te plaatsen. "Voldoende" wordt hier echter niet gedefinieerd of gekwantificeerd (zie echter "vervolg onderzoek" onderaan).

  • Barrière bij geperforeerde dakplaat. Wanneer een geperforeerde dakplaat is toegepast in combinatie met bij brand smeltende materialen kan er een open verbinding ontstaan tussen de zonnepanelen en de binnenruimte. Er bestaat dan een kans op branduitbreiding naar binnen. Bij toepassing van een geperforeerde dakplaat adviseert Efectis om een barrière aan te brengen, waardoor een brandwerend dak ontstaat en geen risico van branduitbreiding naar de binnenruimte plaatsvindt. Gedacht kan worden aan het aanbrengen van een vlamdichte plaat tussen zonnepanelen en dak of een brandwerende beplating aan de onderzijde van de isolatie of aan de onderzijde van de dakplaat.

Efectis noemt in haar analyse nader onderzoek naar 8 branden op industriële daken, die, op een na (inmiddels toegevoegd), reeds eerder door Polder PV in zijn incidenten lijst waren opgenomen (zie links onder naam gemeente). Het ging hierbij om branden in Denekamp (2016), Ede (2017), Opmeer (2018), Amsterdam (2019), Dieren (2019), Buitenpost (2019), Wateringen (2020) en Elst (2021). Over een brand in Den Bosch (2020) was volgens Efectis onvoldoende informatie beschikbaar. Polder PV heeft in zijn incidenten lijst nog meer branden bij PV generatoren op daken van bedrijven, die kennelijk niet zijn onderzocht door Efectis. Meest opmerkelijk daarbij is de zeer grote brand die een grote loods van HVC in Middenmeer NH in 2015 in de as legde, waarbij een voor die tijd "relatief grote" PV generator verloren is gegaan (link bericht PPV). Maar ook bijvoorbeeld de brand op het platte dak van een flat van Trivire in Dordrecht (1 mei 2021) is kennelijk niet onderzocht.

Het onderzoeksbureau eindigt haar analyse met een suggestie voor 3 vervolgonderzoeken:

  • "Er vinden nauwelijks branden plaats op industriële daken met zonnepanelen, informatie wordt niet verspreid en inzichten (dus) niet gedeeld. De kennis over deze branden wordt vergroot wanneer brandonderzoeksteams van de Brandweer, IFV en schade-experts van verzekeraars meer gedetailleerd informatie verzamelen en analyseren over branden op industriële platte daken met zonnepanelen." NB: Polder PV inventariseert alle branden met zonnepanelen al sedert 2010, zie incidenten lijst.

  • Praktijktesten met verschillende zonnepanelen systemen op diverse daktypes om het brandverloop te bepalen.

  • Praktijktesten in combinatie met warmtestralingsberekeningen om de veilige afstand tussen zonnepanelen en openingen in het dak te bepalen.

Zie voor verdere details het artikel in BouwTotaal.nl, of de eerder verschenen bron analyse van Efectis:

Branden op industriële platte daken met zonnepanelen: Dit leren we ervan (25 januari 2022)


4 maart 2022. Kennisbundel zonnepanelen. Status update van het Instituut Fysieke Veiligheid (inmiddels opgegaan in Nederlands Instituut Publieke Veiligheid). pdf, 17 pagina's.


Februari 2022. Schade door onweer, wateroverlast of brand: Hoe helpt u uw klant? Praktische tips in onderdeel van het "kenniscentrum" van Duits omvormer specialist SMA (verschenen kort na de grote schade veroorzaakt door winterstorm Eunice op 18 februari 2022).


17 augustus 2021. Zonnepaneelbranden vereisen landelijke aanpak. Gemeente van Den Helder vraagt om een landelijke aanpak over de te volgen handelswijze bij branden met zonnepanelen. Dit o.a. na vragen van de PVV over deze materie (bericht 2 aug. 2021).


25 juni 2021. Is een PV-paneel met brandklasse C veilig? Vrij oppervlakkig artikel op Gawalo.nl over brandklassen van zonnepanelen, gerangschikt onder codes A tm. C.


10 maart 2021. Bouwspecial Brandveiligheid. Via deze link op de site van Bouwwereld.nl is een special magazine op te vragen over brandveiligheid en zonnepanelen, bezien vanuit het standpunt van de bouwsector. Dit, naar aanleiding van het feit dat er waarschijnlijk veel meer "BIPV" zonnedaken (in casu geïntegreerde, zogenaamde "in-dak PV systemen") gerealiseerd zullen gaan worden. Vooralsnog een zeer klein segment van het totaal PV volume in Nederland, waarbij wel een opvallend aantal incidenten waren te betreuren in de afgelopen jaren (zie incidenten overzicht op deze pagina). In deze special concrete praktijkvoorbeelden, producten en verhalen van experts. Experts en fabrikanten delen hun kennis om een brandveilige gebouwde omgeving te realiseren. "Een goed systeem en goede installatie zijn een minimale vereiste, maar of er verdere maatregelen nodig zijn, hangt af van de situatie".


januari 2021. Solar verzekeraar Solarif schreef voor Solarplaza een 14 pagina's lange "brand preventie whitepaper", met de titel "A Fireproof Business. Fire safety assurances for rooftop PV installations". Behandeld worden onder anderen de secties probleem analyse; analyse van de "setting" van het betreffende gebouw; inzet van materialen op het dak, kabelmanagement, en waar op te letten tijdens installatie; inspectie en onderhoud. 1 van de vele tips ter preventie van - uitbreiding van de - brand, is compartmentalisatie van de PV generator op grote platte daken: er moeten paden tussen de delen worden gemaakt, om eventuele uitbreiding van brand van 1 sectie naar de rest te voorkomen. In Polder PV's langjarige historie van vele honderden satelliet- en luchtfoto's bekijken, komt het nog niet vaak voor, maar lijkt er de laatste jaren wel meer "gesegmenteerd" te worden bij de grotere projecten. Opmerkelijk is de vaststelling dat "meer dan de helft van de huidige PV installaties voldoet niet aan de [in de whitepaper besproken] veiligheids-voorschriften".

De whitepaper is te vinden in het publicatie overzicht van Solarplaza, en, na inschrijving, te downloaden.


23 december 2020. Het in risico inspecties gespecialiseerde bedrijf Burghgraef en van Tiel heeft een succesvolle test uitgevoerd bij Trones in Enschede (webarchive link), om te bezien of een brandwerende coating kan voorkomen dat eventuele brand in een PV generator op het dak kan "doorslaan" het dak in. Gepoogd werd, om een stalen dak voorzien van EPS-Se-isolatie (polystyreen) en PVC dakbedekking in brand te steken, waarop een zogenaamde keramische coating van enkele millimeters dik was gespoten (onder het PV systeem). Het lukte niet, om zo'n "doorslag" van de brand richting het isolatiemateriaal te forceren. De, wat samenstelling betreft, nog onbekende coating, is separaat getest, en men kwam op een - spectaculaire - levensduur van 50 jaar uit, wat veel langer is dan de waarschijnlijk meest toegepaste PV installaties. De coating zou ook kunnen voorkomen dat bijvoorbeeld vuurpijlen die op het dak belanden, of dakdekkers, die bijvoorbeeld met branders een nieuwe bitumen laag aanleggen, een brandhaard voor de isolatie onder het dak zouden kunnen opleveren. Burghgraef claimt dat op deze wijze "de veiligste daken ter wereld" zouden kunnen ontstaan. Althans, waar het een potentiële gevarenbron vanaf de buitenzijde van het dak betreft. 5% van de branden zouden hun oorzaak hebben bij fouten van dakdekkers. Slechts minder dan 0,005% zou het gevolg zijn van (brandende) PV installaties.

Nog niet alles is "zeker", de wijze waarop getest wordt is ook van invloed. In zogenaamde "vliegvuur" testen wordt namelijk geen rekening gehouden met de hogere "brandlast" bij zonnepanelen, daar zou een ander type test voor ontworpen moeten worden. Gezocht wordt naar een methodiek, waarbij de combinatie van het type dak en de brandbaarheid van de panelen wordt getest. Er wordt gewerkt aan een test met een "extra gecoat" brandwerend doek, en een test met een "volledig onbrandbaar zonnepaneel". Hoe die laatste er uit zou zien, wordt in het midden gelaten, mogelijk worden hier glas-glas panelen bedoeld ?

In ieder geval een bemoedigende ontwikkeling, waarmee verzekerbaarheid van bestaande daken met polystyreen of polyurethaan isolatie onder het dak in het huidige, kritische "tijdsgewricht" voor verzekeraars, een stap dichterbij zou kunnen gaan komen.

Zie ook de visie van het bedrijf op de verzekerbaarheid van panden met (grote) PV-systemen (artikel van 9 december 2020), en twee technische stappenplannen met aanwijzingen om brandrisico's te minimaliseren. Waarbij controle door Scope 12 gecertificeerde inspecteurs een must zijn. De eerder verschenen "Stappenplan zonnepanelen op een brandbaar geïsoleerd dak", resp. "Stappenplan zonnestroominstallaties > woningcorporaties" zijn niet meer beschikbaar op de website. Wel is er ook een artikel "Praktische tips en handvatten voor de verzekerbaarheid van zonnepanelen" verschenen, in Schade-Magazine.nl.


21 december 2020. Het Instituut Fysieke Veiligheid heeft een 42 pagina's dik rapport gepubliceerd (hier te downloaden), met de uitgebreide titel "Vooronderzoek depositie bij branden met zonnepanelen. Versie 20 maart 2022 alhier. Een verkennende studie naar de depositie van verbrandingsproducten als gevolg van brand met substantiële hoeveelheden zonnepanelen". Dit naar aanleiding van vragen en druk uit de Tweede Kamer, het gevolg van "deposities" (lees: zonnecel scherven en verkoolde backsheet partikels) na twee grote branden in Rutten in juli dit jaar (NOP, Fl.), en, snel daar na, in 't Veld (Noord-Holland). Het rapport geeft de resultaten van een internet zoektocht naar brand incidenten weer, zowel naar NL- als Engelstalige berichten, maar, curieus, géén inventarisatie van de omvangrijke berichtgeving in wereldmarkt Duitsland. Daarmee komt het IFV voor de onderzochte periode 2018 tot en met 26 oktober 2020, lees dat s.v.p. goed, "het jaarlijks aantal branden waarbij zonnepanelen betrokken zijn", op in totaal 95 brand incidenten, die in een database zijn opgenomen. Van de al jaren door Polder PV gerapporteerde incidenten vóór 2018 is niets opgenomen in het rapport. Het merendeel van de 95 gevonden brand incidenten was in 2020 (tm. eind oktober), 37 stuks, zie tabel verderop. Heel erg belangrijk is om de twee "criteria" aan te geven die zijn gebruikt bij de inventarisatie, cursivering is van Polder PV:

  • "Alleen incidenten waarbij de zonnepanelen daadwerkelijk in brand hebben gestaan zijn meegenomen, variërend van één enkel paneel tot grote hoeveelheden panelen. De brandoorzaak of ontstaansbron van de brand hoeft niet bij de zonnepanelen te liggen.
  • Incidenten waarbij alleen sprake was van oververhitting of andere mankementen die niet tot brand in de zonnepanelen hebben geleid, zijn niet meegenomen. Branden in randapparatuur waarbij geen zonnepanelen betrokken raakten, zijn niet meegenomen. Dit, in tegenstselling tot Polder PV, die meerdere incidenten met omvormer, schakelkast, en trafostation branden bij / van PV installaties heeft meegenomen.

Deposities - 1 belangrijk incident vergeten

Het is geen (voor)studie naar de oorzaken van de branden, maar naar de mogelijke gevolgen ervan. Er wordt sterk de nadruk gelegd op de branden waarbij deposities zijn gemeld, maar u ziet al aan de tabel, dat zelfs van het geringe aantal branden waarbij zonnepanelen (in)direct zijn betrokken, dat een fractie is geweest. Totaal, aanvankelijk, 4 gemeld of "bekend" (1x 2019, 3x 2020), met daarbij de mededeling dat er later een bericht was van een brand met depositie op 14 oktober dit jaar (incident Visvijverweg Lelystad), maar "dat het niet meer mogelijk is geweest aanvullende informatie over deze brand te verzamelen". Er zullen echter beslist meer branden met "deposities" zijn geweest (niet alleen van zonnepaneel restanten, maar van alles wat maar heeft gebrand in de betreffende panden), maar daar is niets tot zeer weinig van bekend. Een belangrijke kandidaat is de enorme brand (klassificatie GRIP 1) van afval loodsen van HVC in Middenmeer (NH), in augustus 2015, waar Polder PV uitgebreider bij heeft stilgestaan in een separaat artikel op de website. Die loodsen, tot de grond toe afgebrand, en 80 containers aan afval opleverend, droegen een generator van 972 PV modules, die bijna allemaal verloren zijn gegaan. De brand was zo heftig, dat op zuidelijk Texel, 32 kilometer noord-waarts, de schuin wegtrekkende rook kolom zichtbaar was. Op een video vanuit een drone zijn dikke zwart-grijze wolken met asdeeltjes te zien die oostwaarts drijven, richting de weilanden benoorden Medemblik. Dit is een zeer belangrijke kandidaat voor een brand waar we gegarandeerd, vanwege de heersende windrichting, een flinke "depositie" in de omgeving mochten verwachten. Hier is echter destijds niets over gemeld in relatie tot de PV generator. De gemeente meldde dat er geen hoge concentraties schadelijke stoffen zouden zijn vrijgekomen. Wel werd destijds door de Veiligheidsregio geadviseerd: "Heeft u roetaanslag op groenten uit uw volkstuin. Advies: Niet schoonmaken maar weggooien".

De cijfers - aantallen

Goed om te beseffen waar alle reuring over gaat, gezien alleen al de 220 duizend brandmeldingen resp. ruim 64 duizend woningbranden per jaar (Federatie Veilig Nederland). In de waslijst gepresenteerd door het IFV, wordt, ronduit bizar, en tot groot verdriet, in het geheel géén gewag gemaakt van de al tien jaar durende detail inventarisatie van Polder PV naar brandincidenten met zonnepanelen, ook TNO zweeg hierover eerder al in alle talen ...


^^^
© 2020 Instituut Fysieke Veiligheid (rapport)

Van de gevonden incidenten, was in 2018 en 2019 iets meer dan de helft bij woningen, in 2020 was echter het aantal incidenten bij "niet-woningen" wat hoger (wordt getoond in aparte grafiek in rapport). Drie branden "hebben plaatsgevonden in zonneparken" (de beruchte trafo branden bij Zonnepark de Munt in Emmeloord inbegrepen).

Het rapport bestaat uit drie hoofd secties, een uitlijning van de onderzoeksmethodiek, de resultaten van het vooronderzoek, en de conclusies. Het geheel wordt afgesloten met een literatuur lijst (groot deel ook al lang op onderstaande overzicht terug te vinden), een lange lijst met enkele parameters van de gevonden 95 brand incidenten, een digitale vragenlijst over 25 grote branden en/of branden waarbij enige mate van "depositie" werd gerapporteerd, en antwoorden met meer details over gevonden "casussen", door de lokale brandweer korpsen. Hierin o.a. meldingen over eventuele "deposities" in de omgeving, (schattingen van) aantallen getroffen zonnepanelen, getroffen vierkante meters (verbrand) dak oppervlak, een enkele keer ook een merk paneel genoemd. Ook regelmatig meldingen dat de PV generator (waarschijnlijk) niet als oorzaak van de brand kon worden gezien. En verwarrende meldingen van vondsten van delen van de "bovenlaag van zonnepanelen", waarbij zeer expliciet wordt bedoeld: scherven van in de gebroken zonnepanelen blootliggende (kristallijne) zonnecellen, die door de sterke opwaartse convectie tijdens de brand, omhoog en flink zijwaarts, de omgeving in zijn verplaatst, zoals in casus Heythuysen (max. 5x5 cm. grote scherven gevonden). Van de nodige branden kon geen detail info (meer) achterhaald worden, vooral branden in 2018. Van branden waarvan wel detail info aanwezig was, zijn rapportages, filmbeelden e.d. toegevoegd aan de rapportage door IFV.

Voor woningbranden wordt aangenomen dat eventuele "deposities" van materialen (van zonnepanelen) buiten de invloedssfeer van het betreffende pand gering of afwezig zijn, omdat dergelijke branden meestal niet "zeer groot" kunnen worden, de zogenaamde "pluimstijging" gering blijft, en het aantal panelen vaak zeer beperkt is. Sowieso gaat er natuurlijk meestal een (groot) deel van het hele dak in brand, bij de grotere woningbranden, en zal alles wat kan branden in theorie kunnen "deponeren" in de buurt.

De hoofdvraag van dit vooronderzoek was: "Wat is er bekend over depositie bij branden waarbij zonnepanelen zijn betrokken?"

Verder zijn de volgende deelvragen geformuleerd:

  • Hoe vaak komen branden met zonnepanelen in Nederland voor?
  • Hoe vaak is er bij branden met zonnepanelen sprake van depositie?
  • Welke verbrandingsproducten komen vrij bij branden met zonnepanelen?
  • Wat is de mate van verspreiding van deze verbrandingsproducten?
  • Hoe schadelijk zijn deze verbrandingsproducten voor mens en milieu?
  • Welke maatregelen (kunnen) worden genomen om verspreiding zoveel mogelijktegen te gaan?
  • Op welke wijze kunnen deze verbrandingsproducten verantwoord worden opgeruimd?

Veel vragen zijn nog lang niet beantwoord.

Deposities en gepercipieerde gevaren

Uit nader onderzoek door IFV blijkt dat in totaal zo'n 8 (van de in totaal 95) casussen van - grotere - branden zijn gevonden waarbij er sprake is geweest van "deposities" (bedoeld: onderdelen, celscherven van zonnepanelen, maar dit kan ook andere materialen van het dak betreffen). Van 2 is bekend dat alleen de incident lokatie is getroffen, bij 6 van de 95 (ruim 6%) waren er ook deposities "in het effectgebied".

Het is nog geen algemene praktijk dat een incidentgebied (standaard) op deposities wordt onderzocht, er is sowieso nog onvoldoende bekend over dergelijke - nog steeds zelden voorkomende - deposities in relatie tot gevaarlijke stoffen. Mocht uit nader onderzoek blijken dat er wel degelijk een risico bestaat, moet hiervoor een nieuw protocol worden opgesteld waarbij bij de uitvoering ook de verantwoordelijke gemeente en Veiligheidsregio moet worden betrokken. Er is vanwege de schaarse praktijk informatie in Nedeland derhalve vooral een literatuurstudie gedaan.

Verbrandingsproducten

Zonnepanelen kunnen, zoals vrijwel alles, verbranden, als het vuur heet genoeg is geweest en lang heeft aangehouden. "Ze zijn brandbaar, ongeachte ingezette technologie", en kunnen "zelfstandig blijven branden bij grote brand". Na enkele minuten kunnen glasplaten barsten, het glas, en de gebruikte films kunnen vervolgens gaan "druipen", waardoor onderliggende materialen ook in brand kunnen vliegen (als dat al niet eerder is geschied). Glas-glas modules zouden minder verbrandingswarmte en rookgassen genereren omdat de backsheet folie ontbreekt. Het is waarschijnlijk dat er gasvormige giftige stoffen vrijkomen, evenals uittreding van kleine hoeveelheden giftige zware metalen. Als de brand heet genoeg is/wordt (600 graden C) kunnen in bluswater en rook stoffen voorkomen als glas, een serie metalen, waarvan aluminium en koper de grootste hoeveelheden zal betreffen. Lood uit nu nog gebruikte soldeerverbindingen is bijvoorbeeld een potentiële risico factor, maar er wordt aan gewerkt om dat op termijn te vervangen of andere technologie in te zetten.

De genoemde andere metalen (molybdeen, zink, gallium, indium, tin, cadmium, arseen, selenium en hun oxides), komen alleen in het zeer beperkte areaal aan dunnelaag modules voor. Er worden nogal wat woorden vuil gemaakt aan de gevaren van cadmium (CdTe modules) en arseen en selenium, al wordt ook gesteld dat uit sommige onderzoeken blijkt dat door smelten van materialen, eventuele uittredene chemicaliën worden vastgelegd en ingekapseld. De beroemde Amerikaanse producent van CdTe modules, FirstSolar was trouwens een van de eerste grote commerciële zonnepaneel producenten die een compleet eigen recycling programma heeft opgestart voor hun "end-of-life" modules. Er zou meer onderzoek nodig zijn om vast te stellen wat de risico's daadwerkelijk zullen zijn, "studies op grote schaal en onder realistische condities ontbreken". Een recente studie vond dat "de kans op overdracht van cadmium en andere stoffen na branden met zonnepanelen via de melk van de koe naar de mens zeer gering lijkt". Maar dat geldt niet alleen voor branden met zonnepanelen, maar voor de meeste branden. Sowieso is juist het karakter van dunnelaag modules, dat er minimale hoeveelheden materialen worden gebruikt, die in zeer dunne laagjes worden ingezet. Dus de hoeveelheden grondstoffen die zijn ingezet, en die "een (nog onbekend) risico" zouden kunnen vormen, zijn en blijven beperkt.

Dunnelaag - zeer beperkt in projecten bestand

Feit is, dat in Nederland, de populaties van dergelijke volumes aan dunnelaag panelen zeer beperkt zijn. Ik heb dat nagezocht in mijn enorme projecten database. Die concentreert zich vooral op de grotere projecten, en omvat daarmee slechts een gedeelte van het totale volume van de categorie "alle economische activiteiten" die het CBS hanteert, en die tm. 2019 met de laatst bekende cijfers al 99.731 projecten zou hebben omvat (voor laatste globale stand van zaken CBS, zie artikel 14 december 2020 op Polder PV). Van lang niet alle projecten is zeker wat het aandeel dunnelaag modules in het totaal is, er komen in de populatie met dunnelaag hebbende modules namelijk regelmatig ook kristallijne deel-generatoren voor. Ik heb dat verder genegeerd, en een optelling gedaan voor alle modules in de betreffende projecten, en dat gerelateerd aan het totaal volume voor álle in mijn projecten overzicht aanwezige installaties. Het totaal aantal projecten met dunnelaag modules, onder te verdelen in amorf Si (diverse varianten, waaronder ook een combinatie amorf / microkristallijn Si), CIS, CIGS, en CdTe, is slechts 3% van het volume van alle projecten in mijn database, omvat 5% van het totaal aantal PV modules, en slechts 2% van de totale capaciteit. Kijken we naar het totale door CBS gerapporteerde aantal PV projecten "alle economische activiteiten", is het aandeel dunnelaag (NB: inclusief een geringe populatie dunnelaag projecten in mijn database opgeleverd in 2020) zelfs nog maar minder dan 0,3%. Het gaat daarbij dus om zeer kleine volumes, een compleet ondergeschikt deel van de totale markt in Nederland, waar dan ook nog eens een beperkte materialen inzet in aanwezig is. Ik zal beslist nog wel e.e.a. over het hoofd hebben gezien, met name de wat kleinere projecten, maar dat zal de uitkomst beslist niet substantieel wijzigen. Tel daarbij op, dat het aantal branden op panden met zonnepanelen sowieso al extreem klein is, en we houden bijna verwaarloosbare risico's over over gezondheid- en veiligheids-problemen waar het branden van projecten met dunnelaag modules betreft. Vergeet daarbij nooit, dat een leven in een moderne, extreem complexe samenleving, nooit 100% "veilig" kan, noch zál zijn. Hoe graag u dat ook zou willen. Het is een fysieke onmogelijkheid. We leven dagelijks met risico's, het enige wat we kunnen doen is die proberen te beperken.

CdTe

Een uitzondering wil ik hierbij wel noemen. Niet zozeer op het gebied van veiligheid, maar op het vlak van de statistiek. Een opvallende positie nemen de CdTe modules in, met slechts 5 (!) bekende projecten, die echter bij elkaar een omvang hebben van bijna 400 duizend modules, bijna 48 MWp, en die daarbij 56% van "alle" door mij gevonden dunnelaag modules claimen in de grotere project populatie. 4 van die projecten zijn behoorlijk grote grondgebonden zonneparken, waarvan 2 op industrieterreinen, 1 in het buitengebied, en 1 vlak naast / bij intensief gebruikte infrastructuur. Eventuele koppeling met gevolgen door "pluimstijging" bij een felle brand (wat op zich al byzonder zou zijn bij een grondopstelling) lijken juist bij dunnelaag panelen voor de wijde omgeving niet van toepassing te zijn. Een deel van de deposities veroorzaakt bij de schaarse branden die daar mee te maken hadden, betreft namelijk de scherven van inerte zonnecellen in de "überdominant" aanwezige kristallijne projecten. Die hebben dunnelaag modules helemaal niet, die hebben slechts extreem dunne laagjes fotovoltaïsche films, die waarschijnlijk al geheel on-site verbranden, als het vuur heet genoeg is. Er zullen derhalve beslist geen scherven neer regenen in de omgeving, op zijn hoogst verkoolde restanten indien van backsheets gebruik is gemaakt (NB: er zijn ook dunnelaag modules met 2 glasplaten, waardoor eventuele risico's nog verder worden ingeperkt). Voor die paar grote projecten die ik in mijn database heb terug gevonden kunnen eenvoudig contingency plannen worden gemaakt (iig voor de paar gevonden CdTe exemplaren). Voor de overige 44% van de dunnelaag projecten zullen de risico's zéér beperkt zijn. Maar dat mag het IFV nader gaan uitzoeken.

Mate van verspreiding - veel onbekend

Weinig is bekend over de mate van verspreiding van de rookpluim, het IFV heeft er vrijwel niets over gevonden. Deposities in de directe omgeving tot enkele honderden meters zijn gemeld, de "kilometers" van de twee beruchtste recente branden (met deposities) lijken vooralsnog een uitzondering. Over eventuele beheersmaatregelen na deposities over grotere afstanden (wijze van opruimen, afvoer van gevonden deposities) is niets gevonden in het literatuuronderzoek. Om hier iets over boven tafel te krijgen, wordt dit kennelijk opgepakt in een vervolg onderzoek.

Conclusies

Het IFV kon geen rode draad of gemene deler identificeren voor het 8-tal (van 95) brand incidenten waarbij depositie heeft plaatsgevonden of mogelijk kan plaatsvinden. Deze vond in ieder geval plaats bij grotere branden, bij sommige van deze grotere branden was er wel, bij andere weer geen sprake van deposities. IFV sluit deposities echter niet uit, omdat het om een "relatief nieuw fenomeen" zou gaan, wat niet als zodanig is onderkend dan wel "herkend". Ook zijn niet alle vragenlijsten ingevuld op dit punt, "er ontbreekt een totaalbeeld" bij de grotere branden.

Zowel niet- als (potentieel) gevaarlijke stoffen kunnen vrijkomen, zoals trouwens bij alle branden, dus dat is feitelijk niets nieuws onder de zon. IFV stelt dit zelf ook, schadelijke stoffen kunnen bij alle branden in de (directe) omgeving vrijkomen. Daarbij kan sprake zijn van glas - in het geval van zonnepanelen veiligheids-glas, wat bij breuk zal verbrokkelen en vrijwel uitsluitend "on-site" zal blijven (en onschadelijk). Naast de uit literatuurstudie reeds bekende gevaarlijke probleem stoffen hierboven genoemd, kunnen ook, uit kunststoffen en organische materialen in de zonnepanelen uittreden na brand: koolstofmonoxide, waterstofchloride, benzeen en waterstofcyanide, formaldehyde, styreen en waterstoffluoride uit polymeren.

Specifieke omstandigheden, de zonnepanelen (type, hoeveelheid, en de betrokkenheid ervan bij de brand), en de mate van verspreiding van verbrandingsproducten, evenals van de (directe) blootstelling eraan en de duur daarvan zijn bepalend voor "eventuele schadelijke gevolgen voor mens, dier en milieu". Waarbij er dus geen enkele zékere relatie is te leggen met standaard veiligheids-risico's. Het hangt allemaal van het type en verloop van het incident af, een generieke, universeel toepasbare maatstaf is niet te geven.

Waar het IFV wel op stuitte, is het groot aantal kennis "hiaten" over de materie. Waar onder:

  • Brandgedrag per type paneel.
  • Aard van vrijkomende stoffen (per type paneel): niet duidelijk.
  • Beheersmaatregelen na (grote) brand met depositie: niets over bekend.
  • Vooral "zichtbare deeltjes" in de zeldzame gevallen met deposities (lees: vooral scherven van c-Si zonnecellen, en verkoolde resten van, waarschijnlijk met name de kunststof backsheets, vermengd met andere materialen in het verbrande dak). De eventuele gevaren van deze deeltjes voor levende have en/of de leefomgeving: onbekend.
  • Over mogelijk uittredende gassen en vloeistoffen uit brandende zonnepanelen is vrijwel niets bekend.
  • Onderscheid met ándere verbrande materialen "niet zijnde restanten van zonnepanelen" is niet goed te maken volgens IFV, waardoor zowel onder- als overschatting van de problematiek kan resulteren. 1 uitzondering wil Polder PV hier echter beslist maken: scherven van kristallijne zonnecellen zijn behoorlijk uniek (zeer dun en breekbaar, zilveren contact lijntjes aan 1 zijde, lichtblauwe tot zwarte kleur), en kunnen derhalve door getrainde ogen beslist wél herleid worden tot "verbrande (kristallijne) zonnecellen. Voor een van de typische foto's van de gevonden Si-cel scherven (NB: dus niét "glas deeltjes" zoals geclaimd), zie het gefotografeerde exemplaar in Nieuwe Oogst, n.a.v. de boerderij brand in Rutten (NOP, Fl.) in juli 2020.
  • Toekomstige branden waar depositie heeft plaatsgevonden moeten diepgaander / nauwkeurig(er) worden onderzocht op feitelijke effecten op de omgeving.
  • Over gevaren op mens, dier "en milieu" is feitelijk weinig tot niets bekend. De inschatting van Polder PV blijft: afgezien van de scherpe silicium-cel scherven, die voor dieren potentieel problemen zouden kunnen geven in de maanden na zo'n incident (daarna zullen door combinatie wind, temperatuur schommelingen, regen, oxidatie, betreding / berijding van de percelen, etc., de scherven verder verbrokkelen tot kleine deeltjes), zouden de gevolgen wel eens "zeer beperkt" kunnen zijn. Ook dat mag het IFV proberen te acherhalen, en dat zal geen sinecure blijken.

Discussie

Omdat "branden met zonnepanelen" niet systematisch zouden worden bijgehouden - volgens het IFV dan, Polder PV bewijst dat er al tien jaar dossiervorming bestaat op dit gebied, wat echter het graf in wordt genegeerd - zou er een onder-rapportage kunnen zijn van het aantal incidenten. Niet alle incidenten zijn terug te vinden op sociale media, of in de Google databanken en caches, niet alle (bijna) branden worden gemeld bij de brandweer of verzekeraars. Dit geldt vooral voor de kleinere branden die door de eigenaar van de zonnepanelen zelf zijn geblust. Aanwezigheid en/of betrokkenheid van zonnepanelen bij brand incidenten wordt ook niet altijd gemeld. Als het "fenomeen" beter bekend zou zijn geweest (nogmaals: Polder PV rapporteert hier al tien jaar over...), zouden de uitkomsten van dit vooronderzoek wellicht anders hebben kunnen uitpakken.

Risico afschatting

De kans op brand op een object met zonnepanelen is niet meegenomen in deze studie, zodat een echte risico afschatting niet mogelijk zou zijn volgens het IFV. Het zou "onmogelijk zijn het aantal branden met zonnepanelen af te zetten tegen exacte cijfers van het aantal geïnstalleerde panelen in Nederland". Daar valt beslist wel wat op af te dingen, wat Polder PV betreft. Natuurlijk, het aantal brand incidenten waar zonnepanelen "bij betrokken zijn", zal beslist hoger zijn, maar de resultaten van deze voorstudie laten kristalhelder zien, dat het allemaal zeer beperkt blijft en beperkt zal blijven (ondanks de flink toegenomen media aandacht). IFV claimt in hun rapport dat het aantal geïnstalleerde panelen niet bekend is, maar Polder PV houdt daar ook al jaren een separaat overzichtje van bij, wat, gezien de gemiddelde module omvang die per jaar wordt ingezet (en blijft toenemen), wel redelijk betrouwbaar berekend kan worden, vanuit de (af en toe bijgestelde) CBS capaciteits-cijfers per jaar, en de daaruit afgeleide jaargroei volumes. Tot en met 2019 komt Polder PV op een geaccumuleerd volume van maar liefst 26,5 miljoen zonnepanelen in Nederland. Uitgaande van de door Holland Solar gesuggereerde - record - jaargroei van mogelijk 2,8 GWp in 2020 (Solar Power Europe Market Outlook rapport 2020-2024), zou het eindejaars-volume dit jaar wellicht op kunnen lopen richting de 35,3 miljoen PV modules (uitgaande van een conservatieve aanname van 320 Wp gemiddeld per paneel voor de toevoegingen dit jaar).

Het IFV gaf alleen voor 17 van de grotere branden wat cijfers, en kwam (bij opgegeven "oppervlaktes" gerekend met 1,62 m² per paneel, op 1 uitzondering na), grofweg op bijna 6 en een half duizend verbrande PV modules in die grotere incidenten. De uitzondering betrof een bekende brand bij Polder PV, waarvan het exacte aantal panelen wat verloren is gegaan bekend is (en wat een stuk hoger ligt dan wat IFV voor oppervlakte geeft voor die generator). Polder PV kwam, grof tellend in zijn incidentenlijst voor de jaren 2018-2020, op een volume van ruim 8.400 modules die in brand zouden kunnen zijn gevlogen. Het totaal aantal verloren gegane zonnepanelen op woonhuizen is, alleen al vanwege hun karakter (kleinschalig) zeer beperkt. Het totale, grof berekende verlies zou slechts 0,02% (0,2 promille) van het mogelijke geaccumuleerde volume aan geïnstalleerde panelen zijn, eind 2020. Zelfs als we, met een tienvoudige factor zouden rekenen (en er dan, hoogst onwaarschijnlijk, van uit zouden gaan dat 90% van de "verbrande zonnepanelen incidenten" nooit in de publiciteit gekomen zou zijn), kom je in het meest pessimistische scenario uit op 0,2% (2 promille) van het totaal.

Kijken we naar het totaal aantal door IFV gevonden 95 branden, is dat op een totaal van de 1,06 miljoen PV installaties in Nederland, eind 2019 (laatst bijgestelde CBS cijfers), ook al zeer beperkt: minder dan 0,01%. Eind 2020 zullen er natuurlijk alweer veel meer projecten zijn bijgekomen, dus dat aandeel wordt nog veel kleiner als die cijfers bij benadering bekend zullen worden gemaakt door het CBS.

Polder PV heeft voor de jaren 2018-2020 nog gecheckt of eigen onderzoek nog tot niet gevonden incidenten in de IFV lijst heeft geleid. Ik blijk 2 incidenten te hebben ontdekt die het IFV niet had gevonden, maar zij blijken met een uitgebreide, "multi-level" internet search wel wat meer branden te hebben ontdekt waarbij zonnepanelen direct of indirect zouden zijn betrokken. Van veel incidenten is echter zeer weinig bekend.

Tot besluit

Het IFV besluit het rapport met de opmerking dat er "mogelijk meer informatie achterhaald had kunnen worden bij andere partijen" (met name over de gevolgen voor de omgeving), en "moet simpelweg geconcludeerd worden dat er nog veel onbekend is over dergelijke typen branden".

De organisatie zet het onderzoek in januari 2021 voort, waarbij het doel is om "een handelingsperspectief te bieden aan betrokken partijen bij grootschalige incidenten met zonnepanelen". Subdoelen zijn, o.a. beantwoording van de vragen: "Welke mogelijkheden zijn er om de eventuele gezondheids- en milieurisico's te beperken?" En "Hoe kunnen neergeslagen verbrandingsproducten op een veilige en verantwoorde wijze worden gesaneerd?"

Nagekomen

Op 15 juli 2021 werd na literatuuronderzoek een "definitieve" rapportage gepubliceerd door het IFV, Depositie bij branden met zonnepanelen, met daarin de conclusie dat "bij branden met zonnepanelen geen specifieke gevaren [zijn] te verwachten in de vorm van toxiciteit. Wel kunnen resten van zonnepanelen die neerkomen in de omgeving vanwege de scherpe randen schadelijk zijn voor bijv. grazend vee. Dit soort resten moeten ook niet in de voedselketen terechtkomen. Ze moeten daarom worden opgeruimd".

Verder concludeert het IFV "Er bestaat echter geen specifieke aanpak voor het opruimen van de resten van zonnepanelen die in de (verre) omgeving terechtgekomen zijn en alles wat er verder bij komt kijken (verzekering, zorg voor voedselveiligheid etc.). Er bestaat onduidelijkheid over taken en verantwoordelijkheden en er moet ad hoc geïmproviseerd worden.

Tot slot stelt het IFV: "Het ontbreken van een landelijke aanpak is overigens niet uniek voor (on)verbrande resten van zonnepanelen. Dit is ook het geval voor het opruimen van (on)verbrande resten isolatiemateriaal, dakbedekking e.d. die bij een grote brand in de omgeving verspreid worden. Het is daarom wenselijk dat voor de nafase van dit soort incidenten een landelijke aanpak ontwikkeld wordt. Alleen specifiek voor de aanpak (inclusief nafase) van asbestincidenten bestaat een landelijke handreiking". Het rapport is hier te downloaden. Versie 20 maart 2022 bij NIPV alhier.

Bronnen:

Vooronderzoek naar verbrandingsproducten zonnepanelen (nieuwsbericht IFV van 17 december 2020)

Volledige rapport IFV (pdf, 42 pp.)

Onderzoek naar rol zonnepanelen bij branden (Omroep Zeeland, 18 december 2020)

N.a.v. het rapport verscheen er nog een kort item bij Omroep Zeeland op 1 februari 2021, met een video met interview met Edwin de Maat van brandweer Zeeland over "brand en zonnepanelen". En het blussen van een brand van een vrijstaande (vakantie ?) woning met zonnepanelen. Echter zonder indicatie van lokatie, noch werd de oorzaak van die brand bekend gemaakt (als die al gevonden kon worden).


16 december 2020. 2e versie Preventiebrochure voor PV-installaties - Technische informatie voor verzekeringsprofessionals. pdf op website van Verbond van Verzekeraars. Nieuwe versie van eerdere brochure waar de zonne-energie branche zich destijds kritisch over heeft gebogen en advies voor verbeteringen heeft gegeven aan het Verbond van Verzekeraars (VvV). Holland Solar "vraagt hierbij nogmaals de aandacht van haar leden voor het kwalitatief goed installeren van de systemen en blijft, samen met haar leden en andere belanghebbenden, werken aan het verder verbeteren van het kwaliteitsborgingssysteem van de sector", met verwijzing naar deze nieuwe brochure ("een stap in de goede richting"), in hun bericht van 16 december 2020. Een van de nieuwe onderdelen is de paragraaf over het door de zonne-branche bevorderde SCIOS Scope 12 protocol, waardoor zeker de grotere installaties inspectie keuringen zullen moeten gaan krijgen.

Overigens staat het eerste exemplaar van deze folder ook nog steeds op de site van de VvV (pdf). En, wat Polder PV opviel bij het browsen door de nieuwe versie. Er staat helaas sowieso al een lerp van een fout in, op pagina 4: "Netbeheerders stellen in de toekomst het plaatsen van een slimme meter verplicht om in aanmerking te komen voor saldering". Dat is klinkklare nonsens, slimme meters zijn en blijven niet "verplicht", en ook netbeheerders kunnen en mogen dat beslist niet afdwingen ! Voor eind 2022 moeten wel alle kleinverbruikers zijn voorzien van "een meter die netinvoeding en netafname separaat geijkt meten" (om de afbouwregeling voor salderen per 1 januari 2023 voor iedereen uniform te kunnen laten gelden, zie bespreking van wetsvoorstel door Polder PV). Niets meer, niets minder. Dat kan dus ook gewoon een niet op afstand uitleesbare "domme digitale meter" zijn. Een belangrijke omissie die in versie 3 van deze folder, "geschreven voor verzekeraars, door verzekeraars" *, gerepareerd dient te worden ...

* Met als disclaimer aan het eind van de folder: "De maatregelen en adviezen zijn algemeen gesteld en zijn uitsluitend bedoeld als hulpmiddel om eventuele schade te voor- komen of te beperken. Voor elke situatie zal een deskundige een complete inschatting moeten maken."


10 december 2020. Actueel thema brand, zonnepanelen, en inspecties, in Solar Magazine, december 2020 & Marktgids Zonneenergie 2021, december 2020. 3 artikelen in deze twee op het eind van 2020 gepubliceerde publicaties:

(1) "Verzekeringsprobleem met zonnepanelen veel groter dan in eerste instantie gedacht", interview met algemeen directeur van Holland Solar, Wijnand van Hooff. Solar Magazine 11(5) / december 2020: pp. 27-29. Van Hooff wijst "oorzaak zonnepanelen" voor de koudwatervrees als primaire oorzaak van de hand. Het zou vooral aan de combinatie liggen van de al jaren onprofijtelijke vastgoed verzekeringen, en de zeer rap toegenomen aanleg van PV installaties op dat vastgoed. Hij schetst de contouren van de gesprekken met de verzekeringsbranche, en maakt zich met name zorgen over de mogelijke aanscherping van verzekeringsvoorwaarden voor al langer bestaande grote PV projecten op daken. Hij stelt dat er binnen een half jaar duidelijkheid moet zijn over de minimale kwaliteitseisen die aan PV-systemen mogen worden gesteld. In ieder geval dienen op dat punt individuele verschillen tussen verzekeraars te zijn verdwenen, om weer rust in de markt te krijgen. Een cruciaal punt zal zijn hoe om te gaan met bestaande installaties op daken met - door de verzekeraars als riskant beschouwde - brandbare (kunststof) isolatie materialen. Zo'n dak-geïntegreerde isolatie laag is immers slechts tegen zeer hoge kosten te vervangen (en de hele generator zal daarbij ook nog langdurig van het dak moeten), dus daar is de race zeker nog niet gelopen.

(2) "Brandgevaar mag geen rem zetten op opmars van zonnepanelen". Solar Magazine 11(5) / december 2020: pp. 49-51. Interview met voorziter van de Mineral Wool Association (MWA), Louis Cleef. Deze zet zit af tegen de branche die nog wel brandbare isolatiematerialen als EPS en vergelijkbare materialen toepast (artikel september 2020 in Solar Magazine 11(4): pp. 43-45), en vindt de riscio's in combinatie met zonnestroom installaties te groot. In Europa is als gevolg van de grote brand in de Grenfell toren in London (2017, 71 doden tot gevolg) in veel landen verscherpte wetgeving voor de toepassing van niet brandbare isolatiematerialen doorgevoerd. Nederland is volgens Cleef 1 van de slechts 3 landen die dat (nog) niet heeft gedaan. Een hoog risico, gezien de politiek gewilde combinatie energietransitie en zon op dak. De gevolgen van doorslaande branden op daken met brandbare kunststoffen zijn te groot, en onacceptabel, aldus Cleef. Het gaat bij de verzekerings-problemen vooral om daken met een hoge vastgoed waarde, utiliteit en appartementen hoogbouw boven de 13 meter, totaal goed voor zo'n anderhalf miljoen gebouwen. Juist hier zouden veilige isolaties moeten worden gebruikt, vaak worden hier ook al sprinkler installaties toegepast. Cleef besluit met de stellingname dat, als het zou moeten gaan om schadebeperking en continuïteit van het betreffende bedrijf of instelling, dat "toepassing van onbrandbare isolatie met minimaal brandreactie klasse A2 de voorkeur verdient". Dat is de op een na hoogste (strengste) Europese brandklasse, die uit 7 stappen bestaat. Het Verbond van Verzekeraars streeft naar isolatie van gebouwen bij voorkeur vallend onder de 2 hoogste klassen.

(3) "Strengere regels overheid leiden tot explosieve groei tekort aan gecertificeerde installateurs, inspecteurs en keurders". Marktgids Zonne-energie 2021 / december 2020: pp. 123-125. Een titel die voor zichzelf spreekt: ook op het gebied van inspecties van PV installaties gaat het krap worden met de "(wo)manpower". Een extra risicofactor, in een overspannen markt, waar ook branden en andere veiligheids-issues een steeds grotere rol zijn gaan spelen. "De schatting is, dat Nederland in de komende jaren zeker 500 tot 1.000 inspecteurs nodig heeft", die allemaal met succes een Scope 12 examen afgelegd dienen te hebben. We hebben het hier alleen nog maar over de commerciële daken en projecten. We willen liever niet nadenken over dit brisante thema, als ook residentiële systemen verplicht geïnspecteerd zouden moeten gaan worden, gezien de reeds 1 miljoen installaties op woningen die er begin 2020 al geaccumuleerd moeten zijn ...


3 december 2020. Motie van het lid Agnes Mulder c.s. over knelpunten bij het verzekeren van zon-op-dakprojecten - aangenomen. Het actieve CDA lid Agnes Mulder gaat niet over 1 nacht ijs bij het "brandende" thema branden bij PV systemen, en verzekeringen daaromtrent, zoals uit vorige stukken met een serie door Wiebes beantwoorde vragen blijkt (zie items onder 16 november resp. 6 augustus dit jaar in dossier hier onder). Ze diende op 3 december een motie in op dit onderwerp, die vooral ook de zwakke positie van de financieel armlastige energie coöperaties onderstreept, en de aantasting van de mogelijkheden voor burger participatie bij de in Den Haag "gewilde" rooftop projecten. De motie werd op 8 december met grote meerderheid (afgezien van tegen stemmende FvD en PVV) aangenomen. De motie werd ook ondertekend door VVD lid Harbers, en PvdA lid Moorlag.

"constaterende dat er projecten met zon op dak zijn die geen doorgang vinden omdat de verzekeringspremie wordt verdrievoudigd en de initiatiefnemers het project financieel niet langer rondkrijgen;

overwegende dat deze problemen met de verzekerbaarheid van zonnepanelen op daken een belemmeringen vormen voor de energietransitie en voor inwoners die daaraan mee willen doen;

verzoekt de regering, om in gesprek te gaan met de energiecoöperaties over knelpunten bij het verzekeren van zon-op-dakprojecten;

verzoekt de regering, tevens een onafhankelijk onderzoek in te stellen naar de factoren, zoals installatie, dakisolatie en constructie, van zonnepanelen op daken die van invloed zijn op de verzekerbaarheid"

Aangezien de motie is aangenomen, moet de overheid dit onderzoek dus daadwerkelijk laten doen. De vraag is wie zo'n opdracht gaat krijgen. Wordt ongetwijfeld vervolgd.


1 december 2020. Zonnepanelen op uw bedrijfsdak? Betrek tijdig de verzekeraar! Artikel op website Risicoinbeeld.nl. Interview met vier betrokken specialisten bij verzekeringen en professioneel werken op daken. Gesignaleerd wordt dat vaker zonnestroom projecten op grotere daken - die al lang worden voorbereid - in een laat stadium on hold worden gezet omdat de verzekeraar van het pand niet (op tijd) is ingeseind, en deze allerlei bezwaren gaat aanvoeren. Nadrukkelijk wordt dakeigenaren van grotere daken met zonnepanelen plannen geadviseerd, om al in een vroeg stadium contact op te nemen met experts en de verzekering, om niet voor onaangename verrassingen zoals bij Thialf te komen staan. Een medewerker van inspectiebureau Burghgraef Van Tiel claimt dat "Een derde van alle branden in zonnestroominstallaties het gevolg is van een elektrisch defect", daarbij verwijzend naar de connectoren, omvormers, en verdeelkasten. "Hoe groter de installatie, hoe meer kabels en verbindingen, hoe groter het brandrisico". Verder wordt het brandrisico groter als het dak is geïsoleerd met brandbare isolatiematerialen zoals polystyreen of polyurethaan. De combinatie zonnepanelen en brandbare isolatie kan voor een verzekeraar net de druppel zijn, waardoor hij besluit om het risico niet meer te verzekeren. Want naast de zonnestroominstallatie zijn er natuurlijk diverse andere oorzaken die een brand kunnen veroorzaken." Die "laatste druppel" cq. "het laatste zetje" voor de verzekeraars, werd ook door algemeen directeur van Holland Solar benoemd, in een interview in het december nummer van het Solar Magazine tijdschrift (zie 10 december bericht).

Het inspectiebureau heeft op haar website een checklist voor brandveilige zonne-energiesystemen geplaatst. Opvallend is dat ze adviseren om geen indaksystemen te plaatsen, waarschijnlijk n.a.v. het snel toegenomen aantal incidenten met dergelijke installaties. Daarvoor dient eerst contact opgenomen te worden met het bureau, voordat men zich aan dergelijke installaties moet "wagen". Bij daken met brandgevaarlijke isolatie materialen als polystyreen of polyurethaan, adviseert het bureau toepassing van glas-glas PV modules, in combinatie met vlamboogdetectie in de omvormer configuratie.

Er wordt gewerkt aan een oplossing voor daken met brandbare isolatie materialen. Burghgraef van Tiel werkt met een brandwerend gecoat doek wat tussen het (geïsoleerde) dak en de PV generator wordt geplaatst. Half december volgt een experiment, waarbij ze zonnepanelen boven zo'n doek op een dak met polystyreen isolatie in brand steken, om te kijken of het dak intact blijft. Vermoedelijk is dat Thialf, of gaat dat ook bij Thialf getest worden, gezien een bericht over een dergelijke oplossing bij verzekeraars-portal Amweb (4 december 2020, opgenomen in nasleep onder Thialf casus).

Jurjen Burghgraef van het gelijknamige bedrijf over deze proefneming: "Slaagt deze test, dan kunnen ondernemers ervoor kiezen de huidige isolatielaag te laten liggen. Bovendien verleng je de levensduur van de dakbedekking en kan er geen brand ontstaan na dakdekwerkzaamheden. Als het dak al veertig jaar op het pand ligt met daaronder brandbaar isolatiemateriaal, zou ik overwegen om de isolatie te vervangen. En de nieuwe glas-glaspanelen branden bijvoorbeeld bijna niet. Die gaan voor ‘moeilijke’ daken de oplossing zijn."

Remco de Mol, projectleider en KAM-coördinator bij E2 Energie, wat veel grotere bedrijfsdaken van PV installaties voorziet, en medeontwerper van de nieuwe scope 12-richtlijn voor zonnestroominstallaties, stelt dat 2018 het keerpunt is geweest: "In dat jaar waren er relatief veel branden en sindsdien zijn verzekeraars strenger. En terecht, want van de installaties die vóór 2018 op bedrijfspanden zijn gelegd, voldoet zeker 75 procent niet aan de norm". Sinds de vele pers aandacht (zie incidenten lijst verderop) zijn bedrijven rap gaan professionaliseren, en wordt er volgens de laatste NEN 2010 laagspanningsnorm gewerkt. De installaties worden al veel veiliger aangelegd dan voorheen.

Het eind advies is, om gezamenlijk op te trekken met een keuringsbedrijf en de verzekeraar, dan is er veel (meer) mogelijk. En blijven de verzekerings-premies ook betaalbaar.

Tot slot volgt nog een punten lijstje, om met de verzekering een acceptabel plan voor aanleg van een groot PV systeem voor elkaar te krijgen:

  • Vraag uw verzekeraar van tevoren of ze de installatie willen verzekeren als u een onafhankelijk en erkend inspectiebedrijf betrekt bij het ontwerp.
  • Zie erop toe dat de installateurs de installatie aanleggen volgens de NEN-7250-norm; laat dat vooraf in de offerte vastleggen.
  • Is het dak van uw bedrijfspand geïsoleerd met brandbaar materiaal zoals polystyreen? Schakel dan een expert in om met u mee te denken over een oplossing.
  • Als het dak groot genoeg is om op te delen in compartimenten, biedt dat meer verzekermogelijkheden.
  • Kijk samen met de expert of de omvormers buiten kunnen staan. Als dat niet kan, laat ze binnen, in een afgesloten ruimte plaatsen.

 


16 november 2020. Antwoord op vragen van het lid Agnes Mulder over het verzekeren van zonnepanelen en voor de kosten van het opruimen van schade veroorzaakt door brand bij zonnepanelen. Website Tweede Kamer. Zie ook antwoorden van Min. Wiebes (EZK) op eerdere vragen van CDA kamerlid Mulder over de verzekerbaarheid van zonnepanelen verderop (antwoorden van 6 augustus jl.). Wiebes gaat in op, o.a. het overleg tussen hem, de verzekerings-branche, en andere betrokken partijen omtrent de verzekerbaarheid van zonnepanelen. Met name vanwege de fors gewijzigde positie van de verzekeringsbranche n.a.v. onder anderen de beruchte Thialf casus.

Complex vraagstuk
Verzekeren van (grote) bedrijfspanden is een algemeen vraagstuk, waar de aanwezigheid van zonnepanelen (slechts) een onderdeel van is. De waarde van het pand wordt met een PV installatie vergroot, daarmee ook de verzekerde waarde ervan. Dat is een verhoging van het risico voor de verzekeraar. Soms (zoals bij Thialf) werden de risico's zo hoog geacht, dat het pand niet meer - vanuit de perceptie van de verzekeraar - verzekerbaar bleek. Risico's kunnen voorkomen worden, door zo vroegtijdig mogelijk, nog vóór installatie van grote PV systemen, in contact te treden met de verzekeraar om een nieuwe situatie van tevoren duidelijk te krijgen, en wat dat voor "een" opstalverzekering voor gevolg zou kunnen hebben. Ook een eventuele combinatie van het PV systeem met een (aangepaste) dakconstructie, gebruikte dakisolatie materialen, het specifieke gebruik van het pand, en de waarde ervan, en van de PV generator, spelen bij dit complex van overwegingen een rol. Dat moet vooraf worden afgestemd, niet achteraf.

De branches zijn in beweging gekomen, en hebben zwaardere en nieuw eisen laten opstellen om kwaliteit maximaal te krijgen. Hiertoe horen de Scios Scope 12 (certificering en inspectie van installaties), verzwaring van de eisen voor het keurmerk InstallQ (erkenning installateurs), de Nederlanse Brandweer komt met een richtlijn voor veilige inpassing van PV systemen in gebouwen, de kwaliteit van (nieuwe) installaties zal hiermee toenemen en de verzekerbaarheid van gebouwen met zonnepanelen ook.

Overleg ACM
Vanwege mededingings-overwegingen mogen verzekeraars (ook) geen onderlinge afspraken maken over acceptatie beleid, premies, of preventie maatregelen, dus zal elke verzekeraar anders kunnen omgaan met bestaande en nieuwe situaties. Wiebes is met de Autoriteit Consument en Markt (ACM) in gesprek om de mogelijkheden te bekijken wat er wél onderling mag worden afgesproken bij de verzekeraars op het gebied van minimale preventie-eisen. Verbond van Verzekeraars, Holland Solar, Techniek Nederland, de Nederlandse Vereniging voor Isolatie Industrie, en Brandweer NL blijven in gesprek om tot optimale oplossingen te komen, en "proportionele maatregelen", om de verzekerbaarheid van gebouwen met PV systemen te vergroten.

Deposities bij branden met zonnepanelen
Mulder vroeg ook naar de verzekerbaarheid bij de - nu nog zeldzaam opgetreden gevallen dat er asdeeltjes en scherven van zonnecellen in weilanden zijn beland (casussen in 't Veld NH en Rutten Fl.). Bij de verzekeraars wordt dit als een "nieuw element" beschouwd, de opruimingskosten van dergelijke gevolgschade zijn meestal niet of zeer beperkt verzekerd bij de gehanteerde brand polissen. Hiervoor zou een aparte verzekering of extra dekking afgesloten moeten worden. Het Verbond van Verzekeraars is een onderzoek gestart hoe dit soort gevolgschade op een uniforme, eenduidige wijze kan worden afgewikkeld, en de deposities kunnen worden opgeruimd. Stichting Salvage zou hierbij ingeschakeld kunnen worden. Onderzoek naar de risico's bij dergelijke deposities worden momenteel op elkaar afgestemd door betrokken instellingen als het Instituut Fysieke Veiligheid (IFV), Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu (RIVM), en TNO. De trein is in beweging gezet, Wiebes ziet geen extra dwingende of "versnellende" rol van de overheid meer in deze materie, dat moet zorgvuldig gebeuren, en dat kunnen genoemde instellingen prima.

Bij deposities na branden zal de lokale omgevingsdienst monsters nemen. Voordat daar resultaten van bekend zijn gemaakt, dienen producenten op wier grond voedsel wordt gekweekt, het voorzorg principe te hanteren. Bij twijfel over de veiligheid van geteelde producten, mogen deze niet op de markt worden gebracht. Mocht uit het onderzoek volgen dat de voedselveiligheid niet meer gegarandeerd kan worden, moet de landbouwer passende maatregelen nemen. De Nederlandse Voedsel- en Warenautoriteit NVWA houdt hier op toezicht. Ondernemers hebben hierin een eigen verantwoordelijkheid, bij twijfels over veiligheid dient hiervan melding te worden gemaakt bij NVWA. Wiebes gaat er niet op in, maar de twee grote casussen waar het hier om gaat, hebben grotendeels alleen scherven silicium uit de zonnecellen opgeleverd op akkers / weiden in de omgeving, en grotendeels verkoolde backsheet snippers van de zonnepanelen. Een groot deel van de scherven is handmatig verwijderd door ondernemers en vrijwilligers. Aangezien backsheet materialen zeer resistent zijn vanwege hun functie, valt te betwijfelen of deze, wijd verspreid, problemen zullen opleveren voor de voedselveiligheid. Maar dat moeten de omgevingsdiensten objectief vaststellen.

DIRECT e.a. onderzoek trajecten
Mulder vroeg ook naar de status van het "DIRECT" programma, "duurzaam en veilig ontwerp van zonnestroom installaties", en brandexperimenten van het RIVM. Wiebes antwoord dat het "DIRECT" programma loopt van 2019 tot medio 2021, en dat dan resultaten bekend zullen worden gemaakt. RIVM gaat in het tweede kwartaal van 2021 de brand experimenten uitvoeren, de resultaten daarvan worden in het tweede half jaar van dat jaar verwacht. Eventuele vervolgstappen op basis van de conclusies zullen worden kortgesloten met het ministerie van Infrastructuur en Waterstaat. In het 2e kwartaal wordt duidelijk, of het IFV aanvullende aanbevelingen zal doen voor acties bij incidenten waarin PV generatoren zijn verbrand, en of daartoe eventuele aanbevelingen in het protocol zullen worden opgenomen.

Vroeg contact opnemen met verzekeraars
Wiebes claimt ook dat de meeste (kleinere) panden goed verzekerbaar zijn en blijven, waar het om kleinere PV installaties gaat. Voor de grotere commerciële projecten wordt nu de kwaliteitseis extra streng geborgd door de in gang gezette trajecten (deels hierboven genoemd). Wiebes dringt er met klem op aan om als commercieel of non-profit instelling vastgoed eigenaar zo vroeg mogelijk met de verzekeraar in contact te treden, vóórdat een koop opdracht voor een groot PV project wordt gegeven. Dit om problemen achteraf te voorkomen.

Wiebes benadrukt, dat er al veel in gang is gezet, en dat het niet wenselijk is dat de overheid "de rol van de marktpartijen overneemt". Ergo: hij ziet geen noodzaak voor overheids-ingrijpen, wat logisch is, gezien de sfeer die de laatste neoliberale kabinetten ademen.


16 november 2020. "Goednieuwsverklaring". In een overleg met de vaste commissie voor Economische Zaken en Klimaat op 7 oktober 2020 antwoordde Wiebes op vragen van, o.a. Matthijs Sienot (D'66), over de verzekerbaarheid van zonnepanelen (met name "op grotere daken", n.a.v. "casus Thialf"), en kwam hij met een nieuw toverwoord. Uit het nog ongecorrigeerde stenogram van de vergadering (voor eigen risico "te genieten"): "Op 3 september heeft EZK een rondetafel voorgezeten met de verzekeringsbranche en marktpartijen. Daaruit bleek dat het voor het overgrote deel geen probleem is, maar dat de verschillende initiatiefnemers actief zullen wijzen op het belang van contact met de verzekeraar en het zo bouwen dat het risico wordt verminderd. Daar zijn allerlei partijen bij betrokken, onder andere het Verbond van Verzekeraars en Techniek Nederland. Er wordt dus gewerkt aan een soort preventie op basis van technische informatie over zonnepanelen die de verzekeringsrisico's reduceert en helderder maakt, een voorbeeldclausule voor verzekering van zonnestroominstallaties en een erkenning, ook van installateurs, zodat de verzekeraar een soort goednieuwsverklaring krijgt en dat aandurft".


3 november 2020. Publicatie over kwaliteit en veiligheid van zonnestroomsystemen. Website Holland Solar. Publicatie in samenwerking met Techniek Nederland, met overzicht van de kwaliteitsborging trajecten inclusief veiligheids-issues binnen de zonnestroom - en installatie sector. Eerste document, wordt aangepast bij voortschrijdende inzichten en wijzigigingen in het hele raamwerk rond kwaliteit en veiligheid in de sector.


13 oktober 2020. Tips & maatregelen over het veilig plaatsen van zonnepanelen in combinatie met Elektriciteit Opslag Systemen. Verslag van Live Webinar van VvE verduurzaming ontzorger, Voor de VvE, over het eerst geplaatste PV systeem met accu opslag bij een 29 appartementen tellend complex in Maassluis, wat voldoet aan de nieuwste richtlijnen van het Instituut Fysieke Veiligheid, Handreiking voor plaatsing zonnepanelen in combinatie met Elektriciteit Opslag Systemen. Waarbij ook de brandveiligheid maximaal wordt gewaarborgd. Zoals plaatsing van normaliter "interne" installaties als omvormers, accu systeem e.d. op het dak om minimaal rookoverlast bij eventualiteiten te krijgen binnen in het complex. Zie ook de uitgebreide link lijst naar documentatie over de nieuwe richtlijn in een separaat bericht over het webinar van 24 september 2020, en een serie berichten in de pers (ook op de Voor de VvE site). Het gaat bij dit eerste systeem om een 300 zonnepanelen tellende nieuwe installatie (een paar jaar oud bestaand systeem is gedoneerd aan een school voor autistische kinderen) en 70 kWh accu opslag met volledig eigen bemetering op het Uilenstaete complex aan de Korhoenstraat te Maassluis (project bericht met foto's hier).


oktober 2020. De 6 stappen naar brandveiligheid bij PV-installaties. Kennisdocument. (website Conduct.nl). Via een invulformulier met persoonlijke gegevens is een zogenaamd "kennisdocument" op te vragen bij deze specialist op het gebied van overspanningsbeveiliging (o.a. voor zonnestroom installaties). Hierin wordt informatie verstrekt over de volgende aspecten:

  • Bouwkundige aspecten
  • Kabelmanagement
  • Aarding en potentiaalvereffening
  • Bliksem- en overspanningsbeveiliging
  • Brandpreventie en materialen
  • Aansluit- en schakeltechniek

23 september 2020. Connectors and suitable tools. Het Tsjechische installatie bedrijf Greenbuddies benadrukt in hun Engelstalige bijdrage in hun nieuwsbrief van september 2020 nogmaals het belang van het gebruik van goede connectoren bij het maken van DC verbindingen bij zonnestroom projecten. Vertaling uit het Engels door Polder PV:

Wist u dat de meest branden bij PV installaties worden veroorzaakt door verkeerde connectoren en foute installatie ervan ? Het is nog steeds gebruikelijk dat 'MC4' connectoren worden gebruikt in PV systemen met een voltage niveau van 1.500 volt DC, terwijl de connectoren slechts tot 1.000 volt DC zijn getest. Hierbij moet worden gezegd, dat de connectoren het enige punt in het gelijkstroom deel op de constructie plaats zijn, waar ingegrepen wordt / kan worden, en dat er dus aandacht aan moet worden besteed. Stäubli, voorheen Multi Contact, is de enige producent van originele MC4 connectoren. Een veel voorkomende fout is om de originele Stäubli MC4 connector te verbinden met een exemplaar met de zichtbare "zelfde" type naam, bijvoorbeeld QC4. Alhoewel op het eerste gezicht het lijkt alsof deze 2 connectoren vrijelijk kunnen worden gecombineerd in het DC circuit, is het tegenovergestelde het geval. Het verbinden van "mannelijke" en "vrouwelijke" connectoren van verschillende producenten is verboden volgens de PV standaarden, om oververhitting, kortsluiting, en mogelijk brandgevaar van de DC installatie te voorkomen. Een professioneel installatie bedrijf dient zogenaamde "krimp tangen" ("crimping pliers") met de correcte "bek" te gebruiken voor elk type connector, zoals MC4, MC4 Evo2, of Amphenol. Dit soort connector tangen worden verkocht door, o.a. Stäubli, Knipex, of Rennsteig.


14 september 2020. ‘Einde aan pv-cowboys op daken’. Installatie.nl. Goed dat die titel tussen aanhalingstekens staat, want zoals al geopperd in de reacties onder dit artikel, zal een tweede "keurmerk" voor de zonne-energie installatie branche, dat van Kiwa, waarschijnlijk niet voorkomen dat er alsnog beunhazen gaan knutselen aan PV systemen, zonder dat er - van overheidswege - sancties op staan. Met alle gevolgen van dien, zoals mogelijk brand a.g.v. slechte installatie kwaliteit, verkeerd gezette connectoren, etc. Kiwa heeft namelijk een eigen kwaliteitskeurmerk, K11008, in het leven geroepen, om tot betere kwaliteit voor de installatie van zonne-energie systemen te komen. "Deze keur certificeert niet alleen de monteur, maar ook het volledige installatieproces". Hiermee heeft de markt nu twee verschillende kwaliteitssystemen, die van elkaar verschillen, maar ook overlap hebben. Het zal u niet verbazen, de initiatiefnemers van het al enkele jaren bestaande Zonnekeur voor installateurs, Holland Solar en Techniek Nederland zijn "not amused" over dit zoveelste initiatief. Holland Solar stelt in haar reactie (bericht 16 september 2020) zelfs: "onnodig en vertroebelt het beeld voor de klanten in onze sector", en "vreemd en teleurstellend dat een partij van buiten de sector een dergelijk keurmerk ontwikkeld zonder vertegenwoordigers van de sector hierbij te betrekken".

In het Installatie.nl artikel wordt e.e.a. belicht, en volgen de nodige reacties ...

Zie verder:

BRL K11008: Installatie van zonne-energie systemen (website Kiwa)


september 2020. Verzekeren van zonnedaken. In whitepaper van Dutch Green Building Council, sep. 2020. Apart artikel met 3 secties. In een andere bijdrage in dezelfde whitepaper, stelt operationeel directeur van de grote solar rooftop ontwikkelaar KiesZon, Bram Peperzak, het volgende over verzekerbaarheid tegen o.a. brand op logistiek vastgoed: “Er komen drie controlemomenten: tijdens de engineering, gedurende het installeren en een opleverinspectie.” Op die manier komt er ook voor de verzekeraars meer inzicht. Want dat is volgens Peperzak de reden van de premiestijging: “Er is te veel onbekend, dus is het een hoog risicoprofiel. En er is nog een te lage risicospreiding, doordat verzekeraars vaak een beperkt aantal gebouwen met een zonnestroomsysteem op het dak in de portefeuille hebben. Verzekeraars zullen snel meer kennis en ervaring opdoen en door het grote aantal projecten dat nu wordt gerealiseerd ontstaat er ook spoedig voldoende risicospreiding.” KiesZon is betrokken bij het nieuwe SCOPE 12-richtlijn. Die richtlijn legt op dat een onafhankelijke derde partij de zonnedaken controleert. Overigens is zijn claim "nog nooit brand geweest bij een logistiek project" incorrect, in Amsterdam is bijvoorbeeld een klein deel van een groot logistiek PV project in brand gevlogen (en gelukkig beperkt gebleven qua schade: incident Latexweg, september 2019).


september 2020. Scope 12 - Inspectie van zonnetroominstallaties. September 2020. De stichting SCIOS is eigenaar van, beheert en ontwikkelt het kwaliteitssysteem ten behoeve van installatie-eigenaren en inspectie- en installatiebedrijven voor de inspectie en het onderhoud van technische installaties. Na lange voorbereiding, is nu eindelijk het Scope 12 programma, waarbij inspecties van zonnestroominstallaties groot en klein mogelijk worden gemaakt, klaar om van start te gaan. De organisatie van deze inspecties is tot stand gekomen op initiatief van het Verbond van Verzekeraars, Holland Solar en inspectiebedrijven (vanuit de brancheorganisaties iKeur en Techniek Nederland) ontwikkeld. Met de toename van het aantal zonnestroominstallaties en de magere kwaliteit van de installatiebedrijven, wordt de schadelast steeds groter. Werkzaamheden van gecertificeerde inspecteurs zullen bestaan uit eerste inspectie (EBI) en periodieke vervolginspecties (PI). De verwachting is, dat de vezekerings-branche dergelijke inspecties verplicht zal gaan stellen, in ieder geval voor grotere projecten. Maar ook woningen kunnen inspecties verwachten, mede omdat in de afgelopen jaren diverse indak-systemen in brand zijn gevlogen, en vermoedt wordt, dat er zaken structureel fout zijn gegaan bij het installatiewerk (met name bij de connectoren). Zie ook het uitgebreide artikel in Solar Magazine, september 2020, "Verzekeraars gaan inspectie als harde eis stellen".


31 augustus 2020. Brandveiligheid PV-systemen. Whitepaper van DWA (Gouda), 31 augustus 2020. Benoemt beknopt potentiële gevaren m.b.v. het actuele thema "brand en zonnepanelen", regelgeving, en oplossingsrichtingen. Een goed begin van meer professionele aandacht voor deze materie, en hopelijk ook een daadwerkelijke aanpak van de belangrijkste risico's in de solar sector in Nederland. 5 pagina's, downloadbare pdf.


27 augustus 2020. Het Verbond van Verzekeraars en de VNAB stellen een Voorbeeld Zonnepanelenclause op. Website VNAB, 27 augustus 2020. De Coöperatieve Vereniging Nederlandse Assurantie Beurs B.A. heeft samen met het Verbond van Verzekeraars een - niet bindende - clausule opgesteld voor zonnestroomsystemen op daken (dus exclusief andere toepassingen zoals grondgebonden en fassade systemen). De clausule beschrijft waar aan de PV-installaties moeten voldoen. Hierin onder anderen een meldingsplicht voor (uitgebreide) installaties vanaf 5 kVA (wat de meeste particulieren nooit zullen halen), en, onder voorbehoud van ouderdom van de installatie, overhandiging van een daklast berekening voor het onderhavige pand waarop het zonnestroom genererende systeem is aangebracht. De tekst van de voorbeeld clausule is hier te vinden (> tab blad "brand" > Modelclausules > "Voorbeeld clausule zonnepaneleninstallaties met een vermogen van meer dan 5 kVA (garantie)", pdf). VNAB benadrukt, dat het gebruik van deze clausule "op generlei wijze wordt aanbevolen", maar slechts als voorbeeld dient. Immers, de vrijheid van gebruik ligt bij de marktpartijen zelf, die met elkaar concurreren om de klanten.

Volgens de antwoorden van Wiebes op een nieuwe serie vragen van Agnes Mulder (16 nov. 2020), zou de brochure van een update worden voorzien in samenwerking met branche organisaties Techniek Nederland en Holland Solar.


14 augustus 2020. Risico's brand met zonnepanelen in kaart brengen. Website Instituut Fysieke Veiligheid, 14 augustus 2020. Het instituut wil tot een nationaal plan komen voor onderzoek naar, en het omgaan met branden waar zonnepanelen bij zijn betrokken. Gesteld wordt: "Kennen, herkennen en onderkennen we de veiligheids-, gezondheids- en milieurisico's hiervan? In welke mate treden deze gevaren op? Op welke wijze moet hiermee worden omgegaan? En wie is er verantwoordelijk voor de gevolgen en de afwikkeling van een dergelijke brand? De antwoorden op bovenstaande vragen zijn niet eenduidig te beantwoorden maar de vraag naar een landelijke richtlijn wordt wel steeds urgenter". Het instituut gaat deskundigen in veiligheidsregio's, het RIVM, het Veiligheidsberaad, omgevingsdiensten en de NVWA benaderen om te onderzoeken hoe gezamenlijk expertise en advies op dit vlak gebundeld kan worden. Hoogst curieus is daarbij, dat dé partij die daar ook bij betrokken zou moeten worden, omdat daar majeure kennis over het "fenomeen zonnepanelen" aanwezig is, branche organisatie Holland Solar, in dat rijtje juist niet wordt benoemd ...

In een blog van Nils Rosmuller (lector Energie- en transportveiligheid IFV), met de makkelijk te misbruiken, nogal suggestieve titel, "Zijn zonnepanelen het nieuwe asbest ...?", wordt verder ingegaan op deze plannen, en wordt expliciet naar de twee recente branden met depositie van scherven van zonnecellen in Rutten (NOP, Fl.) en in 't Veld (Hollands Kroon, Noord Holland) verwezen. Hoogst ongelukkig is de suggestieve verwijzing naar een test van het Duitse TÜV uit 2015, "Mogelijke overschrijding van toxicologische grenswaarden van zware metalen zoals lood en cadmium is echter alleen in de onmiddellijke nabijheid van de brand en onder zeer ongunstige omstandigheden gemeten". Cadmium zit uitsluitend in de in Nederland zeldzaam ingezette CdTe dunnelaag modules (bijna uitsluitend in enkele grotere veldsystemen).

Later besteedde Binnenlands Bestuur in een lang artikel (2 oktober 2020, penvoerder: BNG Bank) ook aandacht aan de bevindingen van het IFV.

Zie ook artikel op Nieuwe Oogst (19 aug. 2020), en bespreking van het uitgebreide vooronderzoek van het IFV gepubliceerd in december 2020.


6 augustus 2020 ff. Kamervragen van CDA leden Geurts en Agnes Mulder aan Wiebes (MinEZK) en van Veldhoven (MinIenM). Website Tweede Kamer. Over "weilanden vol glas" n.a.v. twee recente brand incidenten waarbij stallen / loodsen met zonnepanelen in een agrarische omgeving waren betrokken (in casu: Wrakkenweg Rutten [NOP], 28 juli 2020, en 't Veld [Hollands Kroon, NH], 30 juli 2020. De onvermijdelijke parlementaire reactie op twee breed uitgemeten incidenten met uitgebrande agrarische loodsen, die een spoor van as en scherven van zonnecellen achterlieten op het omringende land. De kamerleden willen van de ministers weten, of er iemand wel over dergelijke gevolgschade heeft nagedacht, wat de mogelijke effecten op de gezondheid van mens en dier zouden (kunnen) zijn, wat er aan gedaan zou kunnen worden, of er verschil is in effect in type of bevestiging van panelen (tongue in cheek inschatting Polder PV: maakt niet of nauwelijks uit), of er (al) protocollen worden ontwikkeld hoe te acteren bij dergelijke (PPV: nog steeds marginaal optredende) incidenten, of er een "landelijke oplossing" voor dergelijke incidenten is of gaat komen, en welke partijen daarbij worden betrokken, en, tot slot, of deze "gevolg casus" van branden ook worden besproken in al lopende gesprekken met de verzekeraars.

25 september 2020 antwoord van Wiebes in Kamerbrief, wederom op website van de Tweede Kamer. Vrij nietszeggende antwoorden, het RIVM zou brand testen gaan doen om te kijken wat er aan (potentieel) gevaarlijke stoffen zou vrijkomen. Dit, parallel aan een strategisch onderzoeksprogramma (project "DIRECT") naar duurzaam en veilig ontwerp van zonnestroominstallaties, waarbij ook wordt gekeken naar (mogelijk gevaarlijke) stoffen in zonnepanelen. Verder blijkt Wiebes niet goed te zijn ingelicht door zijn ambtenaren. De stellingname "Dit neemt niet weg dat de incidenten van de afgelopen maanden, waar bij branden specifiek deeltjes vrijkwamen uit zonnepanelen, niet eerder voorgekomen zijn" klopt beslist niet. Al een jaar eerder (30 juli 2019) gebeurde tijdens een felle brand van een loodsen complex van een appel-verwerkend bedrijf in Marknesse exact hetzelfde, en belandden scherven van losgeraakte zonnecellen wijd verspreid over aanpalende agrarische percelen. Een gebeurtenis die Polder PV dan ook al lang in zijn brand incidenten lijst had opgenomen. Het is beslist niet ondenkbaar dat bij de zeldzame vergelijkbare (felle) eerdere branden in het buitengebied iets vergelijkbaars is geschied, maar dat er nooit over is gerapporteerd. Bijvoorbeeld bij de helaas regelmatig optredende stalbranden, met soms honderden tot duizenden dode dieren tot gevolg, waar vaak de aandacht naar uitgaat, en waarbij in sommige gevallen ook een PV generator in brand is gevlogen (zoals in Renswoude, Ut., in 2019). Of bij andere hevige branden met te verwachten flinke convectie in het buitengebied, zoals in Ens (BioRomeo, Fl.), jachthaven te IJsselstein (Ut.), de zeer grote brand met verloren gegane PV generatoren op loodsen van het afvalverwerkend bedrijf HVC te Middenmeer NH (al in augustus 2015), e.a. Wiebes meldt in ieder geval aan het slot van de brief, dat de veelbesproken (recente) "brand in Moerbeek" (lees: in 't Veld, Hollands Kroon, NH) niet de PV generator als oorzaak had (feitelijke oorzaak niet benoemd / bekend).

Kennelijk nog lang niet tevreden met de antwoorden van Wiebes, kwamen er nog eens dertien (!) vragen overheen, over de verzekerbaarheid van zonnepanelen, o.a. in relatie met eventueel optredende "deeltjes" van zonnepanelen die op gewassen in het omliggende land zouden kunnen terechtkomen. En waarom alles zo lang duurt, en wat er uit overleg met de verzekerings-sector tevoorschijn is gekomen over deze materie. Wederom van Agnes Mulder van het CDA, gericht aan Wiebes (MinEZK), in een waslijst gepubliceerd op 1 oktober 2020. Zie downloadbare vragen lijst op de site van de Tweede Kamer. Die vragen werden op 16 november beantwoord door Wiebes, zie het aparte item daarover, hier.


28 juli 2020. De veranderende rol van de verzekeraar: Centraal Beheer helpt bedrijven bij verduurzamen. Duurzaam Bedrijfsleven. Interview met directeur Hommel van grote verzekeraar Centraal Beheer, over de veranderende rol van het bedrijf bij het verzekeren van vastgoed. Inclusief voorzorgsmaatregelen om nare zaken als brand te voorkomen. "Als je als verzekeraar ervoor kiest om vanwege de risico’s niet meer te verzekeren, laat je de ondernemer aan zijn lot over", vindt Jack Hommel, directeur bij Centraal Beheer Bedrijven. "En je lost de problemen niet op. Dat is juist wat we bij Centraal Beheer wel willen." Daarom pleit hij voor een andere aanpak. In het artikel worden richtingen aangegeven waarover de verzekeraar nadenkt en waar ze op acteren.


15 juni 2020. Brandveiligheid bij zonnepanelen: wat zijn de verschillen? Advertorial op website Cobouw, gesponsored door glas-glas zonnepanelen producent SolarWatt, waarin deze typen PV-modules werden gecertificeerd volgens twee normen (IEC en EN), en bleken te "voldoen aan de hoogste eisen die kunnen worden gesteld aan brandveiligheid bij toepassing op daken". Bij een andere test bleken de "busbars" over de zonnecellen bij glas-glas panelen bedekt, terwijl die bij modules met kunststof backsheets, die kunnen vervormen bij brand, en de glasplaat aan de voorzijde in stukken laat breken. Waardoor de busbars "vrij" komen te liggen, en dus een potentiële bron voor elektrische schokken zouden kunnen vormen. Er wordt niet bij verteld hoe dat in brand situaties tot verhoogde risicio's zou kunnen leiden, omdat de meeste brandweerkorpsen grote afstand houden tot de generator in het geval van brand, en het niet gebruikelijk is, dat een brandweer bestrijder met opzet de voorzijde van zo'n beschadigd paneel zou willen aanraken.

Zie ook artikel van 23 juni 2020, "Brandveiligheid van zonnepanelen: de verschillen zijn enorm", in Ditishelmond.nl.


2 juni 2020 - Casus Thialf - en nasleep. Zonnepanelen Thialf staan uit: schade loopt in de tonnen. Omroep Fryslân. Schokkend nieuws uit Heerenveen, Friesland. Kennelijk n.a.v. nogal opgeklopte commotie over branden bij PV installaties, de afgelopen twee jaar (zie incident dossier PPV, nogmaals: een fractie van het totaal aan PV systemen in Nederland betreffend), en een verbazingwekkende stellingname "zeer slechte schadestatistieken van panden met zonnepanelen en gebruikte materialen van de dakisolatie", blijkt de verzekeraar van het Thialf stadion per 30 mei eenzijdig de brandverzekering te hebben stopgezet. Als gevolg hiervan, blijkt de grote, uit 5.000 zonnepanelen bestaande, 1,35 MWp grote PV generator, door meerdere partijen, met als "energiepartner" destijds Nuon (> Vattenfall), en uitvoerder Louters Solar eind 2016 opgeleverd, eind mei 2020 in zijn geheel te zijn uit gezet, "om verzekerd te kunnen blijven". Dit betekent sowieso dat dit met 2 SDE subsidies "gezegende" zonnestroom project geen inkomsten meer kan genereren voor de al door andere problemen getroffen exploitant. Er wordt gesproken van een schadepost van een paar ton per jaar a.g.v. derving van subsidies én natuurlijk misgelopen verkoop van zonnestroom die niet in het complex wordt verbruikt (in dit bericht, Webarchive link i.v.m. verwijderd exemplaar op website Powerpeers), wordt gerept van overschotten zonnestroom productie in de maanden april tm. september). Er moet dan dus ook nog stroom worden ingekocht, wat nog eens zo'n 125.000 Euro extra uitgaven per jaar oplevert. Dit alles "raakt" ook de aandeelhouders van het stadion, waar onder Provinciale Staten van Friesland, die inmiddels van het vreselijke nieuws per brief door de directie op de hoogte is gesteld. De provincie heeft destijds ook een subsidie verstrekt voor de bouw van het grote PV project (zie bericht Vattenfall). Later is er, voor het afvangen van de piekvraag tijdens top evenementen zoals het wereldkampioenschap schaatsen, ook nog een 250 kVA / 420 kWh "Green Battery" van leverancier Alfen geplaatst door de Nederlandse dochter van het Zweedse staatsbedrijf. Ook daarvoor werd provinciale subsidie verstrekt.

Het wordt mogelijk nog erger, want het kan kennelijk zelfs zo "bont" gaan worden met de verzekering, dat de generator voor 1 oktober zelfs in het geheel van het dak gehaald zou moeten worden om het complex verzekerd te kunnen houden. De directie gaat daartoe in gesprek met de verzekeraar(s) om dit te proberen te voorkomen, want dan zou er nog een extra schadepost (verwijderings-kosten) bij gaan komen (midden in Corona pandemie tijd). De suggestie in het artikel "Over de opbrengsten van subsidie, ook 80.000 euro, ontstaat nu ook onzekerheid" kan hier met gerust hart worden herschreven als volgt. Die (SDE) subsidie kan de directie gewoon op haar buik schrijven, want het is een expliciete exploitatie subsidie. Als de generator uit staat, wordt er niks geproduceerd, en ontvangt Thialf daarvoor niets van SDE uitkering instantie RVO. Mocht in het aller ergste geval de generator daadwerkelijk ook nog fysiek van het dak moeten, zal er geen cent aan subsidie meer verstrekt worden. Wat de facto, impliciet, al het geval is per eind mei dit jaar, vanwege nihil productie. Eventuele voorschotten verkregen van RVO (op basis van de oorspronkelijke subsidie beschikkingen), zullen later gecorrigeerd worden op basis van de daadwerkelijk gecertificeerd bemeten bruto productie, waarvan de data later bij RVO (via de netbeheerder, Liander, en CertiQ) binnen zullen komen. De directie van Thialf claimt in de brief dat ze niet onder het voorliggende (nieuwe) "verzekerings-voorstel" uit kan komen, omdat ze wil voorkomen met een onverzekerd gebouw (ook voor bedrijfsschade in / op het gebouw) verder te moeten.

Elektriciteit consumenten kunnen al langere tijd zogenaamd "stroom van het zonnedak van Thialf" afnemen via het Powerpeers vehikel van Zweeds energieleverancier Vattenfall. Er werd zelfs gezinspeeld op "schaatsfans" die zo betrokken zouden worden bij het Walhalla in Nederland, op dit gebied. Dat is de facto gewoon afname van Garanties van Oorsprong die dat dak oplevert, voor de hoeveelheid stroom die thuis wordt geconsumeerd bij de contractanten, dus "vergroening van de doorsnee stroommix die wordt afgenomen van het net". Ook die klanten krijgen, in het slechtste geval, straks mogelijk bericht dat het contract eenzijdig zal moeten worden (of wellicht zelfs al is) opengebroken, vanwege mogelijke verwijdering van de generator in Heerenveen. En die zullen op een andere "bron" moeten overstappen. Of, wellicht, als die optie geboden wordt, hun contract met Powerpeers moeten opzeggen. Voorwaar: een echte Friese Solar Soap in wording. Dit gaat vast vragen bij Gedeputeerde Staten en/of in de Tweede Kamer in Den Haag opleveren, is mijn inschatting.

Zie ook NOS artikel met inhoud van vergelijkbare strekking. Energeia kwam op 3 juni 2020 met meer details over de verzekering kwestie, met o.a. reacties van directeur van Wijnand van Hooff van branche organisatie Holland Solar, en Oscar van Elferen van het Verbond van Verzekeraars. Maar suggereerde daarbij onterecht ook "onzekerheid" over misgelopen SDE subsidie (artikel achter pay-wall, zie ook reactie Polder PV via Twitter). Het tussenkopje moet ook niet "mln" (Euro) zijn maar "ton" (factor 1.000 minder). Friesch Dagblad besteedde op 4 juni 2020 aandacht aan deze zoveelste Nederlandse solar soap, het gebouw kan volgens de gemeente voorlopig openblijven omdat er voldoende vluchtwegen zouden zijn. Directeur van installatiebedrijf Zonel, hoofdaannemer voor de PV generator, vindt standpunt verzekeraars niet kies, en in de energietransitie onhoudbaar. En claimt "Het grootste deel van de Nederlandse daken heeft dit isolatiemateriaal" (bedoeld wordt EPS-SE), waarvan verzekeraar nu opeens zou vinden dat het brandgevaarlijk zou zijn in combinatie met zonnepanelen. "Die risicoclassificatie is pas een paar maanden geleden bekend gemaakt". Er zijn bij Thialf SolarEdge optimizers en omvormers gebruikt die bij problemen automatisch de generator in veilige toestand zouden brengen, het bedrijf ziet niet in waarom dat (nu) onacceptabel zou zijn. Thialf zelf overweegt sensoren op het dak aan te brengen, om te voorkomen dat de PV generator voor 1 oktober 2020 van het dak af moet.

In een interview met de geschokte Thialf-directeur Marc Winters door Omroep Fryslân (bericht 3 juni 2020) wordt, door hem, merkwaardig, gesteld "We hebben bij vele verzekeraars gecheckt ... Sommigen melden honderden schadegevallen bij dit soort panelen. Daarom worden de verzekeraars steeds defensiever bij dit soort panden". Tientallen incidenten met brand(jes) met zonnepanelen, OK, zie de incidentenlijst. Maar "honderden per verzekeraar" ?? Dat heb ik nog niet eerder gehoord, en daar is in de publieke ruimte ook absoluut geen aanwijzing voor. Wordt hier niet van een mug een olifant gemaakt ?

Nasleep casus Thialf

Op 4 juni 2020 stelde GroenLinks Tweede Kamerlid Tom Van der Lee kamervragen aan Wiebes over deze kwestie, waarbij hij suggereert of er onderzoek gedaan kan worden naar een - hypothetische - verzekering voor dergelijke projecten via de overheid, om verzekeraars te "prikkelen" een beter aanbod te doen aan de markt (dossier nummer 2020Z10090).

Op 9 juni 2020 volgde nog een reactie van branche organisatie Holland Solar, waarvan directeur Wijnand Hooff stelt dat de actie van de verzekeraar van Thialf, kennelijk AFM, "de wereld op zijn kop" was en dat het onvoorstelbaar is dat "de stekker er zomaar uitgetrokken wordt" in de onderhavige casus. Hooff stelt, dat zonnepanelen in slechts 2% van de gevallen de oorzaak zijn van elektriciteitsongevallen met brand als gevolg in woonhuizen. Het percentage brand door zonnepanelen op daken van bedrijven of logistieke centra is nog veel lager. Hooff stelt tevens, "de uitspraak dat “gebouwen nauwelijks verzekerbaar zijn door zeer slechte schadestatistieken” blijkt uit geen enkel van de onderzoeken of dagelijkse praktijk". Hij maakt zich grote zorgen over de ontwikkeling van "casus Thialf", en stelt "zo komen we nooit van de fossiele brandstoffen af". De branche organisatie is samen met Techniek Nederland al langere tijd in gesprek met het verbond van de verzekeraars, probeert harde info op tafel te krijgen, voorlichting te geven, en zal de gesprekken continueren om het gif uit de angel proberen te krijgen. Er staan immers inmiddels al heel erg veel grote PV installaties in Nederland, Holland Solar ziet de bui op dat punt al hangen. Vergelijkbare ingrepen bij andere projecten zouden compleet desastreus zijn voor het vertrouwen van investeerders in nog geplande (grote) zonneprojecten. Voor de zoveelste maal dus: werk aan de winkel en handen uit de mouwen ...

Tweede Kamer lid Moorlag (PvdA) diende naar aanleiding van het verzekerings-incident bij Thialf een motie in, met het verzoek aan de regering "stappen te zetten die bevorderen dat de risico’s van zonnepanelen afnemen en belemmeringen weg te nemen om zonnepanelen onder de dekking van verzekeringen te houden en te brengen". (10 juni 2020, reg. nr. 32 813 nr 509). Motie is 16 juni 2020 aangenomen.

Gemeente Heerenveen en Provincie Friesland kondigen onderzoek naar gang van zaken aan. Woordvoerder Verbond van Verzekeraars: "cocktail aan risico's die hier samenkomen", "de reden dat de verzekeraar zo streng optreedt". Genoemd worden specifiek de impact hebbende factoren: "er liggen kabels bloot", "de dak constructie", en "het ligt dicht op brandbaar isolatiemateriaal" ... Bericht en video bij Omroep Friesland (12 juni 2020).

Installatiejournaal zette 12 juni de zaken rond "casus Thialf" op scherp met een artikel met de kop "Broddelwerk met zonnepanelen niet te verzekeren".

Techniek Nederland (voortgekomen uit branche organisatie voor installerend Nederland, UNETO-VNI) maakt zich ernstig zorgen over de incidenten met verzekeringen, zoals de nogal verbijsterende "casus Thialf", en stelt, bij monde van voorzitter Doekle Terpstra "Installaties voor zonne-energie zijn onmisbaar om de klimaatdoelstellingen te halen. Problemen met de verzekering remmen de groei van zonne-energie nu af. Daar moeten we samen met de verzekeraars en de overheid iets aan doen". Gesprekken met de verzekeringsbranche waren al gaande (o.a via Holland Solar), en zullen in verhevigde mate gaan plaatsvinden, om, op basis van harde feiten, een "eerlijker" verzekerings-maatstaf voor PV installaties in Nederland op tafel te krijgen. Voor grote projecten werkt de branche-organisatie aan een aparte inspectieregeling, onder SCIOS scope 12. SCIOS is de eigenaar van, beheert en ontwikkelt het kwaliteitssysteem ten behoeve van installatie-eigenaren en inspectie- en installatiebedrijven voor de inspectie en het onderhoud van technische installaties. Zie berichtgeving op TN website, van 22 juni 2020.

AM Web meldt op 4 december 2020 dat men gaat proberen om het dak van een "coating" te voorzien die het dak brandwerend zou maken, en de risico's dermate klein, dat de verzekering weer afgesloten zou kunnen gaan worden. Het enige probleem is, dat het stadion weliswaar wat uitstel heeft gekregen om de zaak op orde te brengen, maar dat al op 1 februari 2021 dit moet zijn aangebracht, anders valt het doek voor de verzekerbaarheid van het pand. Over een dergelijke coating wordt ook gesproken in een artikel in Risico in beeld van 1 december (zie separaat artikel).

Op 12 januari 2021 meldt Thialf zelf ogenschijnlijk goed nieuws, ook overgenomen door Provincie Friesland in een eigen bericht. Na intensief overleg met de nieuwe verzekeraar, en onderzoek, in opdracht van provincie Friesland gedaan door Burghgraef van Tiel & Partners, is de verval datum van de verzekering weer verschoven naar 1 juni 2021. Er is ondertussen namelijk veel tijd besteed aan het onderzoeken van de meest kansrijke, hierboven reeds genoemde optie, de nieuwe brandwerende coating. In de bewoordingen van Thialf: "De testresultaten zijn verbluffend en de gehoorde technische experts van verzekeraars zijn positief maar willen op een aantal onderdelen nog meer onderbouwing. Zaak is nu met verzekeraars dit pad verder te onderzoeken. Indien de coating een oplossing is voor Thialf zal dit ook een oplossing zijn voor andere panden met zonnepanelen". Voor de resultaten van een brandtest met deze zogenaamde "keramische coating", zie het elders op deze pagina te vinden artikel.

Uitgebreide rapportage Thialf

Onder het bericht van de provincie vinden we nog verwijzingen naar de brief van Provinciale Staten over de bevindingen van het onderzoek, met een inschatting van een extra investering die kan oplopen tot 1 miljoen Euro, afhankelijk van het gekozen "renovatie scenario" voor het dak van Thialf. N.a.v. berichten die PS ter ore zijn gekomen, blijkt Thialf wat de verzekerbaarheid betreft, beslist niet het enige pand te zijn waarbij deze problemen spelen. De Provincie hoopt, dat bij een goede afloop van de verzekerings-situatie rond Thialf, dit kan uitstralen naar een vergelijkbare aanpak bij andere "getroffen" gebouw-eigenaren met grotere PV systemen in Nederland.

In de brief wordt uitdrukkelijk gesteld, dat "het probleem er voornamelijk in [ligt] dat de afgelopen jaren de verzekeraars van gedachten zijn veranderd. Ook al valt het werkelijke risico op een brand mee. Van de grootschalige branden ontstaan deze volgens onderzoekers slechts in zeer beperkte mate door zonnepanelen. Fouten van dakdekkers vormen als oorzaak een groter gevaar".

Tot slot, volgt onder de brief van de provincie, een link naar het 43 pagina's tellende onderzoeksrapport, van de hand van Burghgraef van Tiel & Partners. Er worden 6 "verzekerings-scenario's" benoemd, waarbij wordt aangestuurd op een scenario waarbij de PV generator, na herstel van vastgestelde gebreken, en het aanbrengen van een (keramische) coating tussen de generator en het dakoppervlak, weer in bedrijf kan worden gesteld. Zodat de investering, en resterende opbrengsten uit de SDE subsidie beschikking(en) en de verkoop van niet in het pand verbruikte zonnestroom, "gered" kan worden, zonder al te dramatische ingrepen. Mocht dit alles niet lukken, verliest Thialf flink wat gedorven inkomsten, moet er weer een flinke hoeveelheid stroom per jaar worden ingekocht, inclusief eventuele garanties van oorsprong ter "vergroening" van die inkoop, én moet ook nog eens een groene lening van 1 miljoen Euro aan de Rabobank worden terugbetaald. Al met al, zullen zeker bij een forse systeem renovatie, ook de aandeelhouders van het complex de nadelige gevolgen ondervinden, al is nog niet duidelijk in welke mate dat zal zijn.

Er zijn bij de inspecties, verricht door het in Rotterdam hoofdkantoor hebbende bedrijf BMT Netherlands B.V., wel wat tekortkomingen vastgesteld rond de PV generator. Recentere voorschriften onder de NEN normeringen zijn ook strenger dan de normen die bij de aanleg golden, dus moet hier ook weer rekening mee worden gehouden bij een renovatie van het project. Door het destijds voor de aanleg van de PV installatie als hoofdaannemer optredende firma Zonel, is toegezegd, dat de gesignaleerde gebreken zullen worden verholpen, zodat de PV generator t.z.t. weer ingeschakeld kan worden, én het er onder liggende complex verzekerd kan blijven. De installatie staat al een tijdje "uit" (sedert begin juni 2020), het huidige brand risico wordt minimaal geacht zolang de generator niet aan het net is gekoppeld.

De meest opvallende gebreken die door BMT Netherlands werden vastgesteld, en samenvattende conclusies m.b.t. de PV generator zijn als volgt:

  • Wijze van verankering van de montage rails aan de PVC dakbedekking, waarvan getwijfeld wordt of deze voldoet aan de nieuwe NEN 7250 norm. Er is een veld van zo'n 300 modules weg gehaald omdat de verankering daar niet deugdelijk bleek.
  • Er zijn losliggende kabels en connectoren gevonden, dit voldoet niet aan de (oude en nieuwe) norm.
  • De type verklaring voor de gebruikte connectoren ontbreekt, en moet nageleverd worden (er mogen alleen exact dezelfde connectoren van dezelfde leverancier worden gebruikt, dus geen "cross-mating", om problemen met contactweerstanden te voorkomen, met alle mogelijke problemen van dien).
  • Bundeling van kabels moet worden geïnspecteerd, en waar nodig gereviseerd. Met name bij de dakdoorvoeren.
  • Vanwege verwijdering van een flink aantal panelen (hechting aan dakbedekkig niet goed), die tijdelijk zijn opgeslagen in het gebouw, liggen de betreffende connectoren en optimizers al enige tijd los op het dak. De connectoren zijn hierbij niet afgeschermd. Deze mogen niet (weer) gebruikt worden als er corrosie van de metalen contacten wordt vastgesteld. Ze moeten door nieuwe optimizers en connectoren worden vervangen als dat wel zo blijkt te zijn.
  • De panelen dienen voldoende afstand tot de dakbedekking te hebben. Die blijkt namelijk 8 cm. te zijn, terwijl 12 cm. zou zijn voorgeschreven volgens de module fabrikant (Zwitserse Luxra), waardoor, verzekerings-technisch, "het brandrisico zou worden verzwaard". Dit moet worden gecorrigeerd, al is nog onduidelijk of een (geclaimde) afstand van 9 cm. ook nog zou mogen. In ieder geval is een "verlaging naar 8 cm. niet voldoende onderbouwd", volgens de rapportage. Als die status quo niet wordt geaccepteerd, zou dus de hele generator iets hoger moeten worden gemonteerd, wat een zeer forse klus zou opleveren, mede gezien de wijze van bevestiging.
  • De huidige installatie is uitgeschakeld, na interventie van de verzekeraar, anders is de lopende verzekering niet geldig. Bij aansluiting van de gerenoveerde installatie dient de vlamboog detectie, ingebouwd in de gebruikte SolarEdge optimizers, te worden ingeschakeld.
  • De gehele installatie dient gecontroleerd te worden door middel van een zogenaamde Scope 12 inspectie, conform TD18, waarbij de geconstateerde gebreken worden hersteld.

30 april 2020. Risicopreventie: tips voor een veilige installatie van zonnepanelen. Tips om brand risico's bij rooftop PV projecten tot het minimum te beperken, door professioneel project bouwer en EPC contractor, Ecorus.


20 maart 2020. "Handelingsperspectief zonnepanelen". Jaaroverzicht van brandweer Twente. Met op pagina 83 een korte beschrijving "what to do?" voor de regionale brandweer, bij aantreffen van zonnepanelen op / aan een pand wat in brand staat. De slotopmerking, "ook kunstmatig licht zorgt voor spanning op de bekabeling van zonnepaneel" dient in het kader van eerdere bevindingen van de Zwitserse meetbeesten van Berner Fachhochschule Technik und Informatik te worden bezien. Die gezien de zeer lage gemeten spanningen bij een overkill aan "floodlights" (bij blussen in de nacht) geen problemen zien op dit punt ... Publicatie op Issue.com.


23 maart 2020. Registratie van huishoudelijke elektriciteitsongevallen achter de meter. Jaaroverzichten 2018 en 2019. Rapportages Kiwa i.o.v. Netbeheer Nederland, 11 maart 2019, resp. 23 maart 2020 (doc-player versie 2018, resp. pdf 2019 bij Netbeheer Nederland, zie ook intro). Inventarisatie aantal "elektriciteitsongevallen", dat in 2018 en 2019 heeft plaatsgevonden achter de meter, alsmede de aard en de ernst van de gevolgen van deze ongevallen. Inventarisaties zijn beslist niet compleet omdat er geen meldingsplicht bestaat, wel zouden alle "ernstige" ongevallen bekend zijn bij KIWA. Waarbij in 2018 er 112 gewonden en 2 doden zouden zijn gevallen, en in 2019 88 gewonden resp. 1 dode. Ook evolutie van trends 2014-2019 worden geduid. Ook al wordt gewaarschuwd voor onvergelijkbare bronnen waaruit is geput, wordt daarnaast gesteld: "Uit de verkregen informatie komt naar voren, dat het menselijk handelen één van de voornaamste oorzaak van brand is". In het rapport over 2019 is daar aan toegevoegd: "In diverse gevallen is het installatiewerk (o.a. het correct aansluiten van connectoren) de oorzaak geweest van branden bij zonnepanelen. Voorlichting in de sector rondom verkoop, installatie en het beheer van zonnepanelen wordt aanbevolen" (wat via Holland Solar en Techniek Nederland inmiddels al ter hand is genomen).

Naast de meterkast, worden wasdrogers en magnetrons het vaakst als oorzaak ongevallen gesignaleerd (2019 28% meterkast, 26% wasdroger, 10% magnetron). Zonnepanelen worden separaat benoemd. In 2017 zou er volgens KIWA géén "ongeval" met zonnepanelen bekend zijn, maar ik heb zeker 2 incidenten in mijn lijst staan die beslist op PV systemen lijken terug te voeren in dat jaar. Het aantal "oorzakelijke" brand incidenten steeg vervolgens vlg. KIWA van 7 naar 13 in de jaren 2018-2019, waarbij in 2019 dus 5% van de apparaten met incidenten zonnepanelen zou hebben omvat. Dit zijn echter opmerkelijk lage cijfers, mede gezien het aantal "incidenten met zonnepanelen en brand", wat Polder PV in de separate incidenten sectie op deze pagina heeft weergegeven in die jaren. Voor 2018 werd door KIWA het volgende benoemd in deze context. " In 2018 zijn al 21 branden geteld, waarvan 12 bij huizen, 4 bij schuren, 3 bij bedrijfspanden en 2 bij zonnepanelenparken. Het werkelijk aantal branden met zonnepanelen ligt waarschijnlijk nog stukken hoger dan de 21 in 2018. Deze cijfers worden namelijk niet goed bijgehouden volgens Brandweer Nederland. De precieze oorzaak van de branden is in veel gevallen nog niet bekend. De meeste onderzoeken lopen nog. In diverse gevallen is het installatiewerk de oorzaak geweest van de branden geweest volgens het IFV".

Aan het eind van de jaren 2017 en 2018 stonden er reeds 582 resp. 774 duizend PV installaties volgens het CBS. KIWA gaat trouwens uit van "meer dan 11 miljoen zonnepanelen in gebruik", eind 2018. Dat is een zeer forse onderschatting van het geïnstalleerde volume. Polder PV houdt al jaren een onderbouwde afschatting van het mogelijke aantal zonnepanelen in NL bij. Ik kom voor eind 2018 al op 17 en een half miljoen exemplaren uit, zo'n 58% meer (!!). Uit deze cijfers volgt in ieder geval, dat het aantal daadwerkelijke oorzaken van brand bij zonnepanelen in/op woningen en bij bedrijven byzonder laag zou kunnen zijn, en/of KIWA heeft slechts beperkte info / incidenten in haar database staan. Van opgetekende incidenten waarin "zonnepanelen" figureren is bovendien meerdere malen de oorzaak van de brand (nog) niet bekend, en kan deze beslist nog "elders" liggen (niet bij de zonnepanelen, omvormers of andere delen van de PV installaties). Zie ook artikel Solar Magazine van 14 april 2020.


11 maart 2020. Motie van het lid Ronnes over de kwaliteit van de installatie van zonnepanelen. CDA kamerlid Ronnes kwam op 11 februari 2020 met een "relatief ongevaarlijke" motie in verband met media reuring over branden op panden met zonnepanelen. Het was 1 van vier moties ingebracht in het "Debat over brandgevaarlijk isolatiemateriaal in woonhuizen". Na de gebruikelijke ambtelijke inleiding volgt: "verzoekt de regering, op basis van het advies van NEN in overleg met de bestaande kwaliteitskeurmerken en verzekeraars te treden met als doel om de kwaliteit van de installatie van zonnepanelen op een brandveilig hoger niveau te krijgen". Volgens het geaccordeerde stenogram van de vergadering (waarin hij trouwens een opvallende blunder maakt over het gesuggereerde aantal zonnepanelen in NL), wil Ronnes dit aan de kaak stellen, "omdat we zien dat er in omliggende landen anders wordt omgegaan met regels die aan zonnepanelen en aan de installatie gesteld worden. We hebben bijvoorbeeld horen zeggen dat België meer eisen dan Nederland zou stellen aan installatie". Website Tweede Kamer.

Nagekomen: motie is 18 feb. 2020 aangenomen met handopsteken, 130 voor (van 150). Zie documentatie op website Tweede Kamer.


31 januari 2020. Hoe brandgevaarlijk is zonne-energie nu écht? Korte beschouwing op website van vakbeurs Solar Solutions.


10 december 2019 ff. De verzekering van zonnepanelen. Kamervragen Moorlag en Nijboer (PvdA), aan ministers van EZK (Wiebes) en Financiën (Hoekstra). Over verzekerbaarheid van zonnepanelen na enkel onfrisse wijzigingen van polissen door diverse verzekeraars. Drie vragen hebben betrekking op de situatie m.b.t. de laatste tijd meer gesignaleerde branden bij zonnepanelen (nog steeds een fractie van totaal aantal panden met zonnepanelen, maar wel verontrustend). Die vragen 5 tm. 7 luiden:.

"Vraag 5
Is het waar dat er meer brandschade ontstaat ten gevolge van het verkeerd aanleggen van zonnepanelen? Zo ja, wat is de omvang van deze schade?

Vraag 6
Welke wet- en regelgeving geldt er om ervoor te zorgen dat zonnepanelen goed worden aangelegd? Hoe wordt deze gehandhaafd?

Vraag 7
Is deze wet- en regelgeving afdoende om brandschade te voorkomen? Zo ja, hoe verhoudt zich dat tot de meldingen van meer brandschade? Zo nee, hoe gaat u zorgen voor aanscherping van deze wet- en regelgeving en de handhaving daarvan?"

Antwoorden van Min. EZK, Wiebes, op 10 feb. 2020. Houdt de boot af m.b.t. de gesuggereerde rol die de overheid zou moeten spelen in hoogte van verzekerings-premies voor zonnestroom installaties (met name hier ter sprake: op gebouwen). Met verwijzing naar "lopend constructief overleg tussen de branche organisaties en marktpartijen". De verzekeringspremie is ook een "klein maar niet te verwaarlozen" onderdeel van de totale kostprijs, en "het [is] wel wenselijk dat de verzekeringspremies in verhouding tot de risico’s en de schadelast staan". Precieze omvang brandschades bij zonnepanelen is niet bekend, maar gezien de al enorme gerealiseerde volumes, én het aantal bekende gevallen (waarvan causaliteit zonnepanelen <> brand vaak ook nog niet eens is aangetoond) zeer beperkt (verwijzing naar TNO rapport ook besproken op deze pagina). Wiebes verwijst voorts naar NEN 1010 normen en Bouwbesluit, waarin voldoende zou zijn geborgd dat er "niet brandgevaarlijk" zou (mogen) worden geïnstalleerd. Gemeenten zouden hier op toe moeten zien (al vergeet Wiebes er bij te zeggen dat die meestal absoluut niet de capaciteit noch de kennis hebben om lokale situaties deskundig te beoordelen). Wel wordt de NEN normering tegen het licht gehouden, om nog beter te borgen dat installaties niet brandgevaarlijk zullen worden opgeleverd. Tot slot, uitbreiding van een "handreiking richting gemeenten" om invulling aan de zonneladder te geven bij toekenning van projecten / project gebieden voor toepassing van zonnestroom wordt niet opportuun geacht. Het hanteren van de zonneladder, die daken prioritair zou moeten bevorderen, wat ook "gedragen" wordt door alle regionale partijen, is volgens Wiebes in combinatie met de bestaande richtlijnen binnen het Besluit bouwwerken leefomgeving (Bbl) voldoende basis voor een verstandige, en succesvolle implementatie, zonder dat verzekerings-kwesties hier een rol in zouden spelen.

Zie ook diverse schermutselingen in Den Haag n.a.v. het vergelijkbare, forse megahagel dossier en de verzekerings-kwesties die daarbij spelen, elders op Polder PV.


24 december 2019. Geen verzekering voor bedrijfspand met zonnepanelen: onderneming uit Lochem ten einde raad. De Stentor. "Onfrisse" gevolgen van een serie brand incidenten op panden met zonnepanelen in de laatste jaren (die op het totaal aan daken met zonnepanelen nog steeds een marginale fractie blijkt te vertegenwoordigen): de verzekeraars lijken het nu al zat te zijn, en gaan hun brand verzekering premies heftig verhogen, ook voor bedrijfspanden. Talloze daken met polystyreen als dak isolatie lijken niet meer verzekerbaar, als er zonnepanelen op worden aangelegd. Een van de slachtoffers lijkt het nieuwe bedrijfspand van Wila in Lochem te worden, met plannen voor een voldak systeem, waar echter "onbetaalbare eisen" aan de dak constructie voor zouden worden geeist door de verzekeraar. Ook dekking van gevolgschade van brand, zoals het opruimen van silicium cel, en folie fragmenten in weilanden rondom het eind juli 2019 volledig loods complex van V.S. Apple Industries in Marknesse (zie incident melding), zou niet te betalen zijn / worden.


5 september 2019. Slordige installatie vaak oorzaak zonnepaneelbrand. NRC. Beschouwend artikel over mogelijke oorzaak van branden bij PV systemen. Wederom wordt temperatuur (bij indak systemen "oplopend tot 80 graden") als een causale factor gezien, wat volgens mij echter geen oorzaak kán zijn van een brand incident. Ook al wordt door TNO rapporteur Bende "voor een brand heb je een ontstekingspunt nodig en gunstige conditie" genoemd, waarbij "een [reeds aanwezig] probleem" eerder tot brand zal leiden. Connectoren blijven ook hier hoofd oorzaak. De zin dat "gespecialiseerde installateurs hun eigen normen en waarden voor het plaatsen" kennen kan tot vreemde interpretaties leiden, gezien het nogal uit de hand gelopen "normen en waarden" debat in NL. In Vlaardingen wordt door de brandweer geoefend met een zeecontainer met een PV systeem "hoe een brand te lijf te gaan". Er wordt helaas weer fatale flauwekul geopperd in de stelling "zodra een hoogwerker als gewoonlijk zijn felle lichten aanzet om de brandweer te helpen bij het blussen, wekken de zonnepanelen weer energie op en staat er stroom op het dak". Dit ongelofelijk hardnekkige fabeltje is reeds jaren geleden door de Berner Fachhochschule Technik naar Armageddon verwezen, en het NRC onwaardig, elektrische stromen onder maan- of kunstlicht zijn bij PV generatoren nauwelijks meetbaar (lees: "Skip de maan, en breng voldoende schijnwerpers mee..." van ... 24 januari 2011 !). De conclusie, "veel is al goed geregeld, misschien is het een risico waar we mee moeten leren omgaan, plaatsen van zonnepanelen blijft mensenwerk" kan Polder PV onderschrijven. Dus: hoofd er bij houden, professioneel werken, voorschriften naleven en extreme zorgvuldigheid bij keuze en aanbrengen van connectoren in het systeem: dan is er al een wereld gewonnen. Utopia bestaat niet.


juni 2019. 'Het blijft improviseren in het veld'. Artikel in Solar Magazine 10(3) juni 2019, pp. 26-27, waarin Jaap Molenaar van de Brandweeracademie (onderdeel van het Instituut Fysieke Veiligheid, IFV) uit de doeken doet wat de huidige status m.b.v. preventie en bestrijding van branden in/op panden met zonnepanelen is in Nederland. Waarbij "onduidelijkheden" uit de weg geruimd zouden moeten worden rond het "brandende" thema zonnepanelen en brand(bestrijding). Dit, terwijl deze thematiek in buurland Duitsland al lang goed is geregeld, maar Nederland loopt dan ook op het gebied van problemen rond zonnestroom blijvend achter bij de rest van Europa. Ook al omdat de politiek altijd afzijdig is gebleven van deze thematiek, het neoliberale model dat de "markt" alle problemen wel zou oplossen heeft hier evident gefaald. Er worden in de zomer van 2019 5 publicaties van de academie verwacht om het publiek en de brandweer korpsen zelf te informeren over de preventie van brand in relatie tot PV systemen, om risicobeheersing helder te krijgen, en tools aan te reiken bij het blussen van brand op panden met zonnestroom installaties. In de communicatie zal onderscheid gemaakt gaan worden in drie verschillende typen PV installaties: opdak systemen, in-dak systemen (zogenaamde BIPV installaties), en grondgebonden zonneparken. Er wordt gedacht over een makkelijk herkenbare "schakelaar" die de verbinding tussen "de" omvormer en "de" zonnepanelen zou moeten kunnen verbreken in het geval van brand. Dat zal echter in het geval van diverse deelsystemen op het pand een lastig te realiseren item worden. Bovendien zullen vlambogen van een beschadigde DC generator zelf daarmee niet voorkomen kunnen worden, zo lang er (voldoende) licht op de panelen valt.


mei 2019. Veiligheid van een zonnestroominstallatie. Nulrisico als doelstelling. White-paper van bekend omvormer fabrikant voor zonnestroom installaties, het Duitse SMA. Nederlands-talig document, in mei 2019 geopenbaard op de Benelux sub-site van SMA (indicatie in de white-paper lijkt op publicatie datum april 2019 te duiden). SMA gaat uitgebreid in op de veiligheids-aspecten rond zonnestroom systemen. De algemene teneur is, en blijft, dat zonnestroomsystemen veilig zijn. Recent (2018) onderzoek van het bekende keurings-instituut TÜV, en ditto Fraunhofer laat zien dat "minder dan 0,006 procent van alle zonnestroominstallaties ooit een brand veroorzaakte". In Duitsland zouden er jaarlijks zo'n 190.000 branden optreden. Van slechts 210 gevallen is de oorzaak herleidbaar geweest naar een PV installatie (NB: Duitsland had eind 2018 volgens branche organisatie BSW Solar al 1,7 miljoen PV installaties). Volgens statistieken van de Duitse brandweer en van TÜV zouden "de meeste gedocumenteerde branden (> 99,9 procent) andere hoofdoorzaken hebben" dan (een defect bij) zonnepaneel installaties. Volgens TÜV Rheinland "vormen zonnestroominstallaties onder normale bedrijfsomstandigheden geen risico‘s voor de gezondheid, de veiligheid of het milieu als ze op de juiste wijze worden geïnstalleerd en onderhouden door gekwalificeerd personeel, zoals vereist door de elektrische voorschriften".

TÜV komt, wat eventuele oplossingsrichtingen zoals toepassing van micro-inverters, cq. power-optimizers op paneel-niveau, betreft, ook tot de conclusie: "Door de grotere objectiviteit van de argumentering zijn brandweerkorpsen afgestapt van de algemene vereiste om het systeem uit te schakelen, met als reden dat in theorie elk uitschakelapparaat kan falen". Wat de veiligheid voor het brandweer personeel zelf betreft zijn er ook al lang in Duitsland toegepaste voorschriften volgens de daar toegepaste DIN VDE 0132 veiligheids-norm: neem blusafstanden van 5 m bij volle straal, en van 1 m bij het zogenaamde "sproeiblussen" in acht. Als men deze minimum afstanden respecteert, treden er geen gevaarlijke lekstromen op die een eventueel gevaar voor het blus personeel zou kunnen opleveren.

Brandpreventie. De belangrijkste punten van aandacht om brand bij PV systemen te voorkomen:
1. Fouten bij de installatie: slechte aansluiting van gelijkstroomconnectoren, onvoldoende gekrompen connectoren, ontbrekende trekontlasting, enz.
2. Productfout: defecten in panelen en omvormers
3. Externe invloeden: aanvreten door dieren, blikseminslag, enz.
4. Ontwerpfout: verkeerde mechanische en elektrische installatie

Gewaarschuwd wordt voor het gebruik van zogenaamde "kruisconnectoren" (connectoren van verschillende fabrikanten, bij TNO "cross-mating" genoemd, de studie meldt een onderzoek van de Universiteit van Bern uit 2016, waaruit bleek dat 48% van de ondervraagde installateurs die toepaste) en slecht gemaakte "gekrompen connectoren" (kabel-kabel verbindingen met aangezet metalen tussenstuk), die hoge risico's op brand vormen indien slecht / ondeskundig in elkaar gezet (hoge interne weerstanden opleverend, een tale-telling IR foto wordt getoond).

Belangrijkste oorzaak van storingen in PV installaties:
1. Contactstoringen
2. Productgebreken
3. Opleiding en gekwalificeerd personeel

Opvallend is ook de claim dat indien besloten zou worden om "uitschakeling op paneel niveau" te introduceren (NB: middels micro inverters of power optimizers, wat vaak als "oplossingsrichting" wordt gezien), dit het aantal gelijkstroom connectoren in het systeem zou verdubbelen, en risico's op fouten juist zou verhogen. De algemene conclusie van het voorkomen van problemen luidt: "Om het veiligheidsniveau verder te verhogen, moet de aandacht worden gericht op de hoofdoorzaken van storingen in zonnestroominstallaties: contactfouten en productfouten. Het verhogen van de kwaliteit en het definiëren van testnormen zijn van essentieel belang om de kwetsbaarheid op het gebied van veiligheid te verminderen. Zo niet, zal uitschakelapparatuur op paneelniveau het risico op brand bij een zonnestroominstallatie verhogen. Dergelijke apparatuur mag dan ook niet verplicht worden gemaakt in het kader van brandpreventie". Een toevoeging die, dat moet er bij gezegd worden, string omvormer specialist SMA natuurlijk goed uitkomt.

Tot slot worden richtlijnen voor brandbestrijding gegeven (toegangsroutes tussen panelen op het dak, documentatie en signalisatie van essentiële systeem componenten, en blus voorschriften bij brand), algemene conclusies deels hierboven al beschreven, en wordt een literatuur lijstje, en, als bijlage, een overzicht van citaten van deskundigen gegeven omtrent deze materie.


15 mei 2019. Kamerbrief met reactie op bericht 'Meeste kans op brand met in het dak geïntegreerde zonnepanelen'. Website Rijksoverheid - Min. EZK. Minister Wiebes van Min. EZK reageert schriftelijk op een vraag van de vaste commissie voor Economische Zaken van de Tweede Kamer n.a.v. berichtgeving over het in april gepubliceerde TNO rapport (in casu bericht van Nu.nl van 11 april 2019). Het grootste deel van de brief is een samenvatting van bevindingen in het verslag van TNO (wat zelf expliciet stelt dat het geen uitgebreid rapport is maar een inventarisatie). Op pagina 2 van de bijna 3 pagina's tellende brief stelt Wiebes dat de branche organisaties Holland Solar en Techniek Nederland een informatie campagne richting installerend Nederland is gestart, waarbij met name het al zeer lang door Polder PV gewraakte thema "deugdelijke connector verbindingen" extra onder de aandacht zal worden gebracht. Of eventuele (vrijwillige) certificaten zoals het al langer binnen de sector gebezigde "Zonnekeur" op dit punt verbeterd zouden moeten worden is aan de branche om daar aan invulling te geven, en om de te verkrijgen installatie kwaliteit "borgende" certificaten aan te scherpen. Wiebes krijgt na de zomer terugkoppeling van RVO over deze mogelijke aanscherping, na gesprekken met vertegenwoordiger uit de zonne-sector.

Wiebes stelt verder dat aan de standaard bouwnorm NEN 1010 (laagspanningsinstallaties) voldaan dient te worden bij PV installaties. Deze norm zou - volgens TNO - slechts "adviserend" zijn, i.p.v. "dwingend" op het punt van (deugdelijke) connector verbindingen, en het gebruik van zowel male als female stekkers van een en dezelfde fabrikant (en merk) bij het maken van verbindingen bij PV installaties. Verder stelt Wiebes dat de onderzoekers van TNO kanttekeningen bij de norm NEN 7250 (Zonne-energiesystemen - Integratie in daken en gevels - Bouwkundige aspecten) zetten. Deze norm is geen Bouwbesluit norm, maar een vrijwillig toegepast document door de sector. In de norm wordt een uitwerking gemaakt van "zowel de publiekrechtelijke eisen uit het Bouwbesluit, als aanvullende privaatrechtelijke eisen". TNO stelt dat met name bij in-dak PV systemen deze norm tekort schiet ten aanzien van de brandbaarheid van materialen onder de (waterkerende) buitenste daklaag. RVO heeft normalisatie instituut NEN gevraagd de TNO studie mee te nemen in aanscherping van de NEN 7250 bij de diverse norm commissies. Aangezien hier een duidelijke relatie ligt met het Bouwbesluit, wordt er binnenkort ook overleg gevoerd tussen het Ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties, die over dat dossier gaat, met de NEN organisatie.

Wiebes besluit met "standaard brandveiligheid" normen bij product regelegeving, en dat er sowieso altijd brandveilig opgeleverd dient te worden volgens het Bouwbesluit. Bouwers, PV installateurs, én gebouw eigenaren, dienen aan het Bouwbesluit te voldoen, en dit in de praktijk na te leven. Toezicht op de naleving hiervan ligt bij de gemeenten. Wiebes geeft geen invulling aan de suggestie, dat gemeentes dit dan maar op moeten lossen, en hoe ze dat voor elkaar gaan krijgen, gezien de complexiteit van de materie, hun al omvangrijke takenpakket, én het feit dat de zonnestroom sector al jaren "boomt". Wiebes stelt tot slot dat (inderdaad) het aantal branden bij PV systemen beperkt is, en dat het door gerichte voorlichting van en door de branche, de frequentie ervan nog verder omlaag kan. Overigens, ook in deze Kamerbrief geen enkele verwijzing naar het al jaren gevoerde, omvangrijke, al in de zomer van 2010 opgetuigde "zonnepanelen en brand dossier" op de website van Polder PV, die zijn tijd op dit punt wederom ver vooruit was, en die uitdrukkelijk heeft gewaarschuwd voor installatie kwaliteit, met name bij BIPV installaties ....


mei 2019. "Niet met de vinger wijzen, maar het samen doen" (Solar Magazine tijdschrift, 10(2) mei 2019: pp. 84-85. Impressie van "technologische verdieping" workshop bij Conduct Technical Solutions, o.a. over veiligheid van PV installaties in Nederland, incl. brandgevaar. Verschillende contribuanten komen aan het woord, waaronder drie professionals uit de verzekerings-branche. Voor introductie tot het artikel zie SM bijdrage van 14 mei 2019.


6 mei 2019. Brandgevaar door foute aansluiting zonnepanelen. BNR radio. Uitzending met interviews met Marcel Wennekes, voorzitter van de NEN norm commissie voor meter ruimtes, en met Doekle Terpstra, voorzitter van Techniek Nederland (opvolger van UNETO-VNI), over de risico's van slecht vakmanschap, normeringen van techniek, certificatie van personeel e.d., in verband met de gesignaleerde toename van branden op daken met zonnepanelen. Wennekes claimt een toename van het aantal branden in meterkasten, maar kan niet hard maken dat dit (deels) komt door toegenomen inzet van geïnstalleerde PV systemen. Al constateert ook hij dat er "cowboys" rond lopen, en dat er zowel aan AC zijde (meterkasten) als op het dak (DC zijdige aansluitingen) vaak fouten worden geconstateerd. Die zeker op termijn (niet altijd kort na oplevering), vanwege mogelijk versnelde veroudering van kabels e.d., risico's kunnen opleveren (incl. mogelijk brand). Terpstra claimt dat Techniek Nederland de normen voor haar leden zo hoog heeft gelegd, dat risico's op dit vlak zijn geminimaliseerd. Groot pijnpunt blijft echter, dat handhaving op het vlak van kwaliteit van technische installatie van PV systemen in Nederland de facto non-existent blijft. Die handhaving zou bij de gemeentes liggen, maar die hebben (a) de competentie vaak niet, en (b) tig andere dringende dossiers die continu om aandacht, en om inzet van het schaarse personeel vragen.


11 april 2019. Reactie op het TNO rapport naar brandincidenten met zonnepanelen. Bericht branche organisatie Holland Solar. De branche organisatie "neemt het onderzoek zeer serieus". Zowel Techniek Nederland (voormalig UNETO-VNI), als Holland Solar "kunnen zich vinden in een aantal aanbevelingen die TNO doet om brandincidenten in de toekomst te voorkomen, maar plaatsen ook enkele kanttekeningen".

(1) Gesteld wordt, dat de "gewraakte" BIPV systemen niet door installateurs, maar door "bouwers" worden aangelegd. En dat het niet "wenselijk" zou zijn dat bouwbedrijven dergelijke (veeleisende) installaties zouden (mogen) aanleggen. De organisaties missen die "vaststelling" in de TNO rapportage. De vraag is of dat in alle gevallen wel zo is, volgens mij is er beslist een deel van dergelijke PV projecten die door installatie bedrijven worden aangelegd. Hoe groot dat probleem is, is een tweede. Dat de informatie voorziening veel beter moet, en de eisen fors dienen te worden aangescherpt, met name voor BIPV systemen, staat wat mij betreft (al jaren) buiten kijf.

(2) De organisaties zien geen noodzaak in "extra" eisen in de normering voor "correcte aansluiting van connectoren", en wijzen op de in het Bouwbesluit opgenomen NEN-1010-2015 deel 712, waarin dat geregeld zou zijn. Een voorschrift wat per definitie nageleefd dient te worden, door alle partijen.

(3) Waar TNO nogal wat kritiek heeft op de - kennelijk als te vrijblijvend gevonden - eisen voor het behalen van het Zonnekeur certificaat, claimen de branche organisaties kennelijk dat dit voldoende waarborg zou moeten bieden voor hoog-kwalitatief werk van bedrijven die dat certificaat hebben behaald.

(4) M.b.t. de door TNO voorgestelde "multidisciplinaire werkgroep die met aanbevelingen komt voor constructie van en materiaal-brandbaarheidseisen aan in-dak-PV-installaties" onderschrijven de branche organisaties dit initiatief. En wordt tevens aan fabrikanten en leveranciers van PV hardware gevraagd, om "mee te werken aan stress-test onderzoek van PV-systemen".

(5) De branche organisaties stellen dat niet alle bedrijven actief in de PV branche lid zijn van 1 of beide organisaties. En dat ze dus niet kunnen "instaan" voor de "vakbekwaamheid" op het gebied van kwaliteit en veiligheid, van dergelijke bedrijven.


11 april 2019. Brandincidenten met fotovoltaïsche (PV) systemen in Nederland. Een inventarisatie. Website / archief TNO, publicatie nummer TNO 2019 P10287, via gelinkte pdf beschikbaar. Nadat al enkele malen vrij globale details eerder uit het rapport van TNO waren "gelekt", verscheen het volledige rapport over een eerste inventarisatie van brand incidenten met zonnepanelen in Nederland in de tweede week van april op de website van de onderzoeks-instelling. Publicatie datum is 13 maart 2019. TNO benadrukt dat het gezien de tijdsdruk en beperkt budget niet om een volwaardig onderzoek is gegaan, maar om een eerste inventarisatie. Hierin wordt overigens al uitgebreid geciteerd uit voornamelijk buitenlandse literatuur (met name Duitse, waar het onderzoek aan - voorkomen van - branden bij PV installaties al vele jaren verder is dan elders). Er zijn 27 incidenten in Nederland geïnventariseerd / onderzocht. De meeste daarvan vonden plaats in 2018 (en waren grotendeels verderop in de al ruim 40 NL-se incidenten tellende lijst van Polder PV reeds terug te vinden, slechts enkele "cases" zonder externe berichtgeving zijn "nieuw"). 12 er van betroffen zogenaamde "in-dak" systemen, die ook door TNO het meest kwetsbaar worden geacht vanwege het feit dat er geen brandwerende laag van (keramiek) dakpannen aanwezig is tussen de elektrische (DC) contacten en het - meestal zeer dichtbij gelegen - dakbeschot. Waarvan ook is gebleken dat lang niet altijd goed brand werende isolatie folies zijn toegepast.

TNO gaat uitgebreid in op de mogelijke oorzaken, en stelt vast dat mismatch van connectoren van hetzelfde type, maar van verschillende merken (in het rapport "cross-mating" genoemd), mogelijk een belangrijke oorzaak kan zijn van diverse (in-dak systeem) branden. Ook bij zelf op (verleng) DC kabels gemonteerde stekkers gaat het vaak fout omdat het verkeerde gereedschap wordt gebruikt, en vaak onder zware tijdsdruk - op de daken - moet worden gewerkt*. Regelmatig ook door niet gekwalificeerd personeel. TNO refereert vooral aan buitenlandse bronnen; eigen onderzoek aan de geciteerde NL-se casussen kon (nog) niet worden gedaan. Vreemd daarbij is wel, dat ze niet de diverse testen in het Duitse vakblad Photon en haar zuster tijdschrift PHOTON Profi heeft geciteerd, waarbij in het verleden herhaaldelijk voor genoemde "mismatch" tussen "male" en "female" connectoren is gewaarschuwd, vanwege - in het uiterste geval - mogelijk brandgevaar. Genoemde vak tijdschriften hebben vooral in de periode 2007 tm. 2012 enkele malen over deze materie, met data van eigen, uitgebreide connector testen, gepubliceerd (zie diverse voorbeelden onder sectie informatie). Door slechte contacten tussen de "male" en "female"connectoren kan de overgangsweerstand tussen de 2 stekker delen dermate hoog oplopen, dat vonken en/of vlambogen kunnen ontstaan. Met zeker in BIPV situaties een sterk verhoogd risico op brand in de direct onderliggende kunststof en/of houten dakbeschot delen. Overigens is TNO kritisch over het hanteren van het begrip "vlamboog", wat geen eenduidige definitie kent in de literatuur.

Het TNO rapport gaat dieper in op mogelijk oorzaken van problemen - en daar op termijn mogelijk uit volgende brand oorzaken, noemt de plotsklapse wijzigingen in subsidie regimes en de daarmee gepaard gaande enorme werkdruk kort voor de wijzigings-datum als potentieel volatiele "politieke dimensie" in dit dossier (met voorbeelden van dergelijke plotselinge subsidie regime wijzigingen in het buitenland), doet diverse aanbevelingen aan de branche organisatie Holland Solar, en aan de Rijksdienst voor Ondernemend Nederland, RVO. En gaat tot slot individueel in op de 27 brand casussen (waarbij echter slechts bij enkele gevallen nadere details bekend worden gemaakt van, vaak summiere, onderzoek resultaten). Opvallend is, dat TNO van een eigen schatting van het aantal nieuwe installaties in 2018 uitgaat (170.000 PV-systemen, wat nergens anders is gepubliceerd), en dat ze op basis van het - korte - brand incidenten lijstje uitkomen op een aandeel van slechts 0,014% "door brand getroffen" residentiële PV systemen in dat jaar. NB: er lijkt in het TNO onderzoeks-rapport géén gebruik te zijn gemaakt van de al jaren geaccumuleerde detail informatie over brand en zonnepanelen in dit al lang gevoerde dossier op de website van Polder PV. Een achttal door PPV gesignaleerde branden op/in objecten met zonnepanelen in 2018 lijkt niet te zijn opgemerkt door TNO (zie incidenten lijst verderop).

De TNO studie werd aangehaald in een artikel bij PV Magazine International (12 april 2019). Zie ook kort stukje op Installatie.nl (16 april 2019), en bij verhuurders branche organisatie Aedes (20 mei 2019, site Bewonersraad, oorspronkelijke link bij Aedes niet meer te vinden).

* Zie bijvoorbeeld video van Bram Klaassen (eigenaar BeSolar B.V.), 15 april 2019 op Linkedin. Over foutieve en correcte wijze van het monteren van een (contra)plug op een solar kabel. Filmpje / info zou later nog moeten worden uitgebreid.


1 april 2019. Incidenten met zonnepanelen. Zonnige kopzorgen? Kort artikel in Brandweerkrant van Nederland (nr. 29 / lente 2019), digitaal beschikbaar op ISSU.com (daar gepubliceerd op 1 april 2019). Hierin claim "‘Branden met zonnepanelen zijn relatief nieuw". Voor Nederland "wellicht", maar in Europa en elders al vele jaren een terugkerend - maar qua impact nog steeds zéér bescheiden thema. De branche werkt voor haar eigen personeel aan twee "handreikingen" hoe met het fenomeen om te gaan. Een eerste exemplaar zal tips bevatten voor "beoordeling en advisering" van aangetroffen situaties. Deze wordt aangevuld met een zogenaamde "E-module". Het tweede exemplaar zal adviezen gaan bevatten "voor de bestrijding van incidenten met zonnepanelen" Ook die zullen worden verwerkt in een die zogenaamde "E-module voor brandweercollega’s". Daarnaast wordt door het Instituut Fysieke Veiligheid (IFV), het Verbond van Verzekeraars, en Brandweer Nederland samengewerkt aan een brochure die is gericht zal zijn aan burgers en bedrijven op het vlak van preventie rond (potentiële) brand risico's bij zonnepanelen.

N.a.v. een brand bij een BIPV "in-dak" systeem in Hulst (Zld, 16 juni 2018) werd geconstateerd "vaak is er iets mis met de installatie van de panelen" (inkoppertje). In Hulst zou "te weinig vrije ruimte tussen het paneel en de brandvrije ondergrond" zijn geweest (is uiteraard een hoge risico factor, maar niet automatisch de exacte oorzaak van het ontstaan van de brand). Daarnaast zouden niet de originele bevestigingsbeugels zijn gebruikt (ditto). Ook zou het geplaatste dakfolie een "brandklasse E" hebben, wat "zeer brandbaar" is (wederom: hoge risico factor, maar geen "brand oorzaak"). Tenslotte zou het bevestigingsframe niet zijn geaard. Of dat laatste, wederom, iets met de oorzaak van de brand te maken heeft, mag betwijfeld worden. Sowieso is er al jarenlang een stevige discussie in Duitsland over de "noodzaak" van aarding van (frames van) PV systemen, en over de "gewenste uitvoering" daarvan. Residentiële systemen zijn bijna nooit geaard, en daar zijn er honderdduizenden van in Nederland. Zie ook artikel Solar Magazine (5 april 2019).


26 maart 2019. Onderzoeksrapport TNO: slecht aangesloten connectoren veelal oorzaak van brand bij zonnepanelen. Solar Magazine.nl. Ook al is het lang verwachte TNO rapport nog steeds niet gepubliceerd, worden er af en toe kennelijk details uit gelekt. In dit artikel bij Solar Magazine o.a. de al lang door Polder PV frequent te berde gebrachte potentiële "fail" bij BIPV systemen, uit de mond van Holland Solar voorzitter Jaap Baarsma naar aanleiding van dat rapport: "Er zijn ernstige aanwijzingen dat de connectoren van de kabels achter de zonnepanelen niet altijd goed worden aangesloten". U kunt niet zeggen dat ik niet heb gewaarschuwd voor de grote risico's bij connectoren bij BIPV installaties, mede gezien het feit dat bij slechte contacten onherroepelijk DC vlambogen dreigen. Boven de pannen niet direct een probleem (vanwege ondoordringbaarheid van een pannendak). Maar ónder de pannen is dat een heel ander "verhaal" ...

Ook de Stentor besteedde weer eens aandacht aan het thema (artikel 27 mrt. 2019), klopt de boel nogal op gezien het extreem lage aantal brandjes ("vorig jaar 25 branden gemeld met zonnepanelen" in heel NL - let op de formulering), wat door Rosmuller van Inst. Fysieke Veiligheid als "onder registratie" wordt gezien (zonder op vermoedelijke "echte" percentages in te gaan, die nog steeds extreem laag zullen zijn, anders hadden de kranten er "vol" van gestaan). De eerder al te berde gebrachte "APK keuring" van PV installaties komt hier weer om de hoek kijken. Rosmuller claimt dat het "alle hens aan dek" moet gaan worden. M.i. een nogal dikke olifant i.p.v. de mug, de sector moet beslist wel aan het werk, blijf ik herhalen, met de structurele installatie voorschriften en naleving daarvan, bij de meest kwetsbare BIPV installaties.


26 maart 2019. Zorg om branden bij zonnepanelen. ED.nl. N.a.v. incident met zoveelste BIPV installatie in Sint-Oedenrode (zie hier), waarvan de oorzaak nog steeds niet bekend is, maar "bij de zonnepanelen" wordt vermoed, een korte nabeschouwing. Het al langer aangekondigde onderzoek van TNO naar branden bij zonnepanelen blijkt te zijn afgerond (nog niet bij TNO of bij RVO te vinden). Een van de conclusies zou zijn "Zonnepanelen die in het dak worden verwerkt, leiden vaker tot brand dan reguliere panelen bovenop de dakpannen". Inspectie bureau van Tiel & Partners constateert in hun praktijk "Het zijn vaak heel zichtbare gebreken: kabels die niet in kabelgoten liggen, een ondeugdelijke doorvoer van kabels die kan leiden tot beschadigingen, omvormers op ongelukkige plekken". Woordvoerder Burghgraef stelt dat ventilatie ook een structureel probleem is bij dergelijke installaties, waarbij de achterzijde van de ingebouwde zonnepanelen "85 tot 90 graden" kunnen worden (dit zal echter beslist niet zomaar op zichzelf een brandje kunnen starten volgens mij. Dit werd later bevestigd in het TNO rapport, zie bespreking). Burghgraef pleit voor strengere normen en "een effectieve controle". Waarbij ik er van uitga, dat met name de BIPV systemen een extra punt van aandacht zullen moeten worden bij dergelijke inspecties.

Holland Solar maakt zich zorgen en stelt binnenkort aan een publiciteits-campagne te werken voor betere kwaliteit (met name bij BIPV installaties). Voorzitter Baarsma claimt dat het feit dat bij nieuwbouw projecten de zonnepanelen vaak al worden meegenomen "in de bouwstroom" (vaak door niet terzake kundig personeel), en dat pas veel later een elektrotechnicus de generatoren aansluit, een reden kan zijn dat de kwaliteit suboptimaal zou (kunnen) zijn bij dergelijke projecten. Hij stelt dat dit "de aandacht" moet krijgen.

Voor de getalsmatige verhoudingen blijft het belangrijk om te benadrukken, dat het aantal branden op of in panden met zonnepanelen zeer marginaal blijft op het totaal aantal installaties (en, nogmaals, dat de óórzaak van de brand bijna nooit bekend wordt, en dus beslist ook buiten de PV installatie gelegen kan hebben). Het kennelijk door RVO in opdracht gegeven onderzoek zou (slechts) 15 branden nader hebben onderzocht. In 2018 kwam er volgens voorlopige cijfers van het CBS zo'n 600 MWp op huizen bij. Bij aanname van het systeem gemiddelde per woning (nieuw) in 2018 volgens Nationaal Solar Trendrapport 2019, 3.688 Wp, zou dat op bijna 163.000 nieuwe installaties neergekomen kunnen zijn (woningen), nog afgezien van alle SDE projecten (nieuw 2018 volgens nog bij te stellen cijfers van CertiQ 2.240 installaties), en exclusief de duizenden nieuwe, meestal kleinere projecten zonder SDE subsidie op talloze industriële, MKB, utiliteit, gemeente daken, etc. NB: het artikel noemt 200.000 installaties nieuw in 2018, zonder bron te noemen. Baarsma benadrukt de getalsmatige verhoudingen, maar stelt ook terecht dat elke brand (vanwege manco's aan een PV systeem) er een teveel is.


28 november 2018. Zonnepanelen op daken van chemische industrie: moeten we dat willen? Topics.nl. Komkommertijd in de winter, in dit artikel uit "een kwaliteitskrant". Opgeklopt verhaaltje over "zonnepanelen bij bedrijven met een verhoogd risico, zoals in de (petro)chemische industrie", met verwijzing naar incidenten zoals op een woning in Hulst (zie onder). Wat een BIPV installatie betrof, en waarvan het hoogst onwaarschijnlijk is dat dat ooit op (daken van) een "petrochemisch complex" aangebracht zal gaan worden (ik ken er geen). De verwijzing naar "particulieren die steeds meer eigen zonnepanelen leggen" wordt niet onderbouwd, het zijn bijna altijd installateurs die dat doen (en ja, die maken soms fouten, zoals overal met installaties gebeurt). Verder bekende claims, die al vaak in diverse fora zijn besproken, en die kennelijk in het najaar van 2018 tijdens een bijeenkomst van de Veiligheidsregio's in Arnhem wederom zijn gepasseerd. Over het extreem lage percentage branden bij panden met zonnepanelen t.o.v. het totaal aantal branden (eventuele causaliteit tussen zonnepanelen en de oorzaak van de brand daargelaten) wordt niet gesproken. Er wordt gerefereerd aan zonnepanelen bij "gevaarlijke" bedrijven ("categorie BRZO"), als Dow Chemical en Zeeland Refinery. Wat de laatste betreft: daar is net een dik 28 duizend zonnepanelen tellend zonnepark opgeleverd. Als daar ooit wat "mis" mee zou gaan, wat volgens mij een unicum in de wereld zou zijn (een grondgebonden zonnepark met felle uitslaande brand die de gebouwde omgeving bedreigt ???): gewoon gecontroleerd uit laten branden, van voldoende afstand blussend. Het veld staat op een honderdtal meters van de eerste opslag tank, waar ook nog een hoge wal omheen ligt. Over tot de orde van de dag.


2 november 2018. Too hot to handle. Brandweer.nl, site van Brandweer Nederland. "Casus" van een brand op een woning met zonnestroom generator, onderdeel van gerenoveerd blok van 4 woningen met over de volledige lengte van 1 dakhelft zonnepanelen, gemonteerd op een houten dakbeschot boven een waterkerend membraan waar onder een dik isolatie pakket (brandwerend). Een strook van zeker 12 panelen, op de grens met de aanpalende woning is bijna geheel verbrand. Gelukkig bleek de dakisolatie goed brandbestendig, maar moest van binnenuit het dak worden open gezaagd om het vuur definitief te kunnen blussen. Brandweer deed onderzoek naar mogelijke oorzaak, maar zet daarbij wel een disclaimer: "De exacte oorzaak van de brand is niet meer te achterhalen; daarvoor is er te veel beschadigd". Er worden verschillende foto's getoond, van onherkenbare zonnepanelen, en van een kennelijk niet getroffen IP-67 junction-box (met verwijderd of gesmolten? kapje) van het label ZJRH (Renhe Photovoltaic Technology Co., Ltd., Xinpu Town, China), Wel suggereert "de" brandweer de volgende "opvallende punten":

(1) De afstand tussen de onderkant van de zonnepanelen en het dakbeschot was slechts 5 cm en de afstand tot de panlatten slechts 2,5 cm. Volgens de handleiding van de zonnepanelen moet er een minimale ruimte van 10 cm tussen het paneel en het dakbeschot zitten.

(2) Een monteur had eerder dat jaar een defect aangetroffen dat erg warm was; wel 100º Celsius. Volgens de montagehandleiding is de bekabeling bestand tegen een temperatuur van maximaal 85º Celsius en de connectoren tot 105º Celsius.

(3) De zonnepanelen hebben een TÜV-certificaat, maar ze staan niet (meer) in de database van TÜV-Rheinland.

Mbt punt 1: duidelijke installatiefout, tenzij modules expliciet vrijgegeven zijn voor dergelijke situaties (is onbekend, doch onwaarschijnlijk).

Mbt punt 2: niet duidelijk is wat het onderdeel ("defect") was, wat kennelijk 100 ºC is geweest. Dat kan namelijk ook een hotspot in een zonnecel zijn geweest. Dat zou op zich beslist zorgwekkend zijn. Wat ook onbesproken is: waaróm was die monteur daar - kennelijk met hitte detecterende IR camera ? Waren er al duidelijke aanwijzingen dat er iets mis was? Zo ja, wat was dat dan? Dat wordt helaas niet duidelijk uit het bericht.

Mbt punt 3: Er kunnen talloze oorzaken zijn voor het niet (meer) aanwezig zijn in het TÜV certificatie portal Certipedia.com, zoals verwoord in paragraaf 4.5 Restriction, Suspension, Expiration and Declaration of Invalidity of Certificates or Licenses and of the General Agreement, van de Testing and Certification Regulation op het TÜV product certification portal. Een mogelijke oorzaak is een niet meer verkochte product serie, zodat oude certificaten komen te vervallen. Deze zijn immers niet meer van toepassing te verklaren op nieuwe producten, die opnieuw getest moeten worden door TÜV. Veel fabrikanten laten dan de certificaten voor oudere series vervallen (er moet namelijk ook voor betaald worden). Zoals bekend, verschijnen er vrijwel jaarlijks nieuwe product series bij de meeste PV fabrikanten. Veel series zijn slechts een paar jaar te koop cq. "in circulatie". Ergo: dat is niet specifiek "een punt van zorg" m.b.t. het onderhavige geval, maar "een normale gang van zaken".

Op basis van hun bevindingen, stelt het portal als mogelijke oorzaak te kunnen stellen: "Door de zon en de (te) kleine afstand tussen de zonnepanelen en het dakbeschot (te weinig ventilatie) is de temperatuur hoog opgelopen. De combinatie van hoge energieproductie en hoge temperaturen en te weinig ventilatie heeft waarschijnlijk oververhitting van de aansluitkastjes of bekabeling veroorzaakt. Deze zijn zo heet geworden dat de panlatten vlam hebben gevat". Ik denk echter, dat dit beslist niet zo expliciet gesteld mag worden, de precieze oorzaak is helaas niet te achterhalen (wat op dezelfde pagina impliciet wordt toegegeven). Na vergelijking met reeds eerder gepubliceerde beelden door Polder PV, blijkt het onderzochte incident dat van een NOM woningblok in Melick (Limburg) te zijn geweest, brand in augustus 2015 (zie incident beschrijving in chronologische incidenten lijst verderop).

Zie ook het artikel in Solar Magazine (9 nov. 2018)


tot november 2018. Feiten en cijfers branden. Federatie Veilig Nederland (voorheen: Vebon-NOVB.nl), data beschikbaar tm. nov. 2018. Nuchtere cijfers die het aantal "branden in/op woningen met zonnepanelen" in het essentiële perspectief zetten. 64.427 (claims voor) woningbranden per jaar (eerdere cijfers hadden het zelfs nog over 80.582 resp. 103.657 woningbranden per jaar), 177 (eerder: 220, nog ouder: 283) brand claims gemiddeld per dag, 1 op 67 woningen wordt jaarlijks door brand getroffen (al langere tijd constant), 21 "fatale" woningbranden (22 dodelijke slachtoffers, dat was eerder nog 47 fatale branden). Primaire oorzaken van woningbranden: 33% door roken in huis, 30% door kortsluiting of een defect apparaat.

Aantal "meldingen" van brand in/op woningen met zonnepanelen 2018 bij Instituut Fysieke Veiligheid: 25 ... Zie ook het later verschenen artikel "2018 telt 33 doden bij woningbranden" op website Brandweer.nl (4 apr. 2019).


30 oktober 2018. Kamerbrief over reactie op artikel Holland Solar en RVO willen onderzoek naar brand door zonnepanelen. Ministerie EZK. Kamerbrief van Minister Wiebes aan vaste commissie voor Economische Zaken en Klimaat, over het verzoek van Holland Solar - via RVO - om onafhankelijk onderzoek naar de oorzaak / oorzaken van branden in/op panden met zonnepanelen van het afgelopen jaar (en eerder). Wiebes voegt inhoudelijk weinig toe aan wat we al weten, schermt met (standaard, vrij weinig zeggende) CE markering van installatie materialen en apparatuur, en wijst op de NEN1010 norm voor laagspannings-installaties. Hij stelt dat het aantal branden in/op panden met zonnepanelen beperkt is (wisten we al, zie bericht Veerman hier onder, 19 sep. 2018), en dat het "vertrouwen van burgers in (installatie van) zonnepanelen" in het geding zou kunnen komen. Daar zit wat in, maar dan zou ik eerder zwaar inzetten op een verplichte opleverings-keuring vóórdat een installatie verkocht mag worden aan een nieuwe eigenaar. Daarmee zou je al de nodige ellende kunnen afvangen (naar analogie van, bijvoorbeeld, de verplichte AREI keuring in België), en dat "vertrouwen" snel kunnen versterken. Solar Magazine wijdde er ook een bericht aan.


26 oktober 2018. Zonnepanelen bron van brand. Telegraaf. De krant van wakker Nederland kon natuurlijk niet achterblijven, en wijdde ook een stukske aan het (nogal opgeklopte) thema "brand en zonnepanelen". Maurice de Beer van de Veiligheidsregio Rotterdam Rijnmond wordt aangehaald over "het fenomeen", die, hoogst curieus, besluit met de mededeling dat sommige mensen kennelijk enkele dagen hun zonnepanelen "hoorden brommen" ... waarna er brand uitgebroken zou zijn ... Nogal vreemd fenomeen. Of het allemaal klopt, of dat er iets anders aan de hand is, laat ik, gezien de reputatie van de Telegraaf op het gebied van verslaggeving over duurzame energie in het midden.


3 oktober 2018. Brandgevaar van in-dak zonnepanelen. Bijdrage van managing director Paul de Jong van het in Kessel (Peel en Maas, L.) gevestigde BIPV bedrijf Solinso, op Linkedin pagina. Het bedrijf produceert langwerpige "zonnedakpannen" die in leistenen daken "ingebed" kunnen worden, of als volledig (waterkerend) dak geleverd kunnen worden, met een fraai esthetisch resultaat. Over mogelijke oorzaken van branden in BIPV installaties, en noodzakelijke punten van aandacht om lokale verhitting van systeem onderdelen te voorkomen. Vrij diep ingaand op enkele technische aspecten. De claim "nog geen branden in onze producten" is uiteraard geen garantie dat er nooit wat mis zal gaan. Echter, beslist goede insight in de materie.


26 september 2018. ’Minder branden door meer aandacht voor installatie zonnepanelen’. Haarlems Dagblad (link / url niet meer te vinden). O.a. met citaten van Hans Stoop van PV leverancier EnergieWonen (15.000 installaties geleverd, geen branden). "Brand komt bijna nooit door panelen, maar door hoe deze zijn aangelegd", en "Het is geen Ikea-kast die je in elkaar zet". Stoop verwijst o.a. naar het keurmerk Zonnekeur. Maar ook dat is geen 100 procent garantie dat er nooit wat mis kan gaan. Van een van de bedrijven met Zonnekeur weet ik dat een PV installatie niet lang nadat het was opgeleverd voor een hevige brand heeft gezorgd (exacte oorzaak helaas nog niet bekend).


20 september 2018. "Holland Solar en RVO willen onderzoek naar brand door zonnepanelen". Energeia, 20 september 2018 (pay-wall). Samenvattend artikel door Orla McDonald over initiatief van Holland Solar en RVO om onderzoek naar branden op panden met zonnepanelen te entameren. Polder PV's vroege tweet over de verhoogde risico's bij BIPV installaties (2 augustus 2018) is opgenomen in dit artikel.


september 2018. Nationaal onderzoek van start naar branden met zonnepanelen. Achtergrond artikel in Solar Magazine. Opgegeven aantal van slechts 6 "branden in woningen met zonnepanelen" is niet correct. Er zijn meer incidenten geweest (nog steeds echter: beperkt op totaal van branden), zie lijst verderop. Artikel elektronisch beschikbaar via de on-line versie, pp. 59-61.


19 september 2018 ff. Onderzoek brandrisico zonnepanelen eind dit jaar klaar. 19 september 2018, RTL Nieuws. Volgens het pers agentschap, wat nog steeds hardnekkig volhoudt "Er zijn dit jaar al 21 installaties in brand gevlogen", terwijl er tot nog toe door hen helemaal geen oorzakelijk bewijs is geleverd, of "verband tussen" is aangetoond, tussen "de branden" en "de aanwezigheid van zonnepanelen", citeert anonieme bronnen. Dat het al eerder door Holland Solar en UNETO-VNI aangekondigde onafhankelijke onderzoek eind dit jaar "klaar" zou moeten zijn. "De onderzoekers van TNO moeten ook gaan kijken wat de ervaringen zijn met branden met zonnepanelen in het buitenland. Verder wil Holland Solar weten welke bouwregels buiten Nederland worden toegepast en wat Nederland daarvan leren". Dan kan TNO alvast een aardige voorstudie gaan doen aan de hand van onderstaande waslijst links over "brand en zonnepanelen", die Polder PV als enige in Nederland al sedert augustus 2010 bijhoudt ...

Reactie op RTL Nieuws artikel over zonnepanelen: Zonnepanelen vormen geen extra risico bij brandveiligheid. Commentaar van co-founder Mobisolar, Niels Veerman, op het even verderop naar onderen gelinkte / kort besproken artikel en video van RTL Nieuws. Gepubliceerd op publieke domein van Linkedin. Veerman "relativeert" diverse uitlatingen in dat bericht, en accepteert dat er over risico's van zonnepanelen wordt gesproken. Maar vindt wel dat dit objectief gebracht moet worden, en "er niet altijd sprake is van een risico of dat dit risico te elimineren is". Hij stelt dat professionele installateurs altijd MC4 stekers gebruiken en "correct aansluiten". Echter, Duits vakblad Photon heeft in het verleden al meermalen laten zien, dat er ook (door talloze partijen), stekers en contrastekers "van type MC4", en separaat met TÜV of vergelijkbaar keurmerk, die niet van dezelfde fabrikant zijn, worden gebruikt. Photon heeft regelmatig weerstands-metingen bij diverse typen stekers/contrastekers gedaan, en daarbij af en toe problematische combinaties gevonden. Bij combinaties met hoge weerstanden zal het contact van de elektra geleidende componenten beslist niet optimaal zijn. Dat kan zich op den duur gaan wreken, en in het uiterste geval tot vonken, en resulterende vlambogen leiden. Zeker in BIPV situaties, kan dat al snel tot catastrofale gevolgen leiden, omdat alle kabels / connectoren vlak onder de panelen liggen, en bij problemen, dit al snel aantasting van (de tedlar onderfolie van de) panelen en/of van de ondergrond tot gevolg kan hebben. Dus zelfs al zijn beide stekers volledig gekeurd, het is geen garantie dat bij gebruik van verschillende merken, er een (door beider fabrikanten geaccepteerde) 100 procent optimale verbinding wordt gemaakt. Als er dan ook nog kabels in / bij de installatie "rondslingeren", niet vastgezet zijn, en er dus continu frictie in het verbond van steker/contrasteker zal zijn vanwege wind, kan dit zeker op termijn tot problemen leiden.

Veerman heeft het ook over de optie van het inzetten van optimizers, die de risico's op vlambogen zouden elimineren. Maar het is altijd duurder, en de grote vraag blijft natuurlijk: zijn die tot nog toe altijd gevrijwaard gebleven van brand en/of dergelijke problemen ? Een vergelijkbare vraag kan worden gesteld over systemen met micro-inverters. Niemand die het weet. Bij incident meldingen wordt er nooit over gesproken, waarschijnlijk omdat verslaggevers de (essentie van) ingezette techniek niet bevatten.
Veerman geeft terecht aan dat het aantal branden "in panden met zonnepanelen" (let wel: oorzaak brand <> zonnepanelen hoeft er helemaal niet te zijn geweest !!) wat RTL Nieuws opgeeft zeer beperkt is. Gerelateerd aan het aantal incidenten bekend in 2016 zou het cijfer van RTL ("21 branden in 2018" - wederom in situaties dat er zonnepanelen aanwezig waren, zonder aannemelijk bewijs dat die de daadwerkelijke oorzaak van de brand zijn geweest) slechts 0,012% van het aantal woningbranden in 2016 zijn geweest (103.657 volgens opgave Veerman).

Veerman besluit zijn betoog met "De video van RTL Nieuws zet mensen aan het denken over de risico’s van zonnepanelen maar geeft de indruk dat zonnepanelensystemen per definitie een risico vormen. Het is goed om mensen bewust te maken, maar er wordt een paniekerig beeld geschetst van een probleem dat in de praktijk meevalt. Met de juiste installateur en goede producten is er geen sprake van een vergroot risico op een woningbrand". Op het punt van mogelijk problematische connector gebruik (en installatie methodiek) na, kan ik me in die kwalificatie wel vinden. Branden en zonnepanelen blijven vervelend. Maar het is toch nog toe een zéér beperkt fenomeen. Al moet er beslist met zeer grote aandacht naar de mogelijke oorzaken van, met name, de BIPV systemen worden gekeken. Daar lijkt het té vaak fout te gaan. Onderzoek zal uit moeten wijzen wát er dan wel fout gaat in dergelijke, en bij andersoortige systemen.


19 september 2018. Berichten over brandgevaar zonnepanelen. (Via Vaktechnisch.nl; originele link naar Uneto VNI site niet meer voorhanden). N.a.v. alle commotie wordt nu ook eindelijk branche organisatie Uneto-VNI (per 1 jan. 2019 van naam veranderend > Techniek Nederland) wakker. Ze claimt "Het is voor consumenten én voor ons als branche belangrijk om vast te stellen wat de branden heeft veroorzaakt", en verwijst naar het al door Holland Solar aangehaalde "oriënterende onderzoek" naar de brand incidenten van afgelopen jaar (en, mogelijk, daarvoor). Verder stelt de branche organisatie "Bij onze leden dringen wij er nogmaals op aan om de regels te volgen voor het correct en veilig installeren van zonnepanelen". Maar ook "Overigens is het (nog) niet bekend of leden van UNETO-VNI betrokken zijn geweest bij de installaties die brand hebben veroorzaakt". De organisatie claimt dat er veel "nieuwe" aanbieders zijn, "lang niet allemaal lid van UNETO-VNI", maar het aantal nieuwe namen, het afgelopen jaar, is in de leveranciers-lijst van Polder PV beperkt. Het wáren er al zeer veel (zo'n 1.600). De organisatie verwijst naar gecertificeerde leden die zijn geregistreerd via het Qbis.nl register. Ze pleit ook al jaren voor een via NEN normen vastgelegde "APK keuring" voor installaties in / op huis, inclusief zonnepanelen. Ze vindt dat "woningcorporaties en woningeigenaren de installaties in huis regelmaat moeten laten controleren. Met de woning-APK kunnen we veel ongelukken voorkomen". Dat lijkt me in onderhavig geval echter met een kanon schieten op een mug, en een voor de gebouw eigenaar nogal duur kanon ook nog (niet vergeten dat hier een branche-organisaties spreekt, met specifieke belangen in deze materie). Ik herhaal hier mijn stellingname: voorál bij BIPV installaties lijken er zaken structureel fout te gaan, gezien de hier onder opgetekende incidenten, met name dit jaar (2018). De overgrote meerderheid van de (boven dakpannen / plat dak gemonteerde) PV installaties is zelden iets "ernstigs" mis mee (afgezien van mindere prestaties, bijvoorbeeld door beschaduwing). Eerst, top prioriteit, moeten de problemen met BIPV installaties worden aangepakt. Zie ook artikel "Opnieuw pleidooi voor APK-keuring na incidenten met brandende zonnepanelen" op Installatienet.nl (21 sep. 2018).


18 september 2018. Steeds meer branden door zonnepanelen: experts slaan alarm. RTL Nieuws. De redactie "inventariseerde alle branden met zonne-installaties in 2018" (12 huizen, 4 schuren, 3 bedrijfspanden, en zelfs "2 zonnepanelen parken"). Absoluut niet duidelijk wordt echter wat (a) de oorzaak van betreffende branden is geweest, en of die wellicht een totaal andere bron hadden dan de mogelijk "toevallig" aanwezige zonnepanelen, en (b) wat de omvang van schade is geweest (al dan niet herleidbaar tot "een fout" of "defect" bij zonnepanelen, bekabeling, of randapparatuur). Wel wordt het Instituut Fysieke Veiligheid geciteerd, "de situatie is ernstig, en het is nu 'alle hens aan dek'". Onduidelijk is hoe "erg" die situatie dan wel is, al worden terecht akelige voorbeelden van zonder meer slechte PV installaties getoond. Connectoren los in plassen liggend op een plat dak, DC bekabeling door een dak doorvoer met scherpe metalen randen. Er wordt ook een foto getoond van brandbaar materiaal wat tegen omvormers is aan gelegd. Dat heeft natuurlijk niets met "installatiefout" te maken, maar met pure domheid van de eigenaar van het gebouw of degene die de rommel daar heeft gedeponeerd. Er wordt in het artikel gesproken van "dramatisch slecht installatiewerk"en "bouw- en elektrotechnische regels worden niet nageleefd door installateurs bij het plaatsen van panelen". Aldus de teneur van de acht elektrotechnische- en branddeskundigen die RTL heeft ondervraagd. Waaronder een medewerker van het normalisatie instituut voor de bouw (NEN). Installatie inspecteur voor woning corps, Burghgraef, ziet bij 50% (!) van de inspecties fouten. In Nederland is een installatie keuring (bij de honderdduizenden particulieren) niet verplicht, in België wel (AREI keuring). Indak systemen worden, zoals al talloze malen vermeld door Polder PV, expliciet als zorgenkind benoemd. De niet met feiten ondersteunde opmerking dat er "nu meer dan 11 miljoen zonnepanelen in Nederland" zouden liggen is ook nogal bezijden de - waarschijnlijke - waarheid. (a) Niemand "telt" ze (behalve ondergetekende bij grotere projecten, indien daar fotomateriaal van is en er geen capaciteit opgave is gedaan). En (b). Middels onderbouwde berekeningen komt Polder PV voor eind september 2018 al op een volume wat richting de 15 miljoen exemplaren gaat. Een nogal fors verschil, dus ... Zie ook Installatiejournaal bijdrage van 19 sep. 2018.


18 september 2018. De gevaren van zonnepanelen, zo mijd je de risico's. RTL Nieuws. Korte video (2 minuten, 8 seconden). Beetje "over the top" aangezet, maar wel met enkele belangrijke punten om op te letten waar het de aankoop / controle / monitoring van zonnepanelen betreft. Het door mij al vele malen te berde gebrachte "hete" onderwerp (slecht sluitende) connectoren aan DC kabels van de PV generator komt ook langs, en, uiteraard, de niet makkelijk te doven DC vlamboog die kan ontstaan bij kabelbreuk en/of slechte connector verbindingen.


18 september 2018. Oriënterend onderzoek naar oorzaak branden op daken met zonnepanelen. Website Holland Solar. De branche organisatie Holland Solar lijkt eindelijk de smeekbeden van Polder PV "gehoord" te hebben. Er komt op hun initiatief een "oriënterend (onafhankelijk) onderzoek" naar oorzaken van branden bij / met zonnepanelen in Nederland, in opdracht van de Rijksdienst voor Ondernemend Nederland, RVO. "Het ziet er naar uit dat ECN, part of TNO, het onderzoek gaat uitvoeren". Holland Solar sluit niet uit dat er bij branden "andere oorzaken" dan aanwezige zonnepanelen kunnen zijn. Wat logisch is, er zijn immers inmiddels al bijna 600.000 PV systemen in ons land, dus elke nieuwe brand kan bij toeval uitbreken in een huis wat inmiddels ook al zonnepanelen heeft. Maar als ik ECN was zou ik een bovenmatig kritische blik gaan werpen op de categorie die het laatste jaar het meest frequent is getroffen: de "indak" / BIPV installaties. Kijk daarbij s.v.p. zeer goed naar de (aard van de) gebruikte kabel aansluitingen in / onder de generator. Ik ben benieuwd wat dat onderzoek voor inzichten zal gaan opleveren. Bovenop wat er in Duitsland allemaal al jaren lang boven tafel is gehaald.


17 april 2018. Zonnepanelen installeren: negen veelvoorkomende fouten. Installatiejournaal.nl. Veel gemaakte fouten bij installatie werkzaamheden met zonnepanelen. O.a. citaat van Gerrissen van SolarCare: "voor een optimale verbinding [moeten] bovendien beide connectordelen (‘male/female’) afkomstig zijn van dezelfde fabrikant. “En die connectoren moeten met speciaal gereedschap aangeknepen worden. Niet iedere pv-installateur is daar even precies in.”". Whitepaper te downloaden na afgifte van gegevens aanvrager / bedrijf.


2015. Installed base registration of decentralised solar panels with applications in crisis management. Ouder artikel over methodologie om met hulp van satellietfoto's reconstructie van de locatie van aanwezige zonnepanelen te maken. Met referentie naar belang voor o.a. brandweer ("waar staan de zonnepanelen in NL?"). Wordt nogal moeilijk in gedaan over gevaren (die behapbaar zijn), en wordt m.b.t. brand bestrijding in de nacht zelfs veel te zwaar aangezet. Zoals geformuleerd als "Also, when a calamity or fire has to be tackled during the evening or night time, the Fire Brigade uses bright spotlights which may influence the energy production of a PV panel installation". Gevaren op dit punt zijn, middels harde metingen van dergelijke spots in Duitsland, al lang naar het rijk der fabelen verwezen, zie artikel Polder PV van 24 januari 2011 (!). Conclusie artikel aan eind wel al wat afgevlakt, "In short, the risk for firefighters caused by installed PV panels on a building is present, but the recognition of this matter is still an open issue". Overigens is er, m.b.t. het kennelijk gewenste "nationale PV register" voor Nederland, 4 jaar later, nog niets van terecht gekomen, en is het voorlopig nog de vraag of iets dergelijks er wel zal komen. Publicatie: The International Archives of the Photogrammetry, Remote Sensing and Spatial Information Sciences, Volume XL-3/W3, 2015. ISPRS Geospatial Week 2015, 28 Sep – 03 Oct 2015, La Grande Motte, France.


Incidentenlijst

Deze is, gezien de omvang, eind juli 2022 verplaatst naar een aparte pagina in het Zonnepanelen en Brand dossier van Polder PV. Zie alhier.


Informatie vakpers

Duitsers - voormalig wereldkampioen zonnepanelen plaatsers - zijn al veel langer met het thema zonneapeneln en brand "beschäftigt", en benaderen het met prudentie en, uiteraard, goed geïnformeerd. Grundlich Deutsch, beter kunt u (en het NL journaille) het niet krijgen. Tijdschrift artikelen in archief bij Polder PV. Aangevuld met nieuwe informatie over preventie en oplossingen, o.a. uit Nederland.

Energietransitie: Zonne-energie. (2020) Sub-dossier Veilige Energietransitie van het Instituut Fysieke Veiligheid, IFV. Met links en publicaties.

Gefahren und Vorkehrungen beim Löschen von Hausbränden mit PV. 9 november 2020. Website Photovoltaik-web.de, geactualiseerd artikel over het thema "gevaren en voorzorgsmaatregelen bij het blussen van woning branden bij aanwezigheid van PV installaties". Duitstalig.

Brandweer oefent op zonnepanelen: ‘Geen gevaar voor elektrocutie’. Brabants Dagblad (3 oktober 2020). Brandweer te Uden onderzoekt brand-bestrijdings-aspecten bij branden op gebouwen met zonnepanelen. Twee thema's. Ten eerste, de benadering van de brandhaard, daarvoor vormen zonnepanelen op daken een extra probleem (bovenop bestaande installatie, dak zelf, etc.). Normaal gesproken worden de zonnepanelen met frame en al weggetrokken, om in de buurt van een brandhaard op / in het dak te komen. In acutue noodgevallen wordt teruggegrepen op zwaar geschut, een speciale ketttingzaag, een zogenaamde "Multicut". Een van de geïnterviewde brandweer mensen: "Die gaat door zo'n paneel als een mes door de peperkoek" (er wordt ook een voor zonnepaneel liefhebbers "gruwelijke foto" getoond, met een heterdaadje met zo'n martel instrument ...). Het tweede aspect is (vermeend) gevaar voor elektrocutie. Middels een teststaaf, die registreert of er een potentieel gevaarlijke stroom kan gaan lopen bij "kort"sluiting. Zodra de staaf de "gesloten" straal bluswater verlaat, en in het "sproei" gedeelte terechtkomt (een relatief kort stukje), loopt er geen stroom meer. Ergo: met een veilige afstand van een paar meter, en een brede sproeistraal, kunnen branden op gebouwen met deels verbrande / beschadigde PV-systemen veilig door de brandweer worden bestreden, met een sproeistraal.

Basaal onderzoek naar effect PV module afstand tot dak oppervlak op grote commerciële daken (horizontale opstelling, wordt vaak in USA gebruikt). Rond een afstand van 17-20 cm. lijkt een kritiek venster te beginnen, waarbij er een grote versnelling in uitbreiding van een beginnend brandje onder de modules plaatsvindt, met grote potentiële schade tot gevolg, zeker als er niet goed brandwerende dakbedekking is gebruikt. Bij grotere afstand is er weinig verschil met een "vrije" brand zonder boven gelegen PV veld, onder de 17 cm. "spouw" werkt deze als een versneller van het brand-front, vermoedelijk vanwege een soort tunnel effect. Experimentele set-up uitgebreid onderzocht in scriptie van Farah Faudzi van de Universiteit Gent/University of Edinburgh. Scriptie kreeg een prijs van Fire Safety Engineering (FSE). Scriptie download hier (Engelstalig).

Oudere publicaties

Bewertung des Brandrisikos in Photovoltaik-Anlagen und Erstellung von Sicherheitskonzepten zur Risikominimierung. Leitfaden. Maart 2015, 1e oplage. Zeer uitgebreide risico analyse studie naar veiligheid en brand bij PV systemen, en het minimaliseren van de risico's op brand. pdf, 308 pagina's. TÜV Rheinland Energie und Umwelt GmbH (met diverse andere meewerkende partijen, zoals ISE Fraunhofer). Duitstalig.

PV Fire hazard - Analysis and assessment of fire incidents. Laukamp H., et al. (2013). - 28th European Photovoltaic Solar Energy Conference and Exhibition - pp. 4304-4311.

Neuenstein, H., Welter, P. & Siemer, J. (2013). Besser als gar nichts. Die "Anwendungsregel" zur Gefahrenabwehr im Brandfall lässt viele Fragen offen. - Photon 11/2013: 54-55. Vraagtekens rond in maart 2013 in werking getreden VDE richtlijn om DC zijdig bij PV installaties (in Duitsland) meer zekerheden te krijgen over de veiligheid, en het voorkomen van brand bij dergelijke systemen. Duitstalig.

Kreutzmann, A. ( 2013). Eine von zehntausend. Die Branche kommt beim Brandschutz weiter - Treiber der Entwicklung sind die USA. - Photon 3/2013: 62-69. Uitgebreid artikel over statistieken brand bij PV installaties Duitsland, en ontwikkelingen om brand vroegtijdig te signaleren of in het geheel te voorkomen. Duitstalig.

Rutschmann, I. (2013). Augen auf! Montagefehler beschäftigen zunehmend die Solarbranche, aber Betreiber können Problemen vorbeugen. - Photon 1/2013: 56-65. Uitgebreid artikel over talloze vormen van montagefouten die in sommige gevallen zelfs tot brand zouden kunnen leiden. Diverse praktijk gevallen, ontdekt tijdens talloze inspecties. Duitstalig.

Siemer, J. & Krause, M.B. (2012). Umstrittene Verbindung. Der Teufel steckt im Detail, das gilt nicht zuletzt für scheinbar nebensächliche Steckverbinder. - Photon 9/2012: 62-66. September 2012. Zeer belangrijke test van (veiligheid van) een serie van 63 verschillende (DC) stekkers- en contra-stekkers in een praktijktest door het laboratorium van Photon. Getest werd op herhaalde trekkracht bestendigheid en isolatie. Gemeten werd o.a. de interne elektrische weerstand voor en na de testen, er zijn 8 deel kenmerken per type bepaald. Veel merken en - typen waren OK, maar er zijn ook problematische series vastgesteld. Conclusie: "Wenn Steckverbinder nicht richtig funktionieren, ist das im besten Fall nur ärgerlich. Im schlimmsten Fall resultiert daraus eine akute Brandgefahr". Artikel in een serie van test resultaten sedert het jaar 2007. Een eerder uitgebreide test werd gepubliceerd in het technische zuster tijdschrift van Photon, in 2010: Podewils, C. & Düpont, R. (2010). Alternative Kontakte. PHOTON Profi 9/2010: 8-40. En Düpont, R. & Podewils, C. (2010). Im Detail: Der Härtetest. Kräfte, Widerstand und Sicherheit: Wie das PHOTON-Labor die Solarsteckverbinder auf Herz und Nieren geprüft hat. - PHOTON Profi 9/2010: 42-54. Duitstalig.

PV Systems - A fire hazard? Myths and facts from German experience. Laukamp H., et al. (2012). - 27th European Photovoltaic Solar Energy Conference and Exhibition - pp. 3862-3867. Zie ook Power Point Presentatie.

http://www.pv-brandsicherheit.de. Uiteraard Duitse website waarop veel kennis over zonnepanelen en brand wordt samengebundeld. Bevat diverse gedetailleerde presentaties van PV-installatie inspecteurs, het verzekeringswezen, en natuurlijk van Fraunhofer ISE. De laatstgenoemde, presentatie van 3 april 2014, bevat inventarisatie van branden waarbij PV-systemen hetzij fysiek als oorzaak van een brand waren aan te wijzen in Duitsland (210), hetzij "in brand zijn geraakt door andere oorzaken die buiten het PV-systeem lagen (220, "Mit-brand" gevallen). Status 10 jan. 2013, met enkele incidenten uit 2013 en 2014 meegenomen, er stonden toen zo'n 1,3 miljoen PV-installaties in Duitsland (dus ordegrootte incidenten: grofweg 2 promille op totaal aantal installaties). Diverse tips ter voorkoming brand: (nog) betere installatie kwaliteit, en zeer gedegen opleiding installerend personeel...

Beneking, A. (2011). Kontrolliert kurzschließen. National Semiconductor umwirbt die Solarindustrie beim Brandschutz. - Photon 5/2011: 68-71. Mei 2011. Grote Amerikaanse halfgeleider fabrikant heeft totaal systeemconcept ontworpen om bij brand tot op module niveau de DC generator buiten werking te stellen en alle potentiële elektrische gevaren van een aanwezige PV-installatie uit te sluiten. Duitstalig.

Siekemeier, R. (2011). "Ich halte die Diskussion für völlig überzogen". - Sonne Wind & Wärme 7/2011 (5 mei 2011): 120-121. Interview met verzekerings-specialist Manfred Körber, al meer dan tien jaar verzekeringen afsluitend voor PV-systemen, die vindt dat alle mediaspektakel rond "zonnestroom installaties en [vermeende hoge] gevaren voor de brandweer" zwaar overtrokken is. Hij claimt dat in zijn tijd er nog nooit een hard bewijs is gevonden dat een PV-installatie de feitelijke oorzaak is geweest van branden. En hij stelt ook dat de hoogte van premies voor een brandverzekering van PV-installaties in Duitsland in acht jaar tijd nog maar op een derde ligt van het oorspronkelijke bedrag - trend dalend. Duitstalig.

Rutschmann, I. & Siemer, J. (2011). Unbequemes Erbe. Solarworld lässt nach dem brand eines Shell-Moduls wichtige Fragen unbeantwortet. - Photon 3/2011:144-145. Nadat eind 2010 door Photon gerapporteerd werd over delaminatie problemen bij sommige Shell Solar modules (kristallijne tak van sport overgenomen door het Duitse Solarworld), brandde een zo'n module op Texel af en bleek het om dergelijke panelen te gaan. Artikel gaat in op de wijze waarop Solarworld reageerde op de eerste probleemgevallen. Installatie op Texel is later volledig door Solarworld uitgewisseld. Duitstalig.

Beneking, A. (2011). Löschen mit Risiko. Die Feuerwehr fordert von der Solarbranche ein "Not-Aus" für Photovoltaikanlagen. - Photon 1/2011: 90-100. Uitgebreide update in het vakblad voor zonnestroom - oplossingsrichtingen voor fysieke schakelmogelijkheden voor de brandweer om PV-installaties bij incidenten op eenvoudige wijze uit te schakelen; "stroomschokken bij brand in nacht" kritisch tegen het licht gehouden. Duitstalig.

Deutscher Feuerwehrverband (Oktober 2010). Einsatz an Photovoltaikanlagen - Informationen für Einsatzkräfte von Feuerwehren und technischen Hilfsdiensten. Duitstalig.

Feuerwehr lässt Häuser mit Solardach abbrennen. Die Welt. 6 augustus 2020. Artikel met titel "Gefahr durch Stromschläge" gaat ook dieper in op de materie, met uiteraard de - destijds - absurd hard gegroeide wereldmarkt Duitsland als focus. Meest opmerkelijk: "Zuvor hatte ein Feuerwehrmann bei einem Brand eines Einfamilienhauses im nordrhein-westfälischen Rösrath durch die installierte Solaranlage einen so starken Stromschlag erlitten, dass er ins Krankenhaus eingeliefert werden musste"*. en "Das Licht der Scheinwerfer zu Einsatzstellenbeleuchtung lässt die Anlagen bereits Strom erzeugen." Die laatste komt van de Referent bij het Duitse Feuerwehrverband.

* Brandweer bleek niet op de hoogte van aanwezigheid PV-systeem (DC hoofdschakelaar niet uitgezet), en het slachtoffer had volgens een ander bericht een beschadigde stroomkabel over het hoofd gezien in de vol rook staande kelder ruimte. Een incident wat dus niet direct gerelateerd is aan het hoofdthema van de huidige problematiek: zonnepanelen op het dak kunnen onder spanning blijven staan, zelfs al is die hoofdschakelaar in huis uitgezet. De ploegleider beschouwde het incident als een inschattingsfout van de brandweer. Zie ook eerder verschenen artikel van 16 maart 2010 op de website van Wiwo.de.

Die Gefahr lauert auf dem Dach. 30 juli 2010. Forum discussie op bekende Duitstalige Photovoltaikforum.de, 9 pagina's reacties.

Hintergrundpapier zum Löschen von Gebäuden mit PV-Anlagen. Juli 2010. Standpunt van de Duitse brancheorganisatie BSW-Solar voor het blussen van gebouwen met zonnestroom genererende installaties. Organisatie werkt nauw samen met brandweerkorpsen en diverse overlegorganen om gezamenlijk zo correct mogelijke informatie over gewenste inzet van brandweer bij branden in panden met PV-systemen samen te stellen.

Fire Fighter Safety and Emergency Response for Solar Power Systems Final Report. Fire Protection Research Foundation (Quincy, Massachusetts), mei 2010. Uitvoerige, 93 pagina's grote publicatie van de over gevaren bij het blussen van branden op objecten met PV installaties, oplossingrichtingen, literatuur, etc. pdf, 2,98 MB. Oorspronkelijk op website NFPA.org, link verwijst naar kopie op website van het Nederlandse Instituut Fysieke Veiligheid, IFV.

Rutschmann, I. (maart 2010). Die Angst vor Feuer wächst. Unglück in Schwerinsdorf entfacht Frage nach Brandbekämpfung bei Solarstromanlagen neu. - Photon 3/2010: 134. Duitstalig.

Stromschlag durch PV-Anlagen z.B. bei Feuerwehreinsätzen. 21 februari 2010. Thread op het bekende Duitstalige Photovoltaikforum portal, met diiscussie over het thema "elektische schok bij blussen van brand a.g.v. PV installaties.

Handlungsempfehlungen Photovoltaikanlagen - Checkliste (2010). Protocol "wat te doen in het geval van schade aan zonnestroom installaties (incl. brand)". N.a.v. bevindingen van "Expertenkommission 'Brandbekämpfung und technische Hilfeleistung'". Duitstalig.

Dirks, H. (2010). Harmlos oder brandgefährlich?. - Sonne Wind & Wärme 16/2010: 112-113. (nieuwe beveiligings-standaarden overwogen voor installaties). Duitstalig.

Müller-Theiß, N. (2010). Solarstrom per Schalter ausknipsen. - Sonne Wind & Wärme 16/2010: 114-119. (nieuwe concepten om PV-installaties bij brand af te schakelen). Duitstalig.

Gefahren beim Löschen bei Gebäuden mit Photovoltaikanlage. November 2009. Zeer interessant Duits-talig artikel "Gefahren beim Löschen bei Gebäuden mit Photovoltaikanlage" op website van Brand-Feuer.de. Mogelijke gevaren bij het bussen van gebouwen met zonnestroom installaties. Duitstalig

Siemer, J. Spiel mit dem Feuer. Der Solarbranche droht ein Problem mit dem Brandschutz. - Photon nr. 8/2009 (augustus): 60-69. Uitgebreid artikel wat diep ingaat op deze complexe materie. Duitstalig.

http://www.feuerwehren-sg-ahlden.de/mediapool/43/439555/data/Schulungpraesentationen/Brand-_und_Hilfeleistungseinsaetze_an_Photovoltaikanlagen.ppt
Uitgebreide Duitstalige "handleiding" voor het thema "brand" en "zonnepanelen", in de vorm van een PowerPoint presentatie, al van eind 2008. Echter niet meer voorhanden in het publieke domein.

Wie mit Solaranlage / Photovoltaikanlage bei Feuer umgehen? 16 april 2007 ff. Forum discussie op Blaulicht-Cuxhaven.de site over hoe om te gaan met brandende gebouwen met zonnepanelen. Vijf pagina's reacties.

Brand bei Solaranlagen. 30 november 2008. Korte forum discussie op Photovoltaikforum.de. Duitstalig.

http://www.feuerwehr.muenchen.de/bd70ausb/b76downl/Vortrag_100315_pdf.pdf
Uitgebreide presentatie van de Kreisverwaltungsreferat van München, "Gefahr durch die Sonne?", met gedetailleerde documentatie en oplossingsrichtingen waaronder "Feurwehrschalters" voor zowel de AC zijde als per DC-string op het dak, en, heel interessant: veiligheidszekeringen die hetzij bij grote hitte zelf smelten en de verbindingen verbreken, of op eenvoudige wijze met een hamer zijn kapot te slaan. Niet meer publiek voorhanden. Duitstalig.

http://labs.ti.bfh.ch/fileadmin/user_upload/lab1/pv/publikationen/Sicherheit_PV-Anlagen-Wi-10-6F-pro-S.pdf Geen Duitse publicatie, maar Zwitsers. Echter wel extreem goed over de materie geïnformeerd, de beroemde Prof. Dr. Heinrich Häberlin van de Berliner Fachhochschule, laat gruwel foto's zien van brandschades in/op PV installaties, en geeft zeer gedetailleerd verklaringen en oplossingsrichtingen. (niet meer voorhanden)

Uit het hierboven aangehaalde Wiwo artikel, tot slot, ook nog deze belangrijke:

"“Um ganz sicher zu gehen, dass alles stromfrei ist, bräuchte man im Prinzip in jedem einzelnen Solarmodul einen Schalter, der automatisch reagiert, wenn der Wechselrichter ausgeschaltet wird”, erklärt Andreas Steinhüser, Projektleiter am Fraunhofer-Institut für Solare Energiesysteme. So eine Technik stehe im Moment aber noch nicht zur Verfügung. Zudem sei zweifelhaft, ob sie überhaupt zu finanzieren sei. “Das geht vielleicht noch bei einem Einfamilienhaus mit 20 bis 300 Modulen, aber nicht mehr bei einer Industriehalle mit Zehntausenden”, so Steinhüser."

© 16 maart 2010 Wiwo.de (deze link)

"“Om er zeker van te zijn, dat alles stroomvrij is, heeft men in principe per module een stroomschakelaar nodig, die automatisch reageert als de omvormer uitgeschakeld wordt”, legt Andreas Steinhüser, projectleider bij het Fraunhofer-Institut für Solare Energiesysteme uit. Zo'n techniek bestaat momenteel nog niet. Daarbij is het twijfelachtig, of zo'n schakeling überhaupt financierbaar zal blijken te zijn. “Dat kan bij een een-familiewoning met 20 tot 300 modules wellicht nog, maar niet meer bij een bedrijfshal met tienduizenden exemplaren”, aldus Steinhüser."

(vertaling en verantwoording: webmaster Polder PV)

 


Oplossingsrichtingen

Deze zijn niet in eerste instantie bedoeld voor brandpreventie, maar wel een potentieel aangrijpingspunt voor verdere technische oplossingen om stroomkringen "decentraal" te kunnen verbreken. Sommige oplossingen zijn alweer verouderd, en/of niet gecontinueerd, andere zijn aardig populair geworden, zoals de inzet van micro-inverters, en power-optimizers. De ontwikkelingen staan niet stil, er worden regelmatig zaken toegevoegd en/of anders opgelost.

Vlamboogdetectie

Arcostop (vlamboog detectie; wordt in NL o.a. verhandeld door Duramotion, zie artikel Solar Magazine)

GTV (Den Bosch) - Overspanningsbeveiliging zonnepanelen in eigen string boxen (ze ook SM artikel)

En verder

Conduct (PVshelter, montage frame voor brandveilige, overdekte opbouw omvormers op plat dak, om de hele DC keten "buiten het pand" te houden)

Conduct (FireRaptor, zowel handmatig als automatisch uitschakelen van DC verbindingen in PV installaties. "Elke FireRaptor bedient twee zonnepanelen en wordt achter de panelen geplaatst en bevestigd aan het montageframe van het paneel. De FireRaptor heeft een vermogen van 700W en is dus geschikt voor de meeste type zonnepanelen die momenteel op de markt verkrijgbaar zijn").

EHW Smart Power Box

Enecsys Micro Inverter

SolarEdge Power Optimizer

SolarMagic Power Optimizer (via Ecodirect)

Sunsniffer

e.a.

"Hors categorie", ontwikkeld door Australisch bedrijf, waarmee een polymeer film over de in brand staande, of nog intacte zonnepanelen wordt gesproeid, wat snel de licht doorval zou blokkeren, waarmee de DC spanning dramatisch vermindert. De uithardende polymeer film kan later eenvoudig van de panelen worden verwijderd, volgens de producent (alleen zinvol als het paneel in het geheel niet door hitte is beschadigd):

PVStop

Verzekering gespecialiseerd in solar

http://www.solarif.nl


Eerste uitgebreidere bericht over "brand en zonnepanelen" op de website van Polder PV

Artikel wat aan de basis lag van het gedetaileerd volgen van dit dossier, en het aanleggen van een "incidenten lijst", gepubliceerd in de time-line van het PV nieuws op Polder PV.

17 augustus 2010: Zomer"hoax" numero twee: brand en zonnepanelen

Het zat er natuurlijk aan te komen, maar blijkbaar is het - na de vorige zwaar overtrokken komkommer verhalen over "5% zonnepanelen defect" - weer tijd om paniek te zaaien over een technologie die sommige partijen in ons land als "bedreigend voor hun bestaan" zien (lees: zonnestroom). En dan mag er best wel eens van een mug een olifant gemaakt worden (het ultrakorte nogal suggestieve mini-itempje op het NOS Journaal van 16 augustus zal ik dan maar snel vergeten). Niet dat het persé de intentie van de nieuwste berichtgeving in onze nationale pers was, maar het zal genoemde "partijen" best wel goed uitkomen. Het gaat - uiteraard - over het fenomeen zonnepanelen. Nog steeds een totaal onbetekenende prutsmarkt in Nederland ondanks alle geronk erover. Polder PV berekende de status anno juli 2010: ongeveer 62,6 [CBS 2009] + 3,5 [maandrapporten CertiQ] = 66,1 MWp netgekoppeld voor 16,6 miljoen inwoners (nog steeds: het gros daarvan, 19,6 MWp, geplaatst in 2003). Een zeer povere prestatie van slechts 4,0 Wp/inwoner. Zeg maar: een paar zonnecellen van een "vooroorlogs" type per ingezetene, ga daar maar eens flink aan staan te blussen...

Want het ging natuurlijk in de berichtgeving over het zeer sporadisch gelijktijdige fenomeen brand. Een bekend verschijnsel voor Homo sapiens sinds hij/zij het vuur in de schoot geworpen kreeg door natuurlijke krachten, of, voor diegenen die van een meer mythologische insteek houden: dankzij die goeie ouwe Prometheus die het mysterieuze "spul" van de Goden jatte. Voor Nederlanders tot nog toe echter een zeldzame combinatie, vanwege de nog steeds zeer schaarse zonnepanelen, die ook nog eens in veel gevallen in de vorm van slechts enkele paneeltjes op het dak liggen. Het was blijkbaar zo'n "belangrijk item", dat ik gisteren maar liefst 22 e-mails "mocht" ontvangen over het hete onderwerp:


^^^
Screenshot van de waslijst e-mails die ik 16 augustus in de in-box van mijn mail-programma vond...

Dit laat onverlet dat het "thema" beslist niet onder het tapijt geveegd mag worden, en met name in landen met serieuze markten als Duitsland en, in mindere mate, België, is dit hete onderwerp al een paar jaar gespreksstof, met in het eerstgenoemde land (de wereldmarkt voor zonnestroom) al zeer serieuze industriële aanzetten om iets met dat "sticky" thema te gaan doen. Vooralsnog zijn er echter nog geen "doden" gevallen bij de bestrijding van vuur op de paar panden die met een dakvullend (on-Nederlands) PV-systeem waren bedekt. Er zijn wel heel veel meer veel ergere gevaren die onze de hemel in te prijzen brandweerlieden dagelijks bedreigen (en daar hoor je natuurlijk vrijwel niemand over).

Artikel NL Dagblad

Ik bespreek hieronder het artikel "Met de botte bijl naar de brand" in het Nederlands Dagblad van gisteren (maandag 16 augustus, zie ook het onderaan gelinkte, veel kortere abstract op internet). Het artikel verscheen n.a.v. een memo wat het Nederlands Instituut Fysieke Veiligheid (NIFV) verstuurd zou hebben naar brandweerkorpsen met "aanbevelingen" hoe te handelen in het (zeldzame) geval dat een Nederlands korps een brand in een pand met zonnepanelen moet bestrijden. Bij beschadiging van de zonnepanelen kan (overdag, en volgens sommige onbevestigde geruchten zelfs bij gebruik van grote schijnwerpers 's avonds) als er met water wordt geblust gevaar voor elektrocutie van de blussers ontstaan. Dat "risico" is zeker niet uitgesloten, maar dan moet er wel voorzichtig omgegaan worden met de vermeende omvang van dat "gevaar", en dient tegelijkertijd ook ingegaan te worden op wat er kan worden gedaan om dat te helpen verminderen.

Polder PV behandelt enkele uitspraken in dat artikel van Koos van Wees.

"Zonnepanelen leveren ieder afzonderlijk 12 of 24 volt gelijkstroom. Dat is op zich niet gevaarlijk. Maar voor een beetje opbrengst moet een aantal panelen aaneen worden gekoppeld. In die gevallen wordt al snel de 120 volt gelijkstroom overschreden, die volgens het NIFV gelijk staat aan levensgevaar."

Hier wordt voorbij gegaan aan het feit dat er nog steeds een hoop niet en wel gerenoveerde systemen zijn in Nederland waar alle modules parallel zijn gekoppeld met OK4 omvormers, zoals al ruim tien jaar het geval is bij het (gerenoveerde) systeem van Polder PV. Meestal zijn dat modules met een nominaal STC vermogen van rond de 100 Wp, die onder optimale omstandigheden een bedrijfs-spanning hebben tussen de 35 en 40 Volt DC (grafiek 29 april 2007), meer niet. Ook wordt voorbijgegaan aan het feit dat veel huishoudens later slechts kleine, apart aan het net gekoppelde setjes hebben gekocht van vaak iets van 6 modules, met daar aan bijvoorbeeld 2 Steca 300 omvormers en twee "strings", of een Steca 500 exemplaar met een string. Deze omvormers hebben maximale ingangsbereiken van 135 tot 230 Volt DC spanning. Een DC spanning die echter onder de meeste omstandigheden veel lager zal zijn, omdat zonnestroom systemen zelden langdurig op hun maximaal haalbare prestaties functioneren. Ik zeg niet dat er helemaal geen "risico's" zijn. Ik stel dat die "risico's" klein zullen zijn in de meeste gevallen, al blijft het altijd oppassen met gelijkstroom. Een leven zonder risico's is onmogelijk, en ook met oliebronnen, kolenmijnen, uraniummijnen en zelfs met "ultrasafe" geachte kernsplijters kan iets misgaan, en gaat er daarmee ook regelmatig iets flink mis, met soms zeer ernstige gevolgen. Over de tonnen aan giftige stoffen die de door de NOS recent de hemel in geprezen nieuwe kolencentrales in de Eemshaven de lucht in blazen horen we de media erg weinig. Dat is een 24 uur per dag, 365 dagen per jaar durende verzwegen aanslag op de mensheid waar die paar brandjes op huizen met een paar zonnepaneeltjes bij verbleken. Hoogste tijd dat "de media" daar zeeeeeer uitvoerig aandacht aan gaan besteden, de Telegraaf incluis.

"De NIFV heeft inmiddels een aanbeveling laten uitgaan om bij brand met zonnepanelen de kabels aan de panelen door te knippen met geïsoleerd gereedschap. Dat is de enige mogelijkheid om veilig te werken, meent het instituut."

Bizarre suggestie. Om meerdere redenen. Uit de stroom aan e-mails die ik vandaag ontving, blijkt namelijk uit betrouwbare bron (partner van iemand die bij het NIFV werkt) dat men "intern bezig is aan onderzoek voor het opstellen van een protocol". Dat klinkt toch wel heel wat anders als het slecht gedocumenteerde geschreeuw in de nationale pers als "een aanbeveling laten uitgaan". De pers doet ook op dit vlak het huiswerk nog steeds erg slecht, zoals gebruikelijk.

Ten tweede, en dat is veel erger, als deze "suggestie" al gedaan zou zijn, dan is dit wel zeer beperkt toepasbaar. Want een groot deel van de zonnepanelen ligt op dakhaken op schuine daken, en er is zeker in een chaotische en dynamische situatie als bij "een" brand (verder niet gedefinieerd wat voor "type" brand) helemaal geen tijd om bij dat soort systemen te gaan zitten prutsen onder de modules, die dicht bij de dakpannen zijn gemonteerd. De meeste DC kabels zijn in zo'n situatie namelijk nauwelijks fysiek te bereiken, omdat de modules vaak tegen elkaar aan zijn geschoven. Die DC kabels zijn "ergens" onder dat module vlak op diverse, niet gemarkeerde plekken met elkaar verbonden, en de uiteindelijke stringkabels zijn "ergens" onder een dakpan door via een geboord gat naar binnen geleid, wederom meestal nergens gemarkeerd. Zonder met grof geweld de opbouwconstructies (met zwaar gereedschap op een hoge ladder) te slopen, is in veel situaties niet eens op eenvoudige wijze bij die bekabeling te komen. En dan kan de brandweer dus nog steeds niks. Ook als ze binnen bij de door het dak gevoerde stringbekabeling kan komen. Zelfs als ze die zouden doorknippen (als ze d'r bij kunnen komen verstandiger natuurlijk: stekkers uit het stopcontact), dan nog geldt het volgende. Zolang er meerdere modules in serie via DC kabels zijn doorverbonden op het dak, zeker als dat er een fors aantal zijn, kan zelfs bij een al dan niet met grof geweld "met geïsoleerd gereedschap doorgeknipte serie stringkabels" binnen in huis, niet voorkomen worden dat er op dat dak nog steeds modules onder spanning kunnen staan als niet alle onderlinge verbindende DC bekabeling is/wordt doorgeknipt. Als de modules door de brand al zijn beschadigd kunnen ze dus in combinatie met water tot potentiële risico's blijven leiden. Ik voorspel u dat in een noodsituatie als een brand er helemaal geen tijd zal zijn om al die onder de module velden liggende kabels door te knippen, zeker niet bij grote dakinstallaties. Zelfs al zouden de risico's "beperkt" zijn doordat in ieder geval grote modulevelden "in stukken zouden zijn gehakt" op cruciale punten, er blijft een risico op schokken, en dat wil je geen een al dan niet "vrijwillige" brandweerman of -vrouw in een riskante context als een (hellend) dak op een brandend gebouw aandoen. Ergo: het gesuggereerde "middel" is beslist geen universele "oplossing". Als er al een "onacceptabel" probleem zou zijn. En dat moet nog maar worden bezien, het zal ook afhankelijk zijn van de specifieke situatie hoe groot de risico's zullen blijken te zijn.

"Ook zouden de panelen kunnen ontploffen."

Dat is er typisch eentje voor de categorie: afvoeren (wordt later in het artikel dan ook zelf al naar het rijk der fabelen verwezen, maar de pest is juist dat die onzin wel in het artikel wordt geplempt...). Ik zou me eerder zorgen maken over de voorraad nagellak remover, benzine, terpentine, de gaskraan, en nog zo wat meer van dat soort levensgevaarlijke, hoog-explosieve goedjes in een willekeurig huishouden.

"Volgens een woordvoerder van Ubbink BV, producent van zonnepanelen, is het gevaar geweken zodra bij brand de elektriciteit wordt uitgeschakeld via de hoofdknop in de meterkast..."

??? Tweeledige opmerking. Ten eerste produceert Ubbink Solar Modules (als dat bedrijf wordt bedoeld) sinds de vestiging in Doesburg door de Duitse eigenaar Centrosolar gesloten werd geen modules meer in Nederland, voor zover de kennis van Polder PV reikt. Wel is van Laarhoven met een geheel eigen bedrijf doorgestart, en dat heet Solar Modules Nederland**, gevestigd in het Limburgse Kerkrade (paar maal van naam gewijzigd). Ten tweede staat er ALTIJD spanning aan de DC zijde van de PV generator, zodra er zonlicht op schijnt. Daar helpt echt geen AC noch een DC "Freischalter" in de meterkast of elders in de woning tegen. Ik hoop dat de geïnterviewde verkeerd is geciteerd door het ND...

"Gerard van Amerongen, voorzitter van de brancheorganisatie van leveranciers en producenten van zonnepanelen Holland Solar, vindt dat het gevaar wordt overdreven. “Als er veel rook is bij de brand is er ook nauwelijks stroom via de panelen”."

Ook hier hoop ik dat de voorzitter van de brancheorganisatie verkeerd is geciteerd. Want ik zou niet graag in zijn schoenen staan als bij een brand met rookontwikkeling het bij het eerste het beste briesje voorkomt (en dat gebeurt natuurlijk gegarandeerd), dat die "rook" opzij wordt geblazen, en de PV generator (weer) volop in het zonlicht komt te liggen. Dan wil je als blussende brandweerman vast wel een gezonde afstand tot die generator nemen, zeker als deze door de brand is beschadigd, forse rookontwikkeling of niet...

"Consensus over het blussen van dit soort branden is er nog niet. Ze komen ook heel weinig voor."

Aldus Beckman, manager van de Brandweeracademie. En zo is het maar net. De professional geeft al aan dat er voorlopig nog niet zoveel aan de hand is. En met het slakkentempo van de uitbouw van PV in NEEderland, zal dat ook voorlopig wel zo blijven. Daarover doet het ND trouwens in een apart kader nog wat uitspraken, ik ga daar in het hier op volgende artikeltje verder op in.

Reactie

N.a.v. de commotie een relativerend bericht van een lezer van Polder PV:

"Na het NOS journaal (16 aug.) wist ik effen niet meer waar ik het zoeken moest. “Brandweer kan geëlektrokuteerd worden door zonnepanelen”. Een volgende stap in het Saboteer DE programma dacht ik meteen. Ik ben overigens 54 en nog nooit verdacht van paranoia. Dus toch maar even m'n pa gebeld die 25 jaar lid was van de vrijwillige brandweer en zijn hele werkzame leven installateur was. Wat hij ervan dacht dat er zou gebeuren als er 120 Volt aan de andere kant van de waterstraal geraakt zou worden, en of ze ook altijd wel bij een huisbrand eerst de hoofdschakelaar omzetten alvorens te gaan blussen.

Nou ten eerste hebben ze altijd rubber laarzen aan en meestal ook handschoenen, dus het zou sowieso al geen probleem zijn. Als brandweer loop je zonder meer al veel meer gevaar op explosies van gassen, giftige dampen, te hoge hitte of instortingsgevaar, etc. Natuurlijk moeten de risico's zoveel mogelijk beperkt worden, maar om dan zo'n relatief klein detail zoooooo uit te meten in de landelijke pers... Daar kan het komkommersyndroom alleen niet verantwoordelijk voor gehouden worden. Wat is toch dat NIFV wat achter deze ophef zit? Is dat een afdeling van EZ misschien, ha ha.

Dus even Polder PV raadplegen, maar nog geen reactie. Dat neem ik je zeker niet kwalijk hoor, ik vind het toch al een wonder dat je erin slaagt zo enorm veel waardevolle informatie te verschaffen. Misschien ga ik daarvan nog wat gebruiken om te reageren in de krant hier, die ook een bijna paginagroot artikel wijdde aan deze onthutsende materie (Gelderlander). Ook hiervoor bij voorbaat dank."

Van weer een andere lezer:

"Tja, hier heb ik altijd voor gewaarschuwd.
Dit is de reden dat ik destijds de doe het zelf systemen verplicht met een DC-gevoelige aardlek heb laten uitvoeren."

M.a.w.: wel degelijk een potje zout bij de (weer over waaiende) Nationale Hysterie rond "brand en zonnepanelen". Maar tegelijkertijd ook zeer kritisch blijven waar het alle toepassingen van gelijkstroom betreft. Er zijn niet voor niets reeds diverse bedrijven bezig om te kijken of er een niet al te dure "ingreep" in de junction-box van [nieuwe] zonnepanelen mogelijk is waarmee in het geval van brand middels een elektronisch signaal alle contacten tussen de modules onderling verbroken zouden kunnen worden. Het ligt in de bedoeling dat de modules zichzelf dan gaan "kortsluiten" waardoor alle potentiële risico's voor brandweerlieden tot het absolute minimum worden beperkt. Dat heet: toekomstgerichte bedrijfsfilosofie. Ook al zijn deze initiatieven er primair niet op gericht om genoemde problemen te voorkomen, de zogenaamde "power optimizers" zoals SolarMagic Power Optimizer, EHW Smart Power Box en de SolarEdge Powerbox zijn in principe in staat om op module vlak "aan te grijpen" in de gewenste denkrichting. Op Intersolar 2010 in München waren nog meer initiatieven rond AC-module achtige concepten te vinden, of controle "in de junction box", die ook aangrijpingspunten kunnen bieden voor het volledig spanningsloos maken van alle modules in een PV-array. Photon organiseerde in augustus van 2009 zelfs een speciale workshop "Solar on fire" in Aachen. M.a.w.: de industrie is aan zet, en alle slecht onderbouwde hysterie over "brand en zonnepanelen" dient ook in dat licht beschouwd te worden.

^^^
Een van de voorgestelde oplossingsrichtingen voor het "automatisch" of met de hand verbreken van potentieel gevaar opleverende decentrale stroomkringen op daken: zekeringen die smelten bij hoge temperaturen, of die op eenvoudige wijze met een hamer kapot geslagen kunnen worden Met een sterk gereduceerde kans op - typisch voor DC stroom - lichtbogen, via een ingebouwd veermechanisme wat de beide aansluitpunten in tegenovergestelde richtingen uit elkaar drukt.

Bron: © Thiem/Huber uit Kreisverwaltungsrat München pdf (niet meer publiekelijk beschikbaar)

** 31 mei 2015 failliet verklaard.

Berichtgeving en bronnen, n.a.v. eerste artikel van 17 augustus 2010

Branden in 2008. Brandweerstatistiek CBS op Nationaalbrandweerdocumentatiecentrum.nl website. Deze is in revisie (artikel pdf niet meer te raadplegen). 45.400 branden in Nederland, in 2008. Daarvan 14.400 stuks binnenbrand en 1.900 schoorsteenbrand (rest niet gebouw- of opstal gerelateerde buitenbranden!), dus max. 16.300 te relateren aan gebouwen. Er waren in dat jaar 97 doden te betreuren waarvan 3 brandweerlieden. Zonnepanelen als mogelijke oorzaak of gevolg worden nergens genoemd.


Aantal huishoudens in 2008 (CBS): 7.242.202 stuks.
Verhouding aantal gebouw-gerelateerde ("binnen") branden per huishouden gemiddeld in 2008 (incl. bedrijfsbranden): 16.300/7.242.202 = 0,23%.

Aantal huishoudens is begin 2020 toegenomen naar 7.997.800 volgens het CBS

Aantal gecertificeerde zonnestroom systemen in 2008 CertiQ: 740. Jaaroverzicht niet meer op website CertiQ terug te vinden, wel in archief Polder PV.

Polder PV schatting maximum aantal meestal (zeer) kleine zonnestroomsystemen in 2008 in Nederland (grotendeels nergens geregistreerd, beslist niet "gecertificeerd"): 30.000 stuks.
Kans op brand bij 30.000 "huishoudens" met meestal kleine PV-installaties: 0,23% x 30.000 = 68 theoretische branden/brandjes in 2008. Echter, 82% van die "binnenbranden" kan al door de eerste brandweer eenheid worden bedwongen en blijft dus beperkt in omvang (2008: 14.400 "binnenbranden", waarvan 11.800 "klein"). Ergo: de eventuele "risico's" blijven zeer beperkt, de meeste branden bereiken het dak niet eens.

Bronnen

Gathering of Tweakers discussies rond het thema "blussen" (keyword search in Duurzame Energie deel 17)

"Zonnepanelen gevaarlijk voor brandweer". Augustus 2010, zowel audio als video fragment, niet meer direct bij NOS te vinden (oorspronkelijke link audio, resp. video), zie ook bericht in Trouw, 16 augustus 2010. Geluidsfragment bevatte een interview met Jans Weges van NIFV over de [potentiële] risico's bij de bestrijding van branden in panden met zonnepanelen op het dak, het videofragment uit het NOS Journaal duurde slechts 21 seconden, en was veel te kort om de complexe materie uit te leggen. Dat had in deze vorm dan ook nooit zo hetzerig gebracht mogen worden.

https://www.ifv.nl/ Website van het Nederlands Instituut Fysieke Veiligheid (voorheen nifv.nl), waarop echter i.t.t. de merkwaardige suggesties van diverse persorganen destijds (augustus 2010) beslist geen persbericht o.i.d. is te vinden over het nieuwste rimpeltje in de PV-onzin vijver. Jeroen Haringman had de NIFV in de zomer van 2010 aan de lijn en die bevestigde wat er al werd vermoed, dat de commotie weer de zoveelste "storm in een glas water" betrof. Tja. Komkommertijd, nog steeds.

In Nederland is n.a.v. een Handreiking "Brandweeroptreden nabij elektriciteit" publicatie van maart 2015 een aparte bijlage (J) opgenomen in het Handboek HBze Zonne-energie. Bouwkundige- en installatietechnische richtlijnen voor zonne-energiesystemen van ISSO. Dit, naar aanleiding van een tweet van Rob van Bergen van ISSO, dd. 4 juni 2018 (en reacties daar op).

Ook in België groeiende onrust, maar kalme autoriteiten die protocollen gaan opstellen. Op 17 augustus 2010 was er een uitzending bij De Redactie.be, het journaal op de Vlaamse TV. De video van die uitzending is helaas niet meer publiek beschikbaar (oorspronkelijke link werkt niet meer). Getoond werd o.a. een brandend huis met zonnepanelen in Gistel, Vlaanderen, en een plan van aanpak van het Kenniscentrum Civiele Veiligheid van Binnenlandse Zaken werd gepresenteerd (zie ook screenshot van die uitzending hieronder).

^^^
Screendump van korte video reportage op Journaal van DeRedactie.be van 17 augustus 2010 met licht brandend huis (rookontwikkeling en al forse schade aan de dakstoel) in Gistel, Vlaanderen, België. Met o.a. een brandweerman die wel de thermische zonnecollector kon bereiken met de brandspuit, maar die niet in de buurt kon komen van de fotovoltaïsche zonnepanelen.

© 2010 DeRedactie.be, link naar video fragment niet meer beschikbaar

 

Polder PV - latere berichten

Skip de maan, en breng voldoende schijnwerpers mee... (24 januari 2011, de "mythe" van gevaarlijk maanlicht en/of licht van vlammen tijdens brand op daken met PV installaties op Deutsch-grundliche wijze doorgeprikt)

Berichten/reacties (incl. België)


Hevige brand bij dochterbedrijf van Katoen Natie: zonnepanelen ontploft. 25 mei 2018, GVA.be. Brand in loods van Katoen Natie dochter bedrijf J-Tec Material Handling (Lieven Gevaertstraat in de KMO-zone Vloeiende van Kapellen, Vlaanderen), legt pand vrijwel geheel in as, incl. de forse PV generator met bijna 700 panelen op het platte dak. Brand ontstond 's nachts, geen oorzakelijk verband met aanwezigheid zonnepanelen.

Zonnepanelen zetten dak van school in Bree in brand. 4 juni 2017, HLN.be. Brand op dak Sint-Augustinuscollege te Bree, Vlaanderen, B. Geclaimd wordt dat zonnepanelen oorzaak zouden zijn, waarna isolatiemateriaal van dak in brand zou zijn gegaan (?). Oorzaak wordt echter onderzocht, dus nog geen zekerheden.

Brandverzekering pv installatie. 3 maart 2011 ff. Archief Zonstraalforum. De Belgen zijn al langer met het thema bezig, niet gek, want hun markt is destijds extreem hard gegroeid, i.t.t. de Nederlandse. Talloze andere entries door "brand" in het zoekvenster van dit lang actieve forum te typen. Forum is vernieuwd, en heeft een andere stek gekregen.

Zonnecellen gevaarlijk bij brand. 2011, De Telegraaf. Oorspronkelijke url niet meer publiek voorhanden. Uiteraard besteedde de "spreekbuis van NEEderland" er ook aandacht aan, en snapte de correspondent niet dat een zonnepaneel niet "oplaadt", maar continu stroom kan blijven produceren als er [genoeg] licht op valt en er een gesloten stroomkring is. Een zonnestroompaneel is geen accu. Ik moet ook het eerste zonnestroom systeem nog ontdekken wat een "dodelijke stroomstoot" zou kunnen genereren uit het licht van vlammen, typische uit de duim zuigerij van de Telegraaf journalist...

Help, brand ! 16 augustus 2010. Reactie van Berend Wagenvoort van Herberg PV: "Nederlandse brandweerkorpsen gaan nu dus protocollen opstellen voor branden waarbij zonnestroominstallaties in het spel zijn. Heel verstandig, aangezien er ook in Nederland steeds meer zonnepanelen geïnstalleerd worden. Maar om daar nou zo’n ophef over te maken…"

Brandweer onder stroom: gerecycled nieuws. 16 augustus 2010. Reactie van destijds nog actief blogger Jeroen Haringman op het "komkommer" nieuws. Via webarchive (website is opgeheven).

Zonnepanelen vormen gevaar voor brandweer. 16 augustus 2010. Reactie van blogger Niels Thijssen "Renewable Energy Now" op het nieuws.

http://www.zonnepanelen.wouterlood.com. Collega Floris Wouterlood publiceerde destijds ook op 16 augustus 2010 een - nogal voorbarige - reactie op zijn veel gelezen blog (alleen zijn de berichten voor december 2013 niet meer te vinden): "De enige brand ooit waarbij zonnepanelen waren betrokken was die van het Oceanium (Blijdorp) op 26 juli 2007". Vetdruk van webmaster van Polder PV. Nou, dan zou ik toch maar iets beter Googelen, hooggeschatte collega, zie de oude én de vele nieuwe gevallen in de lange lijst op deze webpagina ...

Brand ! 16 augustus 2010. Website archief Zonnestroom Producenten Vereniging (ZPV). Deze belangen vereniging voor zonnestroom bij met name particulieren maakt zich er wat mij betreft iets te makkelijk van af...

Energeia berichtte ook op 17 augustus 2010 (pay-wall). Een stuk genuanceerder dan andere media, o.a. kort vraaggesprek met de heer Schruijer van NIFV.


Oorspronkelijk gepubliceerd artikel op 17 augustus 2010, onderaan. Hieraan continu nieuwe links toegevoegd onderaan dat artikel, tm. 2020. Begin december 2020 is alle informatie verplaatst naar de huidige nieuwe, speciale pagina "brand en zonnepanelen". Daarbij zijn alle links nagekeken, eventueel aangepast, van alternatieve links voorzien naar nog bestaande webarchive of google-cache pagina's, of, indien het origineel niet meer terug gevonden kon worden, is de link verwijderd (en in sommige gevallen de verwijzing naar het verouderde artikel). Status bij (her)publicatie: 11 december 2020, waarna nieuwe items zijn toegevoegd. Eind juli 2022 is de forse "incidentenlijst" verplaatst naar een aparte pagina, alhier.

Updates en aanvullingen: Gepubliceerd op 18 dec. 2020, 11 februari 2020 (Thialf), 11 februari 2020 (brandtest keramische coating Enschede). 10 maart 2021 (Bouwspecial Brandveiligheid). 29 maart 2022 Onderzoek brandveiligheid PV daken BouwTotaal.nl. Juni 2022 Nieuw onderzoek naar brandveiligheid e.d. "InVeZo".

 

 
 
 
© 2010-2022 Peter J. Segaar/Polder PV, Leiden (NL)
^
TOP